vonder kop
vonder kop

Voormalige schuurkerk, G463

Op basis van het boek Geschiedenis van het Bisdom 's Hertogenbosch van 1872[1] en het boek 'Aasten mi z'n groten toren' van Henk Berkers en Harry Verdijsseldonck ter ere van het 100-jarige bestaan van de Heilige Maria Presentatiekerk te Asten, is een reconstructie van de pastoors van Asten gemaakt en aangevuld met rechterlijke archiefstukken en krantenartikelen. Tot 1648 gebruikten de pastoors de oude kerk, van 1648 tot 1798 maakten ze gebruik van een schuurkerk, van 1798 tot 1898 weer de oude kerk en vanaf 1898 de nieuwe kerk. Hieronder een overzicht van de pastoors van Asten over de periode 1274 tot 1980:

Periode Pastoor Geboorteplaats en datum Overlijdensplaats en datum Locatie
1274-1301 Gerardus van Binderen 18-11-1301 Oude kerk; G589
1301-1306 Henricus van Yssenhout 19-10-1326
1306-1360 Joannes
1360-1389 Arnoldus
1389-1400 Yewannus
1400-1411 Gerardus Darys
1411-1427 Willem van Hersel
1427-1464 Johannes Godefridus van Asten
1436-1450 Godefridus Dicbier 31-12-1450
1451-1459 Joannes van Hoijbergen 21-12-1481
1459-1487 Thomas van Atrecht
1487-1496 Godefridus Jans van Asten
1497-1499 Simon Sampeyn
1499-1510 Petrus Sachet
1510-1536 Martinus Boem
1536-1541 Franciscus Bane
1541-1553 Nicolaas Damant
1553-1562 Petrus Damant
1547-1567 Henricus van Bree ±1567
1567-1570 Petrus van den Eijnde
1570-1581 Theodericus Joannes de Ruth ±1581
1581-1591 Franciscus de Ruth ±1591
1591-1592 Gerardus Borkers
1592-1595 Theodericus de Zeilbergh
1595-1597 Jacobus Barleus de Roy
1597-1631 Thomas Stricken Asten 14-12-1631
1631-1632 Joannes Loonen
1632-1635 Henricus Vervoordeldonck
1635-1636 Franciscus Verdonschot
1636-1637 Hubertus Neefs Antwerpen ±1600 ±1668
1637-1648 Joannes Timmermans ±1657
1648-1657 Schuurkerk; G463
1657-1675 Henricus van de Cruys Oisterwijk ±1620 Asten 13-02-1675
1675-1704 Joannes van de Cruys Asten ±1624 Asten 16-01-1704
1704-1743 Franciscus van de Cruys Asten 24-03-1674 Asten 28-01-1743
1745-1748 Johannes Beckers Megen 14-03-1675 Budel 26-10-1748
1748-1789 Petrus Aerts Bladel 02-06-1716 Asten 31-12-1789
1790-1798 Wilhelmus van Asten Lierop 11-05-1744 Asten 20-05-1819
1798-1819 Oude kerk; G589
1819-1863 Bartholomeus Kemps Leende 02-04-1787 Asten 12-05-1863
1863-1893 Lambertus Johannes van de Mortel Eindhoven 05-05-1817 Asten 25-06-1893
1893-1898 Johannes Wilhelmus Smits Gemert 17-09-1843 Asten 20-02-1905
1898-1905 Nieuwe kerk; G1856
1905-1927 Bartholomeus Theodorus Moussault Alkmaar 10-04-1861 Asten 07-07-1927
1927-1944 Henricus Wilhelmus Meijer Nijmegen 30-08-1878 Asten 06-10-1944
1944-1960 Theodorus Johannes Andreas van Hout Eindhoven 27-12-1901 Asten 14-12-1980

Joannes Timmermans, 1648-1657

Joannes Timmermans was als kannunik van Boxtel van 1630-1632 pastoor van Gemonde, waarbij hij ook het Sint Antoniusaltaar van Maren bediende. Hij verzocht bisschop Ophovius al in 1630 om pastoor te mogen worden in Son, maar werd dat pas in 1632. Joannes Timmermans wordt niet genoemd in het archief van het bisdom van 's Hertogenbosch, maar op basis van onderstaande archiefstukken is hij enige tijd pastoor in Asten geweest:

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 17-02-1638:
Aandracht van Pauwels Colen contra Jan Jacobs. Getuigenverhoor onder eede van Jan Jan de Snijer, 40 jaar en Jenneke Cocx, 67 jaar.
Te vragen of het niet waar is dat, na het afbranden van aanleggers huis, besmet met de pest, Margriet toen, in nood van sterven haar kerkelijke rechten ontvangen heeft en voor de pastoor gedisponeerd heeft de reparatie en vergoeding van de geleden schade door de brand. En dat jullie, met twee andere, die nu overleden zijn, daarvan op 26-08-1636 getuige zijn geweest. Dat de pastoor, Margriets wil en begeerte in presentie van haar, voor U met luide stem opriep en voorlas. Welke wil of acte jullie, ook besmet zijnde met de pest, toen niet hebt kunnen of mogen tekenen?
Jan Jan de Snijer verklaart het eens te zijn met de aandracht en daarbij te persisteren. Hij voegt er aan toe, dat Margriet hem ook nog gevraagd heeft wat hij wilde hebben voor de aan hem toegebrachte schade. Waarop hij heeft geantwoord dat zij elkaar nog wel eens zouden spreken als zij weer gezond was. En dat Margriet groot leetwesen en misbaer thoonde, well drye off vier continuelijck daegen lanck.
Jenneke Cocx weet zeer goed dat de pastoor, in de ziekte van Marie van Bussel, bij haar huis is geweest om een testament te schrijven. Zij weet ook dat de pastoor haar yet wilde zeggen, maar dat zij quaelijck horende niet heeft kunnen verstaan. Ook heeft zij niets begrepen van wat in de aendracht staat.

Asten Rechterlijk Archief 75 folio 138 verso; 30-06-1641:
Tussen Meester Mathijs van den Hove, schout, en Anthonis Canters, president, is verschil gerezen terzake van woorden door de schout tegen Anthonis betreffende beschrijfbrieven en executies door soldaten van de rentmeester der Geestelijke goederen, Peter Schuyl, gedaan aan Bonaventura van den Hove, broeder van de schout. Jan Timmermans, pastoor te Asten, bemiddeld. Het verschil is ontstaan ten huize van Goyaert Michielssen te Helmont.

Asten Rechterlijk Archief 75 folio 208; 11-02-1643:
Willem Joost Goris verkoopt aan Heer Joannes Timmermans, pastoor te Asten en Goyaert Peter Bruystens, secretaris te Vlierden, als collecteurs van een beurs, gesticht door wijlen Heer Hendrick van der Weyden, in leven pastoor op de Grote Begijnhoff, te 's Hertogenbosch en ten behoeve van deze beurs een cijns van ƒ 425,- à 5%. Onderpand een hooibeemd te Astappen 3 lopense, gekomen van de schout en jaarlijks rijdende tegen de andere geerfden in dezelfde beemd; hooibeemd in de Spleet te Astappen tussen de Aa's; land 2 lopense naast Anthonis Canters, uitschietende op de 1e bempt; huis, hof, schuur, schop te Astappen.

Asten Rechterlijk Archief 146; 16-11-1651:
Rekening, bewijs en reliqua gedaan door Michiel Jacops van de Cruys, Willem Joosten en Wilbort Daendels als momboiren van Goortien, onmondige zoon van wijlen Peter Peters van Haubraken alias Peter Peter Poelmans. Jan Tymmermans, pastoor, te Asten, heeft namens Goyaert Peter Poelmans betaling gehad van 2½ cop + ¼e cop en alnog van ½vat rogge per jaar over 1642 tot en met 1645.

In het Katholyk Meyerysch Memorieboek van 1819^2] lezen we dat de katholieken van Asten na de vrede van Munster in 1648 hun kerk aan de gereformeerden kwijtraakten (zie [Voormalige kerk, G589). De katholieken van Asten hadden samen met die van Someren hun Kerkschuur op de grond van Oostenrijks Gelderland onder Weert. Bij deze kerkschuur werd een hut of kleine herberg opgericht, die in 1819 nog aanwezig was.

Joannes Timmermans is rond 1657 overleden.

