logo

Index


Voormalige kerk B408

Deze pagina is onderverdeeld in de volgende hoofdstukken:

Inleiding

De kapel van Ommel is volgens een legende gesticht door Jan van Haven, zoals gememoreerd in de krant de Zuid-Willemsvaart van 07-04-1900:

01

De kapel van Ommel dateert van 1440 en in het boek 'Maria's heerlijkheid in Nederland' van 1904 wordt Ommelaar Joost van Berckel genoemd en staat een foto van het miraculeuze beeld1:

De kapel van Ommel werd samen met het klooster in 1707 door de Vrouwe van Asten gekocht:

Asten Rechterlijk Archief 107b folio 39 verso, 12-03-1707:
Anna Wilhelmina Baronesse de Doerne, Vrouw van Asten, of haar moeder Constantia de Boecop hebben bij transport in vol eigendom verkregen het Clooster te Ommel. Koopsom ƒ 3700-00-00. Lasten ƒ 168-15-00. Totaal ƒ 3688-15-00. Verkoper Martinis des Tombes, rentmeester der Geestelijke Goederen van het 1e en 2e deel van Peelland, het Capittel van Sint Oedenrode, het Convent van Hooydonck, het Convent van Bynderen, en Clarissen te 's-Hertogenbosch dit met toestemming van de Raad van State op 25-02-1707.
Het Clooster omvat de kerk, die echter van het klooster is vrijgemaakt en waarin de Gereformeerde Godsdienst gehouden wordt. Huis, schuur, schop, paard- en koestallen. Land 40 lopense, groes 43 lopense. Waarin begrepen den hof, bleekveld en ledige plaats in het klooster. Zoals het gebruikt is bij de conventualen en in 1648 aan Hare Hoge Mogendheden overgebracht. Meester Hendrick Verbeeck, te Aerle, is opgetreden namens de koopster. De koopster mag niet meer toelaten dat daerinne eenige publiquen godsdienst werden gedaen. Dit op verbeuring van het gekochte pand en landerijen. De goederen zijn belast met 1 mud rogge jaarlijks ƒ 3,- jaarlijks aan het Heilige Geestaltaar, te Asten, rentmeester des Tombes, 3 vat rogge jaarlijks. 15 stuiver jaarlijks aan Sint Agatha-altaar, te Asten, rentmeester des Tombes. 4 vat rogge jaarlijks 20 stuiver jaarlijks aan het Convent van Bynderen. 2 gulden jaarlijks aan de rentmeester van de Domeynen voor het bezit van het clooster. Schepenen 's 'Hertogenbosch. Geregistreerd te Asten op 27-09-1717.

Hieronder een pentekening van de kapel van Ommel uit 1787; de kapel lag op dezelfde plaats als waar de kerk van 1900 stond:

01a

De kapel was nauw verbonden met het klooster (zie Voormalig huis B409) en wanneer de zusters Franciscanessen in 1722 de kapel en het klooster moeten overdragen aan de gereformeerden, wordt in de verpondingen van 1737 Lambert Kemps als eigenaar genoemd:

Verpondingen XIV61 folio 60 verso, 1737:
Geweest convent van Ommel. Propritaris Lambert Kemps. Huijsinghe met het aangelagh 6 lopense.

Rentmeester de Kempenaar laat onderhoud verrichten aan de kapel:

Asten Rechterlijk Archief 118 folio 19 verso; 10-08-1737:
Adriaan van Wolffsbergen, timmerman, te 's Herogenbosch, Joost Verberne, gemeyntsmeester, Peter van de Vorst, schepen. Zij verklaren ter instantie en requisitievan Jan Francis van de Weyer. De eerste comparant heeft, op 10-08-1737, op order van rentmeester de Kempenaar gevisiteerd de reparatie en vernieuwingen die zijn uitgevoerd aan de Capel, te Ommel, zoals aangenomen bij publieke aanbesteding de dato 02-02-1737 door voornoemde rentmeester. Bevonden wordt dat alles is uitgevoerd volgens bestek en niet 't minste daar aan manqueerde. Daarenboven is nog gelevert en aan de Zuydzijde van Kerk meerder gemaakt sestien duymse deelen, lang ider twintig voet en aan de Noordzijde twintig dito deelen die in dat bestek minder waren geordonneert. De 2e en 3e comparant hebben op verzoek van de requirant, op 19 en 20 mei 1737, getelt en opgenoomen de deelen van het dak en bevonden dat er meerder opgelegt en gemaakt waren dat in het bestek geordonneert was, 36, te weten aan de Zuydzijde 16 en aan de Noordzijde 20 denne duymse deelen.