Henricus van de Cruys, 1657-1675

Henricus van de Cruys, ook bekend als Henricus van Gorcum, is geboren te Oisterwijk rond 1620. In de tijd dat hij pastoor was konden inboorlingen in die vervolgingstijd de grootste diensten bewijzen. Henricus van de Cruijs noemt zich volgens het kerkarchief van Asten in januari 1675 vice-decanus, plaatsvervangend deken, van het district Helmond. In het archief weet Franske Jansen nog dat Henricus van de Cruys dankzij een studiebeurs van haar familie voor priester heeft kunnen studeren:

Asten Rechterlijk Archief 113 folio 124 verso; 23-09-1713:
Franske Jansen, getrouwd met Jan Hickxpors, schepen, 72 jaar, verklaart ter instantie van Hendrick Tho Poel, als schoonvader van Jan Spoorenberg verwekt bij Elske van de Cruys, dat het haar zeer wel kennelijck is dat haer ouders zaliger geboortigh en woonagtigh geweest binnen den dorpe van Lierop, wesende haren vader, Jan Hermens en hare moeder, Heylke van den Eynden. Dat haar moeder een van de naaste bloedvrienden van de Heer Cannonick van den Eynden is geweest en dat uit dien hoofde, haar neef Andries Janssen van den Eynden, gerechtigd is geweest tot een beurs of benificia door de Heer Cannonick van den Eynden gesticht. Zij, deponente, weet ook dat de Heeren Hendrick van de Cruys en Johannes van de Cruys, in hun leven pastoors te Asten als bloedverwanten van Heer Cannonick van den Eynden de beurs hebben getrokken. Zoals laatstelijk ook nog Antony van de Cruys, lector, te Mechelen, als bloedverwant, deze beurs heeft getrokken.

Henricus van de Cruys is te Asten op 13-02-1675 overleden en hieronder zijn begraafakte:

01

Joannes van de Cruys, 1675-1704

Joannes van de Cruys is geboren te Asten rond 1624 als zoon van Michiel Jacobs van de Cruys en Yken Canters. In 1697 melden de kerkmeesters dat het onderhoud van de muur om het kerkhof niet op kosten van de gemeente Asten komt:

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 108; 14-06-1697:
Wij, Marcellus Martens en Jan Dircx, kerkmeesters, verklaren ter instantie van de regeerders van Geldorp dat de chingel ofte muyr die welcke om den kerckhof van Asten leyt, van oude tijden herwaerts is onderhouden ende gerepareert ende noch daegelijcx onderhouden ende gerepareert wort bij de kerckmeesters der parochiekercke van Asten. En niet ten laste van de gemeente Asten komt.

Het doopregister van Someren vermeldt op 14 maart 1695 abusievelijk Joannes van Eijnde als pastoor van Asten. In het archief van Asten worden na zijn overlijden zijn goederen verdeeld:

Asten Rechterlijk Archief 10 folio 156 verso; 07-03-1704:
Maria van de Cruys, Franciscus van de Cruys, Hendrick Tho poell getrouwd met Elske van de Cruys, Jan van Rooy, getrouwd met Goverdyn van de Cruys, Christina van de Cruys, Antony, zoon van Antony van de Cruys absent zijnde voor deze Hendrick Tho poell, Hendrick Canters en Hendrick Knippenbergh als geëde momboiren van de zes onmondige kinderen van wijlen Jacob van de Cruys en Agnes Knippenbergh, Johan, ook zoon van Jacob van de Cruys en Margaretha Swinckels in eerste huwelijk, Hendrick Horckmans, Frans Hoefnagel getrouwd met Sophia Horckmans, Catarina Horckmans, weduwe Bastiaen Verhoeven, alle drie kinderen van wijlen Cornelis Horckmans en Josina van de Cruys. Allen nichten en neven van wijlen de Heer Johan van de Cruys, zijnde de naaste erfgenamen. Zij delen diens nagelaten goederen ƒ 2860,- en huis en hof, in zijn heggen, waar Johan van de Cruys is overleden.

Joannes van de Cruys is op 16-01-1704 te Asten overleden en hieronder zijn begraafakte:

02

Franciscus van de Cruijs, 1704-1743

Franciscus van de Cruijs is geboren te Asten 24-03-1674 als zoon van Anton Michiel Jacobs van de Cruys en Marie Aert Fransen Verryt. In drie artikelen in de krant de Zuid-Willemsvaart van
17-01-1907, 02-02-1907 en 16-02-1907 verhaalt Piet Hamilton over een voorval rond 1730 tussen de protestantse schepenen en pastoor Franciscus van de Cruys:

03

04

05

Ook in het rechterlijk archief van Asten komen we bovenstaand verhaal tegen en zoals hieronder is te zien nog meer problemen met geld:

Asten Rechterlijk Archief 117 folio 12; 24-09-1732:
Marten Marten Andriessen, oud collecteur de Gemene Middelen, verklaart ter instantie van Jan van Hooff en Jan Verhoysen, Peter van de Vorst en Bendert Vervordeldonck dat hij, deponent, door Francis van de Cruys, Roomsch Katholiek pastoor, te Asten, is aangesteld geweest tot kerkmeester en dat hij vijf of zes jaren de collecte heeft helpen doen in het Rooms kerkhuis. Hij is daarna door de pastoor afgezet, zonder dat hem ooit om een rekening is gevraagd. Veel minder heeft hij rekening gedaan, dit omdat hij nooit geld onder zich heeft gehad, doch dit meteen na de collecte afdroeg. Zonder ooit geweten te hebben hoeveel off hoeweenich dit jaarlijks beliep.

Franciscus van de Cruys had ook nog bezit in Vlierden:

Franciscus van de Cruys erfde een huis en aangelag, land en groes op de Beersdonck te Vlierden, alles voor 3⁄4e deel. Het andere 1⁄4e deel behoorde toe aan Elisabet weduwe Hendrick Bogaerts. Antonis Jan Peters was de gebruiker. Op 5 februari 1732 verkocht Franciscus van de Cruys deze boerderij aan Jan, zoon van Jan van Bree. Het betreft een huis, schuur en aangelag, gelegen op de Beersdonck, groot 10 lopense, ene zijde Jan Mooren, andere zijde Jan Tonis, ene einde de gemene gronden, andere einde de Aa.

Bij zijn overlijden vaceerde het vicariaat van 's-Hertogenbosch en de kapelaan van Asten was weldra zijnen pastoor in het graf gevolgd, waarom het deservitorschap tot 1745 door de kapelaan van Deurne is waargenomen, waartoe volgens Coppens een bijzondere toelating der Staten vereist werd. Franciscus van de Cruijs is te Asten op 28-01-1743 overleden en hieronder zijn begraafakte:

06

Franciscus van de Cruys had geen testament opgesteld en zijn erfenis moet worden verdeeld:

Asten Rechterlijk Archief 15 folio 152; 01-02-1743:
Gezien het request van Arnoldus Tho Poel, schepen, te Venroy, dat, op 28-01-1743, is overleden de Heer Francis van de Cruys, pastoor, te Asten, zonder testament na te laten. Door dit overlijden is de Heer Antoni Tho Poel, zoon van Hendrik Tho Poel en Elske van de Cruys, zijnde suppliants halve broeder, voor ¼e deel erfgenaam geworden van Franciscus van de Cruys. Omdat Anthoni Tho Poel sedert enige jaren zijn zinnen niet machtig is, doch innocent, zodanig dat hij telkens in stilte is zwervende, reizende en weglopende zonder dat men weet waar hij zich bevindt. Omdat de Costuymen van 's Hertogenbosch titel 16 artikel 20 statueren dat vader en moeder aflijvig worden, nalatende sotte offte uytsinnige kinderen, de vrienden schuldig sijn hetselve aan de wet te kennen te geven. Titel 17 artikelen 2 en 13 zeggen nog dat die kinderen moeten zijn en blijven voorzien van een momboir. Vanwege de grote erfenis die gade geslagen en geadministreerd moet worden stelt suppliant voor om tot momboiren aan te stellen Michiel van de Cruys, president schepen, alhier en Jan Verhoysen.

Johannes Beckers, 1745-1748

Het is te betreuren dat het rijk archief van ons bisdom na Ophovius een grote leemte openlaat. In het archief van Asten vinden we wel een aanwijzing van Johannes Beckers als pastoor van Asten:

Asten Rechterlijk Archief 30 folio 40 verso; 12-06-1747:
Verhoor van Maria Jan Paulus, weduwe Jan Peter Smits, Johanna Smits, weduwe Paulus Hoefnagels, Marten Hendriks en Josyn Hendriks. Maria Jan Paulus en Johanna Smits verklaren dat hen niet bekend is of hebben horen zeggen dat de Rooms pastoor, Johannes Berkers, in 1747 gezegd heeft dat hij voor Nieuwjaar eerstkomende op de Pastorie, waar nu predikant Albers woont, zou wonen. Marten Hendriks heeft het voorverhaalde nooit tegen de Heer Cotshausen gezegd. Josyn Hendriks heeft het nooit tegen Gabriel van Swanenberg gezegd. Maria Jan Paulus en Johanna Smits verklaren onder presentatie van eede. Marten Hendriks en Josyn Hendriks verklaren onder aflegging van eede.

Johannes Beckers is op 26-10-1748 te Budel overleden en hieronder zijn begraafakte:

07

Wel lezen we in het archief van de Raad van State dat Petrus Aerts als opvolger van Johannes Beckers is benoemd:

Resoluties Raad van State 1703-1748, folio 485; 18-11-1748:
Rekest van Petrus Aerts kapelaan te Leende in kwartier Peelland die zijn zending heeft ontvangen als pastoor te Asten in plaats en vanwege het overlijden van Johannes Beckers, die om een akte van admissie verzoekt en aangezien hij voldoet aan de eisen gesteld in de resolutie van 19-07-1730 wordt hem die admissie verleend mits hij de verklaring ondertekent die in een speciaal register ter secretarie van de raad wordt bewaard.

Petrus Aerts, 1748-1789

Petrus Aerts is geboren op 02-06-1716 te Bladel als zoon van Reijnerus Aerts en Anna Jan Cuijlen. Hij was in 1741 kapelaan te Leende en in 1748 pastoor van Asten. Volgens het archief van Asten koopt hij in 1749 een huis:

Asten Rechterlijk Archief 96 folio 234 verso; 24-03-1749:
Michiel van de Cruys verkoopt aan Peter Aarts, pastoor huis en hof met een akker daaraan in het Dorp 2 lopense, ene zijde de pad, andere zijde Jan Jan Paulus, ene einde de weg, andere einde Jan Jan Smits. Koopsom ƒ 450,-.

De zus van pastoor Petrus Aaerts schenkt hem een obligatie en woont bij hem in:

Asten Rechterlijk Archief 96 folio 254 verso; 12-06-1752:
Het Corpus van Asten is schuldig aan Maria Aarts weduwe Theodorus Loyens ƒ 200,- à 2½% om daarmede af te lossen aan Gijsbert de Louwere, te Sint Oedenrode obligatie de dato 29-03-1712 nummer 43. Marge 19-03-1772 gelost aan Petrus Aarts, pastoor.

Asten Rechterlijk Archief 120 folio 81 verso; 23-11-1752:
Maria Reynier Aarts weduwe Theodorus Loyens, in leven president schepen, te Liemde wonende ten huize van de Heer Petrus Aarts, Rooms pastoor, alhier, testeert.
Alle voorgaande makingen vervallen. Haar enige erfgenaam wordt Dorotea, haar dochter. Indien deze komt te overlijden zonder kind(eren) na te laten dan wordt voornoemde Petrus Aarts, Catarina Aarts weduwe Jan Helseman, te Bladel, als broeder en zuster alsmede Jan Monen getrouwd met Johanna Aarts, ook haar zuster, te Gestel, haar erfgenamen ieder voor 1⁄3e deel. Uitgezonderd wordt het leengoet hetwelk geerft zal worden de leenrechten ten waare haar testatrices voornoemde dogter daarover mogte kome te disponeeren. Testatrice verklaart nog dat bij testament met wijlen haar man de dato 06-04-1749, te Liemde, door hem voorgesteld is Petrus Aarts en Jan Monen te benoemen als voogden over hun toen nog minderjarige dochter. Zij krijgen bij deze alle volmachten om haar, testatrices, goederen na haar overlijden ten bate van haar dochter te aanvaarden. De voogdij zal duren tot haar dochter de mondige leeftijd zal hebben bereikt of tot huwelijk is gekomen.

Pastoor Petrus Aerts koopt een heiveld bij de molen:

Asten Rechterlijk Archief 97 folio 43 verso; 09-05-1754:
Jacobus van de Cruys verkoopt aan Petrus Aarts, pastoor heiveld het Meule eeusel, 3 lopense, Zijnde dit gedeelte achter in het veld aan de erven van Baron van Leefdaal en strekkende tot in het zelfde veld dat afgestoken is. Verponding ƒ 0-5-0 per jaar. Koopsom ƒ 17-10-0.

Petrus Aerts bewoont het huis naast de kerkschuur, die hier wordt getaxeerd:

Asten Rechterlijk Archief 121 folio 133; 29-04-1760:
Schepenen van Asten verklaren ter instantie van de Heer Petrus Aarts, Rooms pastoor, alhier, dat deze eigenaar is van een huis en hof, naast het Kerkehuis. Welk huis deze tot zijn comoditeyt heeft vernieuwd en bij hem in bewoning en gebruik is.
De Roomse Kerkschuur, te Asten, 13 roede, Oost en Zuid de straten, West en Noord de erven van Petrus Aarts. De waarde van de Kerkschuur bedraagt ƒ 900,-. Opgemaakt door Petrus Aarts, Rooms pastoor, Hendrik Berkers en Peter van Bussel, kerkmeesters.

Pastoor Petrus Aerts moet als getuige optreden bij een erfenis:

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 31-10-1767:
Jan Meulendijks getrouwd met Catharina Frans Lambers mede voor de onmondige kinderen van Joost Kuypers getrouwd geweest met Maria Frans Lambers, Johanna weduwe Martinus Frans Lambers als moeder van hun onmondige kinderen, Jan Metten getrouwd met Maria Coninks mede voor Frans en Catharina Coninks kinderen van Johanna Frans Lambers en Francis Coninks. Allen erfgenamen en ab intestato representanten van wijlen Lijneke Frans Lambers aanleggers contra Hendrik Coopmans, gedaagde. Aanleggers zeggen:
Dat gedaagde aan Heer Petrus Aarts, Rooms Pastor, alhier, in de ziekte van Lijneke Frans Lambers heeft beleden dat hij voor vuur, licht, woning, enzovoorts van haar te pretenderen had tien ducaten. Dat Lijneke doodelijk ziek zijnde aan Heer Ludovicus van de Mortel, Rooms Cappelaan, alhier, de obligatie van ƒ 150,- heeft vertoond en gedeclareerd. Dat er een accoord gemaakt was tussen Lijneke en gedaagde op ƒ 40,-. Dat gedaagde na doode en overlijden van voorschreven Lijneke Frans Lambers, zijn datestabele baatzugt tragtende te coloreeren aan voornoemde Heer Pastoor heeft voorgebragt. Aanleggers wijzen het verweer van gedaagde af als zijnde, ongegrond, inpertinent, copieus en irrelevant.
Volgt nog een verklaring van Petrus Aarts, Rooms Pastor en Ludovicus van de Mortel, Rooms Cappellaan voor schepenen van Asten ter instantie van de erfgenamen.
Petrus Aarts, pastoor en Ludovicus van de Mortel, cappellaan, te Asten verklaren ter requisitie van de erfgenamen van wijlen Lijneke Frans Lambers, dat hij, eerste comparant, enige tijd geleden, toen Lijneke Frans Lambers ziek was door Johanna Frans Lambers, de nicht van Lijneke is geroepen om eens, ten huize van Hendrik Coopmans, bij Lijneke voorschreven te komen. Dat toen hij daar was Lijneke tegen hem gezegd heeft dat Hendrik Coopmans een pretentie ten laste van haar maakte wegens, vuur, licht, woning enzovoorts. Dat Hendrik Coopmans een en ander bevestigde en zei dat hij tien ducaten pretendeerde. Hij, comparant, heeft hem aangeraden te accorderen en is vertrokken. Vervolgens is Hendrik Coopmans, enige tijd nadat Lijneke was overleden, gekomen bij hem, eerste comparant, zeggende dat Lijneke Frans Lambers, de obligatie die zij ten laste van hem, Hendrik Coopmans, had, aan hem gemaakt had om daarmee de kosten van de uitvaart en verdere begeerten te voldoen. Waarop hij, eerste comparant, tegen Hendrik Coopmans heeft gezegd: "Dat zijn Uw affairens niet, gij zijt geen erfgenaam en geeft die obligatie aan de erfgenamen die dese toekomt" en verder dat hij, Hendrik Coopmans, maar vertrekken kon. De tweede comparant verklaart dat hij ten tijde dat Lijneke Frans Lambers geheel doodelijk ziek was ten huize van Hendrik Coopmans bij haar is gekomen en dat Lijneke hem de obligatie van ƒ 150,- en die ten laste van Hendrik Coopmans was, heeft laten zien zeggende: "Die veertig guldens wilde hij, Hendrik Coopmans, daaraf hebben maar het is nu gedaan, ik ben met hem geaccordeert".

Petrus Aaerts verkoopt zijn huis, maar het blijft wel bij hem in bewoning:

Asten Rechterlijk Archief 99 folio 264; 21-02-1774:
Petrus Aarts, pastoor, verkoopt aan Peter van Bussel en Jan Berkers, als kerkmeesters van de Roomsche Gemeente huis, stal, hof etcetera aan het Roomsche Kerkehuys 2 lopense, ene zijde de voetpad, andere zijde Antoni Timmermans, ene einde Margo Smits, andere einde de Kerk en de weg. Taxatie van het huis en hof van Heer Petrus Aarts. Waarde huis, stal, hof en boomgaard gelegen aan het Kerkehuys 2 lopense ƒ 1300,-. Koopsom ƒ 1300,-. De koop wordt gedaan, na request van de kerkmeesters en toestemming bij Hare Hoge Mogendheden resolutie de dato 18-11-1773. De woning blijft dienen als woonplaats van de verkoper. Verkoper aangekomen bij transport de dato 24-03-1749.