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 104; 16-12-1745:
De regeerders van Asten verklaren ter instantie van Hendrik de Kempenaar, rentmeester der Geestelijke Goederen, dat de Kerk of Capel, te Ommel, in 1737, voor twaalf jaar, in onderhoud is gegeven aan Jan Francis van de Weyer en sedert dien in goede reparatie is onderhouden. De oostkant is dichtgemaakt met planken in plaats van glas. Volgens bestek is de Capel niet gewit. De zolders moeten hier en daar gerepareerd worden.

De zusters waren in 1731 door de schout uit Ommel verbannen en het klooster komt in 1743 in handen van de familie van de Loverbosch (zie ook Voormalig huis B409):

Asten Rechterlijk Archief 95 folio 177, 30-09-1743:
Condities en voorwaarden. Lambert Kemps, te Sint Oedenroode, laat Michiel van de Cruys procuratie schepenen Sint Oedenrode op 01-08-1743 verkopen de vaste goederen van het Clooster te Ommel, zoals hij deze, op 06-08-1731, heeft gekocht van Johan Christophorus Baron Bertolff de Belver, Heer van Balen. Gebruiker is Jan Philipsen. Verkocht wordt aan Jan van de Loverbosch, te Vlierden het Clooster met huis en patershuis, stal, schop, hof en aangelag zoals gelegen is binnen de heggen en muren te Ommel, bij de Capel 8 lopense.

Hieronder een schilderij van de kapel van Ommel2 aan het einde van de 18e eeuw:

Na de Franse inval in de Republiek der Nederlanden komt de kapel in 1795 weer deels in de handen van de Rooms katholieken3:

02

De verpondingen van 1810 geven aan dat het klooster nog steeds in handen is van de familie van de Loverbosch:

Verpondingen XIVd-67 Ommel folio 58, 1810:
Peter Berkvens bij deling te Vlierden 11-04-1807.
Peter Berkvens gehuwd met Jennemaria van de Loverbosch.
Willem Verdeuseldonk man van Jenneke van den Boomen.
Jennemaria kinderen van Antoni van de Loverbosch ⅔
Nummer 13 twee camers vant Clooster te Ommel met den hof. Hierbij behoort den visvijver in den hoff gelegen en den Capeldijk met de Cloosterdreef off Poterij 1½ lopense.

Volgens het kadaster van 1832 is de kapel dan weer in Rooms Katholieke handen:

Kadaster 1811-1832; B408: kapel, groot 02r 51e, de hoog Ommel.
Eigenaar: Asten roomse. Opmerking: zie B415 bij de huizenlijst komt klooster zelf niet voor.

Hieronder de kadasterkaart van 1832 met daarop aangegeven de kapel van Ommel en om de kerk heen ligt aangeduid met B407 het kerkhof van Ommel:

Hieronder de bij de kerk behorende kadastergegevens:

04

De kapel was dan sinds 1798 weer in katholieke handen, de bouwkundige staat was echter bedroevend. Het duurde tot 1840 vooraleer de kapel na herbouw weer in gebruik genomen kon worden en ook het Mariabeeld weer in de kapel terugkwam. In 1847 wordt in de kapel van Ommel een diefstal gepleegd, aldus het Algemeen Handelsblad van 16-04-1847:

04a

In 1856 leek het er op of processies naar Ommel zouden worden verboden, zoals opgemerkt in de Bredasche courant van 18-05-1856 en de reactie daarop in de Noord-Brabanter van 27-05-1856:

Bisschop Godschalk besluit in 1881 om de kapel tot kerk in te richten, volgens de krant de Zuid-Willemsvaart van 08-10-1881:

04b

De kapel wordt na dit besluit ingericht met een altaar, zoals bericht in de krant de Zuid-Willemsvaart van 12-06-1886:

04c

In 1882 komt Dionysius Koolen (zie Marialaan 20) naar Ommel als eerste pastoor van Ommel als zelfstandige parochie. In 1892 wordt er een orgel aangeschaft en een organist benoemd, aldus de krant de Zuid-Willemsvaart van 01-02-1892:

Ommel als bedevaartsplaats bloeit op en in 1900 wordt op de plaats van kapel een neogotische kerk opgericht. Het Nieuws van de dag van 15-02-1897 maakt bekend dat er geld is voor de uitbreiding van de kapel:

04d

De kerk wordt in mei 1900 ingewijd en vooruitlopend hierop wordt in de krant de Zuid-Willemsvaart van 31-03-1900 al een omschrijving gegeven van de nieuwe kerk:

04e

In dat jaar wordt ook het 500-jarige jubileumfeest gehouden, aldus de krant de Zuid-Willemsvaart van 28-04-1900;

Hieronder de stalletjes in de meimaand, de kerk en het interieur van de kerk, gelegen aan de Kloosterstraat 1:

05

06

07

08

Boven een processie, linksonder de fanfare Sancta Maria en rechtsonder het Mariabeeld:

09 10

Rond 1909 wordt het Mariabeeld gerestaureerd, zoals gemeld in de krant de Zuid-Willemsvaart van 27-02-1909:

In 1933 wordt een lijst met monumenten van Asten opgesteld4, waaronder ook de 15e eeuwse kapel van Ommel.