Aan pastoor Petrus Aerts wordt de vraag gesteld hoe de achternamen in het doopregister worden vermeld. Hij antwoordt dat het in die gebruikelijk was om alleen de namen van het kind, diens vader en soms van diens grootvader te noemen:

Asten Rechterlijk Archief 124 folio 66; 27-05-1775:
Petrus Aarts, Rooms pastoor, te Asten, verklaart ter instantie van Peter Andries Janse van Bussel en Willem van Deursen getrouwd met Anna Maria Bosbremers, dochter van wijlen Jenneke van Bussel en Jacobus Bosbremers, te Helmond. Dat hij de doopregisters heeft onderzocht en bevonden dat aan de dopelingen in vroeger tijden merendeels geen toe- of bijnamen tijdens de doop werden toegevoegd. Maar dat in plaats daarvan aan de dopelingen alleen de voornaam van hun vader of vader en grootvader zijn en werden gegeven. En dat van de toe- of bijnamen van de laatstgemelde opzichtelijk tot den doop van hun kinderen of kleinkinderen doorgaans geen mentie in de voorschreven doopregisters is gemaakt. De bijnaam van Bussel is volgens de vroegere gewoonte achter- of daargelaten.

Petrus Aerts verkoopt aan Petrus Oomen een stuk bos en een visvijver:

Asten Rechterlijk Archief 100 folio 209; 20-02-1782:
Petrus Aarts, pastoor, verkoopt aan Peter Ommen, te Venroy heiveld het Meuleneuzel, zijnde nu bos 3 lopense; heiveld 38 roeden zijnde nu een visvijver, gekomen van de gemeente bij transport de dato 04-07-1768. Koopsom ƒ 50,-.

Petrus Aerts sluit met Petrus Oomen, pastoor te Venray een overeenkomst om zijn nalatenschap te delen:

Asten Rechterlijk Archief 126 folio 230 verso; 02-12-1789:
Petrus Aarts, landdeken van het district Helmondt en pastoor te Asten doet zijn testament de dato
10-08-1782 dood ende teniet. Petrus Aarts, landdeken van het district Helmondt en pastoor te Asten en Petrus Oomen, pastoor te Venray. Zij hebben in de minne geregeld hun onderlinge pretenties en schulden.

Petrus Aerts werd in 1781 deken van het dekenaat Helmond en is op 31-12-1789 te Asten overleden. Hieronder zijn begraafakte:

08

Wilhelmus van Asten, 1790-1798

Wilhelmus van Asten is geboren te Lierop op 11-05-1744 als zoon van Laurentius van Asten en Johanna Willems van Moorsel. Wilhelmus van Asten kreeg in 1790 zijn overplaatsing van Valkenswaard naar Asten. Van Peeter Oomen, die met de vorige pastoor Petrus Aerts de erfenis had geregeld, koopt Willem van Asten de visvijver:

Asten Rechterlijk Archief 165 folio 65 verso; 03-05-1790:
Taxatie van de onroerende goederen van Peeter Oomen, te Venroy, hetwelk heden bij donatie zal worden overgedragen aan Heer Willem van Asten, Rooms Pastoor, alhier. Waarde Nieuwe Erve nu een visvijver aan den Astense Dijk 38 roeden ƒ 25-00-00.
Peeter Oomen, te Venrooy, in Pruysisch Gelderland, verkoopt aan Heer Willem van Asten, Roomsch pastor, te Asten land Nieuwe Erve thans een visvijver aan den Astensen Dijk 38 roeden. Verponding ƒ 0-2-0 per jaar. Bij gerechtelijke taxatie ƒ 25-00-00. Bij artikel 5 der ordonnance 24-12-1695 de 40e penning moet worden betaald.

Willem van Asten ontvangt een donatie bij een erfenis:

Asten Rechterlijk Archief 129 folio 119; 20-05-1799:
Cicilia Peter Franse van de Meulendijk, ziek, testeert. Alle voorgaande testamenten vervallen. Haar erfgenamen worden en Armen van Asten voor de helft, Thomas Verhuysen en Francis Verkuylen met zijn verdere broers en zusters, welke comparante niet weet te noemen. En dit onder de volgende bepaling dat de ƒ 50,- diewelke van Jan Philips van Hout moet ontvangen zullen worden uitgereikt aan Willem van Asten, pastoor, alhier.

Bij onwettig geboren kinderen wordt het doopboek van de kerk betrokken om de notitie van de mogelijke vader uit de mond van de vroedvrouw te horen:

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 10-06-1805:
Extractum ex registra baptizatorum Romano Catholica Communitatis de Asten in quo habitur ut signitur. Anno millisimo octingentesima quintodie nona mensis Magi. Baptizata est Joanna filia illegitima Joanna Maria Henrici Roymans et ut mater in partu obstitrici declaravit Joannis Joannis Verberne. Succeptores Arnoldus Petri Aerts et Maria Petri Peters. Concordat cum suo originali quod attestor Gaspar van Maasackers sacell. Ex speciale commissione eed. Domi W. van Asten pastoris.

Uittreksel uit het doopregister van de rooms-katholieke kerk van de Astense gemeenschap. In het jaar 1805 op de 20e dag van de maand mei is gedoopt Johanna onwettige dochter van Johanna Maria Henrici Roymans die tijdens de geboorte aan de vroedvrouw beweerde dat Joannes Joannes Verberne de vader is. Getuigen Arnold Peter Aerts en Maria Peter Peters. Ik bevestig dat zij instemmen met het origineel Gaspar van Maasackers kapelaan. Wilhelmus van Asten pastoor.

Willem van Asten verkoopt de oude pastorie aan de gereformeerden:

Asten Rechterlijk Archief 106 folio 133 verso; 11-03-1807:
Willem van Asten, pastoir, Willem Berkers, Martinus van Bussel, Johannes Knaapen en Marcelis van Bussel, als kerkmeesters van Asten, verkopen aan C. Jansen, predikant, geassisteerd met Leendert van Riet, Hendrik van den Bosch en Abraham van Nouhuys, als gecommitteerden van de Gereformeerde Gemeente van Asten een huis, schop, washuis, sacristie, hof en aangelag genaamd de oude Pastoirswoning 1½ lopense. Gelegen in zijn heggen en kerkmuur met de plaats waar te voren de oude kerk gestaan heeft. Zullende de buitenmuur aan de straat en aan de gevel naar het zuidoosten tot aan de heggen van den hof op die hoogte blijven, zoals bij de koop bepaald is. En de verkopers zullen verplicht zijn de muur daar, alwaar de glasramen gestaan hebben, zo hoog, met goede stenen en kalk behoorlijk op te metselen zodat de gehele muur op gelijke hoogte is. Ook zal de poort of ingang van de afgebroken kerk behoorlijk en vast toegemetseld worden tot op de hoogte van de voorschreven muur. De gevel van de afgebroken kerk is onder de koop begrepen en daarom mag daarvan niets afgebroken worden. Het Peelveld aan de Scheepersdijk zal tussen kopers en verkopers half / half worden verdeeld. Koopsom ƒ 1200,-.

In 1805 werd Joannes Henricus Smits, geboren te Eindhoven zijn assistent. Wilhelmus van Asten is op 20-05-1819 te Asten overleden en hieronder zijn overlijdensakte:

09


Het vervolg van de lijst van de pastoors staat beschreven bij de oude kerk, die in 1798 weer in gebruik werd genomen door de katholieken (zie Voormalige kerk, G589).

Kapelaans van Asten

Op basis van het boek Geschiedenis van het Bisdom 's Hertogenbosch van 1872[1] en het boek 'Aasten mi z'n groten toren' van Henk Berkers en Harry Verdijsseldonck ter ere van het 100-jarige bestaan van de Heilige Maria Presentatiekerk te Asten, is een reconstructie van de kapelaans van Asten gemaakt en aangevuld met rechterlijke archiefstukken en krantenartikelen. Tot 1648 gebruikten de kapelaans de oude kerk, van 1648 tot 1798 maakten ze gebruik van een schuurkerk, van 1798 tot 1898 weer de oude kerk en vanaf 1898 de nieuwe kerk. Een tweede kapellanie is in 1843 gestart en een derde in 1863. Hieronder een overzicht van de pastoors van Asten over de periode 1616 tot 1960:

Periode Kapelaan Geboorteplaats / datum Volgende ambt Overlijdensplaats / datum Locatie
1616 Theodorus Petri Peters Oude kerk; G589
1673-1706 Florentius Daendels Asten 08-06-1647 Asten 04-01-1706 Schuurkerk; G463
1689-1694 Hendricus Horckmans Asten 14-02-1662 Pastoor te Leende Leende 21-06-1723
1698-1704 Franciscus van de Cruys Asten 24-03-1674 Pastoor van Asten Asten 28-01-1743
1717-1718 Judocus Loomans Asten 14-10-1690 Asten 27-01-1718
1721-1723 Joannes Sporenbergh Asten 21-04-1697 Asten 03-06-1723
1738-1743 Thomas Kokken Made 19-12-1713 Asten 1743
1754-1763 Simon Braakhuysen Bergeijk 03-08-1719 Pastoor te Gestel Gestel 25-10-1798
1763-1774 Ludovicus van de Mortel Deurne 23-05-1728 Rector te Liessel Liessel 04-12-1776
1785-1795 Joannes Berkers Aarle Rixtel 02-04-1754 Pastoor te Nuenen Nuenen 18-05-1816
1795-1798 Henricus van den Oetelaar 's-Hertogenbosch ±1772 Pastoor te Neerloon Neerloon 21-01-1834
1798-1800 Oude kerk; G589
1800-1801 Daniël van den Berg Gemert 10-04-1774 Kapelaan te Nuenen Valkenswaard 02-11-1858
1801-1812 Gaspar van Maasacker Gerwen 17-07-1775 Pastoor te Woensel Woensel 19-01-1828
1812-1813 Paulus Antonius van Baer Eindhoven 22-10-1788 Kapelaan te Schijndel Maastricht 28-01-1855
1813-1814 Gijsbert Cuppens Eindhoven 14-09-1779 Deed afstand
1814-1819 Josephus van den Berg Heesch 14-07-1780 Pastoor te Nieuwkuijk Nieuwkuijk 08-08-1830
1819-1821 Jacobus de Vocht Helmond 25-12-1793 Kapelaan te Best
1821-1826 Franciscus Josephus Sauvé Asten 09-02-1789 Pastoor te Maarheeze Asten 24-01-1873
1826-1831 Gerardus van de Rijt St Oedenrode 25-05-1798 Asten 30-05-1831
1831-1845 Theodorus Scheutjens Geldrop 31-10-1804 Pastoor te Milheeze Milheeze 06-06-1868
1843-1844 Joannes Baptist Raijmakers Helmond 22-04-1815 Asten 01-05-1844
1844-1863 Willebrordus Brox Esch 25-12-1818 Pastoor te Lagemierde Deurne 01-09-1888
1845-1851 Cornelis van Amelsvoort Tilburg 04-06-1820 Kapelaan te den Bosch Tilburg 18-03-1874
1851-1864 Petrus Maas Leende 15-01-1824 Rector te den Bosch Asten 29-09-1909
1861-1867 Adrianus Sevens Geldrop 12-10-1835 Kapelaan te Berchem Niftrik 06-07-1910
1863-1882 Petrus Verkuijlen Schijndel 21-02-1838 Pastoor te Beugen Boekel 01-10-1915
1865-1869 Gerardus H van Aerssen Helmond 16-09-1827 Pastoor te Steensel Alphen 25-06-1900
1867-1882 Dionijsius Koolen Tilburg 04-05-1839 Pastoor te Ommel Oisterwijk 28-09-1912
1869-1877 Joannes Dionijsius Joren Zevenbergen 18-03-1830 Pastoor te Malden Zevenbergen 07-01-1914
1877-1892 Wilhelmus J van der Putten Stiphout 19-03-1852 Velp
1880-1892 Antonius H Pessers Tilburg 23-10-1852 Rector te Rosmalen Linden 11-03-1912
1882-1888 Philibertus W Goossens Diessen 25-10-1852 Kapelaan te Oss Eersel 22-04-1926
1888-1892 Johannes M van Bokhoven Haarsteeg 16-05-1848 Pastoor te Haren Haren 14-02-1904
1892-1898 Franciscus J van Bommel Tilburg 04-11-1863 Rector te Grave Herpen 09-07-1919
1892-1894 Wilhelmus A van Iersel Waalwijk 16-09-1860 Rector te Oisterwijk Heel 01-09-1926
1894-1898 Hendricus van der Velden Liempde 22-01-1856 Pastoor te Bergharen Puiflijk 01-04-1915
1898-1900 Nieuwe kerk; G1856
1898-1911 Joannes C Martens Udenhout 11-12-1866 Pastoor te Balgoij Balgoij 04-09-1918
1900-1906 Frans F Willaert Boxtel 11-10-1874 Kapelaan Zevenbergen Dussen 28-07-1937
1906-1912 Franciscus M Bots Helmond 24-09-1872 Kapelaan te Gestel Hurwenen 07-03-1921
1911-1917 Antoon van den Broek Wanroij 14-10-1879 Kapelaan te Tilburg Wamel 10-01-1936
1912-1918 Martinus F Sengers Mierlo 19-12-1872 Pastoor te Zwaluwe Zwaluwe 20-07-1935
1917-1920 Joannes M Arnold Tilburg 10-10-1882 Pastoor te Heusden Asten 27-01-1951
1918-1923 Arnoldus J Verhoeven Heusden 21-08-1893 Rector te Goirle Goirle 02-02-1956
1921-1924 Johannes C van der Veeken Made 02-12-1892 Kapelaan te Tilburg Stiphout 01-11-1948
1923-1926 Franciscus A Muselaers Erp 29-05-1890 Kapelaan te Someren Hooge Mierde 28-07-1960
1924-1932 Jacobus N van Loosbroek Oss 05-08-1899 Haarlem 19-06-1932
1926-1940 Petrus W Vossen Tongelre 27-10-1895 Pastoor te Vortum Veldhoven 24-09-1986
1932-1938 Laurentius J Boelaars Tilburg 05-06-1905 Kapelaan te Eindhoven Gemert 12-05-1998
1938-1946 Hendricus C Sanders Nuenen 22-03-1907 Kapelaan te Best Oijen 27-01-1960
1940-1944 Henricus J van Gestel Tongelre 01-03-1906 Kapelaan te Oirschot Spoordonk 06-01-1978
1944-1949 Johannes A van den Wildenberg Oerle 11-09-1903 Pastoor te Heumen Liempde 14-01-1973
1946-1952 Josephus M Vogels Woensel 01-06-1904 Pastoor te Nederasselt Asten 18-01-1976
1947-1960 Joachim J Kamp Waspik 24-07-1920 Pastoor te Nieuwkuijk Vlijmen 12-10-1991
1952-1954 Jacobus A Burghouts Kapelaan te Goirle
1954-1956 Petrus J Pulles Kapelaan te Gemert
1956-1958 Franciscus P van Hoeck Helmond 21-11-1921 Kapelaan te Schijndel Tilburg 18-09-1981

Florentius Daendels, 1673-1706

Florentius Daendels is geboren te Asten op 08-06-1647 als zoon van Antonius Daniels en Adriaentken. Vanaf 1673 wordt hij genoemd als kapelaan te Asten en later als vice-pastor. In het rechterlijk archief van Asten komt Florentius Daendels voor als schuldeiser, pachter en erfgenaam:

Asten Rechterlijk Archief 82 folio 43 verso; 08-02-1678:
Thomas Idelet, advocaat en licentiaet in beide rechten, te Someren, is schuldig aan Heer Florentius Daendels ƒ 200,- à 5½%. Marge: 28-05-1686 gelost.

Asten Rechterlijk Archief 109 folio 55; 16-01-1694:
Adriaen Jansen getrouwd met Catarina Peters, weduwe Jan Adriaensen van den Berge, wonende te Velthoven verpacht zijn ½e deel in een clamptiende de Braselse tiende, waarin de weduwe de Lauw de helft bezit het andere ½e deel is van Jan Reynders van den Broeck, te Velthoven. En welke clamptiende is rijdende met het Groot Gasthuys, te 's Hertogenbosch en de kinderen en erven van wijlen Aert Donquers, advocaet. Pachters zijn Heer Florentius Daniels en Jan Everts. Pachttermijn 4 jaar. Pachtsom: 6 mud rogge per jaar en 3 mud boekweit per jaar Eindhovense maat ten huize van de verpachter te leveren.

Asten Rechterlijk Archief 09 folio 111 verso; 30-06-1696:
Florentius Daniels, enige erfgenaam van Antony Daniels, geeft procuratie aan Pieter van Megen, clercq ter secretarie, te 's Hertogenbosch, om namens hem te casseren een rente van ƒ 636,- ten laste van Hendrick van Luytelaer, gewoond hebbende te Helmont, ten bate van Antony Daniels, zijn vader de dato 28-02-1665 schepenen 's Hertogenbosch.

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 10 verso; 28-06-1697:
Dominicus van den Broeck, te Turnout en Lambert Hobis getrouwd met Petronella van den Broeck. Alzo kinderen van wijlen Jan Reynders van den Broeck, die welke als tochter gevreyt sijnde van seeckere clamptiende. Zij verhuren deze klamptiende, gelegen te Asten, aan Heer Florentius Daniels en Jan Everts. Huurtermijn 8 jaar.

Florentius Daendels is op 04-01-1706 te Asten overleden hieronder zijn begraafakte:

Obijt reverendus Florentius Daendels aetatis suae 59 vice pastor.

Overleden is vice pastoor Florentius Daendels zijnde 59 jaren.

10

Na zijn overlijden openen zijn vrienden zijn testament:

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 209; 11-01-1706:
Schepenen van Asten zijn op verzoek van Peeter Jan Baltus, Leendert Bernaerts en meer andere vrienden van wijlen Heer Florentius Daniels gecompareert en hebben ontvangen een besloten testament de dato 24-06-1692. Wij hebben op hun verzoek het testament, van Florentius Daniels, geopend.

Hendricus Horckmans, 1689-1694

Hendricus Horckmans is geboren te Asten op 14-02-1662 als zoon van Cornelis Horckmans en Josyna Michiel Jacobs van de Cruys. Hij studeert theologie in Leuven en wordt in september 1689 kapelaan te Asten. In het rechterlijk archief van Asten komt hij voor bij een erfenis van zijn oom pastoor Johan van de Cruys:

Asten Rechterlijk Archief 10 folio 156 verso; 07-03-1704:
Maria van de Cruys, Francicus van de Cruys, Hendrick Tho poell getrouwd met Elske van de Cruys, Jan van Rooy getrouwd met Goverdyn van de Cruys, Christina van de Cruys, Antony, zoon Antony van de Cruys absent zijnde voor deze Hendrick Tho poel, Hendrick Canters en Hendrick Knippenbergh als geëde momboiren van de zes onmondige kinderen van wijlen Jacob van de Cruys en Agnes Knippenbergh, Johan, ook zoon van Jacob van de Cruys en Margaretha Swinckels in eerste huwelijk, Hendrick Horckmans, Frans Hoefnagel getrouwd met Sophia Horckmans, Catarina Horckmans, weduwe Bastiaen Verhoeven alle drie kinderen van wijlen Cornelis Horckmans en Josina van de Cruys. Allen nichten en neven van wijlen de Heer Johan van de Cruys, zijnde de naaste erfgenamen. Zij delen diens nagelaten goederen.
1e lot krijgen Maria van de Cruys, Francicus van de Cruys, Hendrick Tho poell getrouwd met Elske van de Cruys, Jan van Rooy getrouwd met Goverdyn van de Cruys, Christina van de Cruys en Antony, zoon Antony van de Cruys ƒ 1200,- staande tot hun eigen last; huis en hof, in zijn heggen, waar Johan van de Cruys is overleden ten behoeve van Maria van de Cruys.
2e lot krijgen Hendrick Horckmans, Frans Hoefnagel getrouwd met Sophia Horckmans, Catarina Horckmans, weduwe Bastiaen Verhoeven ƒ 600,- ten laste van de kinderen Antony van de Cruys.
3e lot krijgen de zes onmondige kinderen van wijlen Jacob van de Cruys en Agnes Knippenbergh ƒ 760,- ten laste van de gemeente Asten; de coornrente ten laste van Peeter Reynders en anderen ƒ 100,- ten laste van de kinderen Antony van de Cruys.
4e lot krijgt Johan, zoon van Jacob van de Cruys en Margaretha Swinckels ƒ 200,- ten laste van de kinderen Antony van de Cruys.

In 1694 wordt Hendricus Horckmans pastoor te Leende en in het rechterlijk archief van Asten eist hij nog een schuld op:

Asten Rechterlijk Archief 11 folio 212; 21-10-1705:
Heer Hendrick Horckmans, te Leende, aanlegger contra Joost Hendrick van Heughten, te Ommel, gedaagde. Betreft aflossing obligatie.
Bij de scheiding en deling van de nagelaten goederen van wijlen Michiel Jacops van de Cruys is aanlegger ten deel gevallen een obligatie van ƒ 400,- à 5% ten laste van gedaagde. Dat deze op de aflossing van de intrest der jaren 1685-1687 te weinig heeft betaald ƒ 2-12-0. Dat de intrest over 1690-1694 niet is betaald. En alzo nog schuldig ƒ 102-12-0. In korting is ontvangen op 11-01-1695 ƒ 4-8-0, op 24-06-1695 ƒ 5-0-0 en door Wilbort Reynders op 24-09-1704 ƒ 10-0-0. Zodat redevable blijft ƒ 84-04-0. Gezien de lange tijd en de vele minnelijke pogingen, om de bedragen te innen, hetgeen tot nog toe niet gelukt is, wordt de weg van het recht gezocht.

Hendricus Hurckmans is op 21-06-1723 te Leende overleden en hieronder zijn begraafakte:

Inter primam et secumdam nocturnam obijt amplissimus dominus Hendericus Hurckmans huius communitatis pastor.

Tussen de eerste en tweede nacht is overleden Hendricus Hurckmans pastoor van onze gemeenschap.

11

Franciscus van de Cruys, 1698-1704

Franciscus van de Cruijs is geboren te Asten 24-03-1674 als zoon van Anton Michiel Jacobs van de Cruys en Marie Aert Fransen Verryt. Hij studeert theologie te Leuven en wordt in 1698 kapelaan te Asten en in het rechterlijk archief van Asten wordt hij genoemd als eigenaar van een huis te Vlierden:

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 181 verso; 06-11-1704:
Inventaris van de goederen van Elisabet Jan Peters, weduwe Hendrick Jacob Bogaerts ¼e deel in huis, aangelag, land en groes aan de Beersdonck, te Vlierden. Het overig ¾e deel is van Heer Franciscus van de Cruys. Met dien verstande dat uit deze goederen de onkosten betaald moeten worden terzake van het proces voor de Raad van Brabant.

In 1704 wordt Franciscus van de Cruijs pastoor te Asten (zie pastoor Franciscus van de Cruys).

Judocus Loomans, 1717-1718

Judocus Loomans is geboren te Asten op 14-10-1690 als zoon van Godefridus Petri Loomans en Margaretha Joannis Baltis. In het archief van Asten verkoopt hij zijn erfdeel aan zijn broers:

Asten Rechterlijk Archief 92 folio 129; 24-02-1718:
Heer Joost Loomans geeft over aan Jan en Antony Loomans ⅓e deel van: een schepenobligatie van ƒ 650,- Asten de dato 08-03-1683 ten bate van Goort Peeter Loomans; van een obligatie van ƒ 250,- de dato 15-11-1707 ten laste van Frans van Bussel ten bate van de kinderen Goort Loomans; van een akker in 't Dorp geheel 7 lopense; van de Pastoryacker geheel 2 lopense; van den Snijderscamp geheel 2½ lopense; van een akker aan 't Dorp geheel 1½ lopense; van een groesveld in 't Root geheel 7 lopense; van een groesveld in 't Root geheel 2 lopense; van huis, hof en aangelag in 't Dorp geheel 5 lopense. Hem aangekomen van zijn ouders, bij erfenis. Belast met ƒ 8-12-12 per jaar in een meerdere rente aan geestelijke pacht. Koopsom ƒ 200,-. Lasten ƒ 67,40.

Judocus Loomans is op 27-02-1718 te Asten overleden en hieronder zijn overlijdensakte:

Obijt Reverendus Dominum Judocus Loomans, factus facidas 18 september 1717.

Overleden Heer Judocus Loomans sinds 18 september 1717 in dienst.

12

Joannes Sporenbergh, 1721-1723

Joannes Sporenbergh is geboren te Asten op 21-04-1697 als zoon van Johannes Nicolai Sporenbergh en Elisabeth Antoni van de Cruys. Vanaf 1721 wordt hij genoemd als kapelaan te Asten, doch Joannes Sporenberg is reeds op 03-06-1723 te Asten overleden en hieronder zijn begraafakte:

Obijt reverendus adrium Jois Sporenbergh vice pastor en Astis pora prima post vedur.

Overleden is de heer Jois Sporenbergh vice pastoor van Asten nadat hij juist begonnen was.

13

Thomas Kocken, 1738-1743

Thomas Kocken is geboren te Made op 19-12-1713 als zoon van Petrus Kocken en Cornelia Jooren. Hij is vermoedelijk sinds 1738 kapelaan in Asten en in het rechterlijk archief van Asten wordt hij bij het testament van Maria van de Cruys genoemd:

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 18 verso; 23-04-1743:
Maria van de Cruys getrouwd geweest met Gevard van Doorn, in het Dorp, testeert. Al haar goederen te verdelen in acht gelijke porties en welke bestemd zijn voor de drie kinderen van wijlen Francis van de Loverbosch met name Jan, Francis en Hendrik ieder 1⁄8e deel; de voorkinderen van Hendrik van de Sande getrouwd geweest met Lusia van Roy, te Leend, met name Bartel en Jan 1⁄8e deel; Antoni van Rooy, te Leende 1⁄8e deel; Geertruy Kerstens getrouwd met Jan Sprengers, te Tongeren 1⁄8e deel onder beding dat de verkrijgers van dit 1⁄8e deel verplicht zijn in de boedel in te brengen, op straffe van uitsluiting, de ƒ 200,- als door testatrice ten hunne behoeve is opgenomen van Willem Verhaseldonk obligatie 15-10-1742; Heer Antoni Thopoel 1⁄8e deel onder voorwaarde dat, mocht na het overlijden van de testatrice bevonden worden dat voornoemde Heer gedurende zijn leven lang een goede verzekering heeft, naar zijn staat, en hij daartoe geen verdere middelen nodig heeft dit 1⁄8e deel gelijkelijk over de zeven andere porties verdeeld mag worden. Na overlijden van voornoemde Heer zal eveneens dit 1⁄8e deel aan de zeven andere ten goede komen. Na overlijden van de testatrice, op de dag van haar begrafenis, zal worden gebakken 3 mouwen koorn off rogge welk brood door de armmeester aan de arme mensen, alhier, zal worden uitgereikt. Als testamentair executeuren worden benoemd Tomas Cocke, kapelaan, te Asten en Michiel van de Cruys, president.

Er heerst dysenterie in Asten en Thomas Kocke doet daar mede verslag van:

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 32; 12-10-1743:
Compareerde voor schepenen van Asten in de quartiere van Peeland, Meyerije van 's Hertogenbosch de Heer Ignatius van Dijk, medecijne doctor, te Gemert, de Heer Tomas Cocke, Roomsch Cappellaan, alhier vermits het overlijden van de pastoor en Johannes Souvé, chirurgijn. Dewelke ter requisitie van de regenten, alhier, verklaaren voor de opregte waarheyt waar en waaragtig te wesen, te weten Ignatius van Dijk dat hij op den 9e van dese maand October is geweest op sekere uythoek van Asten, genaamt Heusden en aldaar gevisiteert verscheyde huysen en bevonden dat veele persoonen en kinderen besmet sijn met den grouwen buykloop die door de armoede seer ellendig krank lagen en dat in de huysen soo veel stank was door de vuyligheyt des afgangs veroorsaakt dat het bijna niet is om aldaar in te gaan off te blijven, zijnde de voorschreven ziekte tusschen den 9 en 10 deser overleeden vijff persoonen waarvan een persoon woonachtig was in een andere uythoek, genaamt den Wolfsberg en een persoon midden in het Dorp alwaar deselve ziekte ontstooken was. Wijders verklaaren Ignatius van Dijk en Johannes Souvé dat zij te zaame op den 11e deser meest alle wooninge op den uythoek Heusden hebben gevisiteert en daar ingeweest en bevonden dat er 17 huyshoudens met de voorschreven quaale besmet zijn, en in zommige huysen 2 en 3 persoonen ziek van de voorschreven droevige quaale bevonden en na onse beste kennis 25 doodelijk besmet van de voorschreven ziekte en dat van de voorschreven quaale binnen den tijt van 14 dagen 11 persoonen overleeden zijn. Soodat aan de siekte meest haaren besmetten voortgank moet toegeschreven worden aan den ellendigen staat en onvermogentheyt der persoonen aldaar en daarontrent wonende, waarin met goet onderhoud en goede medecijne behoorde voorsien te worden, om sooveel doenelijk is, den voortgank van de voorschreven droevige quaale te beletten.
Tomas Cocke verklaart dat hij als Roomsch Cappellaan alhier binnen den tijt van ontrent 14 daagen in haare ziekte heeft bedient 16 persoonen waaronder niet begrepen sijn eenige kinderen onder de seven jaaren, zijnde alle besmet volgens declaratie van den doctor en chirurgijn met den grauwen buykloop. Zijnde zedert den tijt van 14 dagen daarvan gestorven 11 persoonen, zijnde sommige persoonen die nog eenigsints vermogende zijn door voorsorgen van den doctor aan het beteren, en nog leggende kranken, meestendeel behoeftige persoonen, waarin behoorde voorsien te worden met onderhoud en medecijne te besorgen. Eyndigende sij comparanten hiermede dese haare opregte verklaringe en hebben na voorgaande prelectuure daarbij gepersisteert en reden van welwetentheyt gealegeert als voorschreven staat, Asten 12 october 1743.
Ten overstaan van Michiel van de Cruys president, Peter van de Vorst schepen.
Ignatius van Dijck medecijne doctor, Thomas Kocke cappellaen tot Asten, Johannes Sauvé chirurgijn.

Thomas Kocke woonde in bij pastoor Franciscus van de Cruys en maakt zijn overlijden mee:

Asten Rechterlijk Archief 148; 18-11-1743:
Aan de Raad van Brabant, suppliant, Anthony Jansen van Roy, te Leende, als erfgenaam, ab intestato, van wijlen Francis van de Cruys, in leven Rooms Priester, te Asten overleden februari 1743. Als erfgenamen heeft hij nagelaten Maria van de Cruys, weduwe Gevard van Doerne, Jan Sprengers getrouwd met Geertruyt Kerstens, schepen, te Tongeren, de suppliant in deze en Antony Thopoel, zijnde innocent, zijn voogden zijn Arnoldus Thopoel, schepen, te Venroy en Michiel van de Cruys, president, te Asten. Op 06-03-1743 zijn reeds, door voornoemde erfgenamen, de meubilaire goederen uit de boedel verkocht. De opbrengst is geconsigneerd onder de secretaris van Asten.
Thomas Cocken, kapelaan onder de overledene en bij hem inwonende geweest is in het sterfhuis gebleven en heeft onder zich gehouden ƒ 1800,- en andere goederen, alsmede de boeken, charters en andere papieren. Suppliant kan in de minne niet komen tot een scheiding en deling van voornoemde boedel. Hij verzoekt, om de overige erfgenamen op te leggen, om met hem, suppliant, een inventaris van de boedel op te maken en daarna te komen tot een behoorlijke scheiding en deling en hem, suppliant, zijn gerechte ¼e deel uit te keren.
Marge: Partijen zullen, alvorens de Raad uitspraak doet, binnen veertien dagen compareren voor deze Raad. Naar aanleiding hiervan is op 28-11-1743 in samenspraak met goede mannen een acte van compromis gemaakt.

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 61 verso; 04-01-1744:
Hendrik Berten, president, te Woensel, heeft ontvangen van de vrouw van Jan Sprengers ƒ 155,- waarvan afgetrokken de onkosten van het arrest daarop gedaan door Francis Coolen, te
's Hertogenbosch. Zijnde de voorschreven som het aandeel van de erfenis van Francis van de Cruys aan de vrouw van Jan Sprengers. De ƒ 155,- zijn ontvangen in mindering van een obligatie van ƒ 350,- ten laste van Sprengers en ten bate van de comparant secretarie Eyndhoven van 15-06-1742. De comparant zegt toe dat, indien blijkt dat Francis Coolen dezelfde rechten op de gelden heeft, hij deze op eerste vermaan zal deponeren op de secretarie te Eyndhoven. Verder zegt hij toe dat, mocht hij meer ontvangen als de voorschreven som, uit de gelden van het huis dat nog door hem verkocht moet worden deze gelden zal laten ten bate van de crediteuren die daar recht op hebben. Mede compareerde, Antony Heycoop, procureur, welke verklaarde voorlopig, op goedkeuring van zijn meester, voorzover hem aangaat genoegen te nemen en de voorschreven gelden die onder Tomas Cocke, Cappellaan, in arrest zijn genomen wegens Francis Coolen, denzelve daarvan ontheffende.

Het kerkarchief meldt dat Thomas Kocken eind 1743 te Asten is overleden, waarschijnlijk ook aan dysenterie, waarvan hieronder akte:

Obiit Reverendus Dominus Thomas Kocke ex Made, vice pastor lujus communitatis. Requiem in pacem. Diacesis erat sine vicario hac comunitas sine presbytero admisso quando ex singulari concessione alt potentium Reverendus Dominus Antonius Cuijpers vice pastor in Deurne deservitor delique qui pasten factus pastor in Dommel ibidem mortus est. Successit in pastoratu anno 1745 Beckers, qui anno 1748 obiit.

Overleden de heer Thomas Kocke uit Made, vice pastoor van onze gemeenschap. Dat hij ruste in vrede. Vanuit het bisdom was er geen priester en Antonius Cuijpers, kapelaan van Deurne nam de pastorale zaken waar en later pastoor in Dommelen werd. Vervolgens wordt in 1745 heer Beckers pastoor, die in 1748 komt te overlijden.

14

Simon Braakhuysen, 1754-1763

Simon Braakhuysen is geboren te Bergeijk op 03-08-1719 als zoon van Walterus Everardus Braeckhuijsen en Maria Simons Helsemans. Simon Braakhuysen is vanaf 1754 kapelaan te Asten en in het rechterlijk archief komt hij voor als getuige om te bevestigen dat comparanten in staat zijn om 150 gulden per jaar te betalen voor een familielid dat voor priester wil gaan studeren:

Asten Rechterlijk Archief 120 folio 131; 06-12-1754:
Goort Lomans, moolenaar, is schuldig aan Pieter Lomans, zijn zoon, zijn leven lang in cas van node hebbende een jaarlijkse som of rente van ƒ 150,-. Borgen Johannes Martinus Jansen en Joost Goort Lomans. Nog compareerde de Heer Simon Braakhuysen, cappellaan, alhier en Johannes van der Linden welke verklaren dat de voornoemde comparanten voor de ƒ 150,- per jaar suffisant gegoeyt en geerft sijn waarom aan ieder die deze acte wordt vertoond verzocht wordt om deze voor valide te nemen.

Asten Rechterlijk Archief 121 folio 65 verso; 10-08-1758:
Jan Tijssen van Dijk, schepen, is schuldig aan zijn zoon, Heer Mattijs van Dijk, gedurende zijn leven lang, indien nodig, tot alimentatie ƒ 150,- per jaar. Borgen Pieter Slaats en Goort Canters. Mede compareerde Heer Symon Braakhuyse, cappellaan, alhier en Johannes van der Linden die verklaren dat voornoemde personen suffisant, gegoeyt en geerft sijn om de voormelde som jaarlijks te voldoen.

Asten Rechterlijk Archief 121 folio 151 verso; 27-12-1760:
Jan van de Loverbosch, coopman, Jan de Groot, te Vlierden, Engel en Antonet van de Loverbosch. Zij zijn schuldig aan Heer Symon van de Loverbosch, dit gedurende zijn leven lang, indien hij dit nodig heeft ƒ 150,- per jaar. Mede compareerde Heer Simon Braakhuysen, cappellaan en Johannes van der Linden, beiden alhier. Zij verklaren dat de voorschreven comparanten suffisant, gegoeyt en geerft zijn om de ƒ 150,- per jaar te betalen.

Simon Braakhuysen vertrekt in 1763 naar Gestel om daar het ambt van pastoor te bekleden en is op 25-10-1798 te Gestel overleden en hieronder zijn begraafakte:

15

Ludovicus van de Mortel, 1763-1774

Ludovicus van de Mortel is geboren te Deurne op 23-05-1728 als zoon van Joannis Cornelis van den Mortel en Catharina Antony de Veth. Hij studeert theologie te Leuven en is rond 1749 geïmmatriculeerd en studeert Artes aan de pedagogie Het Varken. Hij betaalt als pauper geen studiegeld en promoveert op 17-11-1750 tot Artium Licentiatus. Ludovicus van de Mortel wordt eerst theologant en vervolgens van 1763 tot 1774 kapelaan te Asten.

In het rechterlijk archief van Asten wordt Ludovicus van de Mortel genoemd bij een schuld aan hem, een getuigenverhoor en de verkoop van land:

Asten Rechterlijk Archief 98 folio 238 verso; 13-06-1767:
Willem Daandel Coolen is schuldig aan Louis van de Mortel, kapelaan, te Asten ƒ 400,- à 3%. Marge: 03-07-1777 gelost aan Adriaan van de Mortel, te Bakel, als mede-erfgenaam van Louis van de Mortel.

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 31-10-1767:
Jan Meulendijks getrouwd met Catharina Frans Lambers mede voor de onmondige kinderen van Joost Kuypers getrouwd geweest met Maria Frans Lambers, Johanna weduwe Martinus Frans Lambers als moeder van hun onmondige kinderen. Jan Metten getrouwd met Maria Coninks mede voor Frans en Catharina Coninks kinderen van Johanna Frans Lambers en Francis Coninks. Allen erfgenamen en ab intestato representanten van wijlen Lijneke Frans Lambers aanleggers contra Hendrik Coopmans, gedaagde.
Aanleggers zeggen dat gedaagde aan Heer Petrus Aarts, Rooms Pastor, alhier, in de ziekte van Lijneke Frans Lambers heeft beleden dat hij voor vuur, licht, woning van haar te pretenderen had tien ducaten. Dat Lijneke doodelijk ziek zijnde aan Heer Ludovicus van de Mortel, Rooms Cappelaan, alhier, de obligatie van ƒ 150,- heeft vertoond en gedeclareerd. Dat er een accoord gemaakt was tussen Lijneke en gedaagde op ƒ 40,-. Dat gedaagde na doode en overlijden van voorschreven Lijneke Frans Lambers, zijn datestabele baatzugt tragtende te coloreeren aan voornoemde Heer Pastoor heeft voorgebragt. Aanleggers wijzen het verweer van gedaagde af als zijnde, ongegrond, inpertinent, copieus en irrelevant.
Petrus Aarts, pastoor en Ludovicus van de Mortel, cappellaan, te Asten verklaren ter requisitie van de erfgenamen van wijlen Lijneke Frans Lambers, dat hij, Petrus Aarts, enige tijd geleden, toen Lijneke Frans Lambers ziek was door Johanna Frans Lambers, de nicht van Lijneke is geroepen om eens, ten huize van Hendrik Coopmans, bij Lijneke voorschreven te komen. Dat toen hij daar was Lijneke tegen hem gezegd heeft dat Hendrik Coopmans een pretentie ten laste van haar maakte wegens, vuur, licht, woning. Dat Hendrik Coopmans een en ander bevestigde en zei dat hij tien ducaten pretendeerde. Hij, comparant, heeft hem aangeraden te accorderen en is vertrokken. Vervolgens is Hendrik Coopmans, enige tijd nadat Lijneke was overleden, gekomen bij hem, eerste comparant, zeggende dat Lijneke Frans Lambers, de obligatie die zij ten laste van hem, Hendrik Coopmans, had, aan hem gemaakt had om daarmee de kosten van de uitvaart en verdere begeerten te voldoen. Waarop hij, Petrus Aarts, tegen Hendrik Coopmans heeft gezegd: "Dat zijn Uw affairens niet, gij zijt geen erfgenaam en geeft die obligatie aan de erfgenamen die dese toekomt", en verder dat hij, Hendrik Coopmans, maar vertrekken kon.
Ludovicus van de Mortel verklaart dat hij ten tijde dat Lijneke Frans Lambers geheel doodelijk ziek was ten huize van Hendrik Coopmans bij haar is gekomen en dat Lijneke hem de obligatie van ƒ 150,- en die ten laste van Hendrik Coopmans was, heeft laten zien zeggende: "Die veertig guldens wilde hij, Hendrik Coopmans, daaraf hebben maar het is nu gedaan, ik ben met hem geaccordeert".

Asten Rechterlijk Archief 99 folio 70 verso; 12-06-1769:
Hendrik Coopmans verkoopt aan Louis van de Mortel, kapelaan, te Asten groes het Stegensvelt 3 lopense. Verponding ƒ 1-11-0 per jaar. Koopsom ƒ 110,-.

Op 11 augustus 1774 wordt Ludovicus van de Mortel, als kapelaan benoemd in de Sint-Willibrordusparochie in Deurne en krijgt de verantwoordelijkheid over het rectoraat Liessel. Ludovicus van de Mortel is op 04-12-1776 te Liessel overleden en hieronder zijn begraafakte:

16

Joannes Berckers, 1785-1795

Joannes Berckers is geboren te Aarle Rixtel op 02-04-1754 als zoon van Jacobus Theodori Berckers en Maria Thomas van Gerwen. Joannes Berckers studeert theologie in Leuven en wordt in 1785 kapelaan in Asten tot zijn benoeming in 1795 als pastoor te Nuenen. Joannes Berkers is te Nuenen op 18-05-1816 overleden en hieronder zijn overlijdensakte:

17

Henricus van den Oetelaar, 1795-1798

Henricus van den Oetelaar is geboren te 's-Hertogenbosch rond 1772 als zoon van Machiel van den Oetelaar en Lucia Versleijen. Henricus van den Oetelaar studeert theologie in Leuven en wordt in 1795 benoemd tot kapelaan van Asten. In 1800 wordt Henricus van den Oetelaar benoemd tot pastoor van Neerloon. Henricus van den Oetelaar is op 21-01-1834 te Neerloon overleden en hieronder zijn overlijdensakte:

18


Het vervolg van de lijst van de kapelaans staat beschreven bij de oude kerk, die in 1798 weer in gebruik werd genomen door de katholieken (zie Voormalige kerk, G589).


Overige bronnen:
  1. a b Geschiedenis van het Bisdom 's Hertogenbosch van 1872 (https://books.google.nl/books?id=9t1aAAAAcAAJ)


De meest gebruikte referenties staan in de introductie vermeld
Laatst bijgewerkt op 14 januari 2019, 21:21:57

Heemkundekring De Vonder Asten-Someren, Molenstraat 10, 5711 EW Someren, tel. 0493-472423
Heemhuis open op dinsdag van 9.00 uur tot 12.00 uur en donderdag van 19.00 uur tot 21.00 uur