In september 1944 tijdens de 2e Wereldoorlog is de kerk gebombardeerd en moest worden afgebroken. In het Peelbelang van 28-04-1945 wordt er ondanks de oorlogsschade nog gesproken over de meivieringen:

10a

Hieronder twee foto's van de in de Tweede Wereldoorlog beschadigde kerk:

11

12

Het boerenbondsgebouw nabij de molen (zie Kloosterstraat 30) na de Tweede Wereldoorlog omgebouwd tot noodkerk.

13

14

Rectoren van de kapel van klooster Mariaschoot

 

Henricus van der Weijden

 

Theodorus van den Zeylberch

 

Jacobus van den Boomen

De kapel werd onderdeel van het klooster Mariaschoot (zie Voormalig huis B409) en begin 17e eeuw wordt Jacobus van den Boomen als pater genoemd5:

Uit het dagboek van bisschop van 's-Hertogenbosch Michael Ophovius6 een bezoek aan Asten en Ommel:

Folio 120; 24-02-1631:
Sint Matheus. Ik ging naar Ommel en vierde daar het feest. Ik had een lunch met de pastoor van Asten de oudste en jongere. Ik bleef vanwege het weer 's avonds bij de pastoor Thomas Stricken in Asten en pater van Ommel Jacobus van den Boomen.

Over de bedevaarten in de kapel ten tijde van Jacobus van den Boomen citeren we uit Bedevaart en bedevaartplaatsen in Nederland7:

In 1628 schreef pater Van den Boomen over grote menigten pelgrims die vanuit Peelland, Holland, Kleef en de streek van Gulik naar Ommel kwamen. Bisschop Michael Ophovius kwam in 1630 driemaal naar het Mariabeeld en droeg aan het altaar een mis op. Omstreeks 1632 waren er dagen dat 5000 à 6000 pelgrims naar Ommel kwamen.
Als gevolg van de Staatse bezetting in 1629 en het calvinistische bestuur dat de bedevaart vanaf 1648 verbood, namen de bedevaarten snel in omvang af, maar zij verdwenen vooralsnog niet. Nog in 1671 klaagden predikanten over druk bezochte bedevaarten in Ommel. Met name was dit het geval op de kapelwijdingsdag; in de 17e eeuw werd deze jaarlijkse herdenking gehouden op de zondag voor 15 augustus. Aanvankelijk hadden de klachten der predikanten weinig uitwerking; zo arriveerde bijvoorbeeld in 1674 nog een grote bedevaart uit Eindhoven en Helmond. Na 1699 blijkt echter niets meer van het houden van openbare godsdienstoefeningen, processies of ommegangen. Waarschijnlijk hebben de klachten van de classis van Peel- en Kempenland in april 1698 wel effect gehad.
De verering kon nog zolang doorgang vinden omdat de beheerders van de cultus, de Franciscanessen van Mariaschoot, in 1648 toestemming hadden gekregen om in hun klooster te blijven totdat de communiteit was uitgestorven. Omdat de nonnen nog enige tijd in het geheim novicen bleven aannemen, konden zij hun verblijf in Ommel geruime tijd rekken. In 1722 moesten de Franciscanessen de zorg van de Mariakapel echter overdragen aan de hervormde onderwijzer van Asten; in 1731 verlieten de laatste nonnen het klooster om zich vervolgens in Nunhem in de Oostenrijkse Nederlanden te vestigen.

Ten tijde dat Jacobus van den Boomen rector was, zijn er verschillende wonderen beschreven in 'Korte beschrijving van de wonderen en mirakelen welke in vroeger jaren door de afsmeeking en voorspraak der Heilige Maagd en Moeder Gods Maria in de kapel van Ommel geschied zijn, 18438, waarvan hieronder enkele voorbeelden:

In het archief van Asten komt Jacobus van den Boomen geregeld voor met betrekking tot de verkoop van cijnsen en wordt ook Catharina van Aelst genoemd als moeder overste van het klooster Mariaschoot:

Asten Rechterlijk Archief 71 folio 20; 12-01-1630:
Roeloff Joosten van Heuchten verkoopt aan Heer en Meester Jacobus van den Boomen, pater, en Soeur Catharina van Aelst, materse van het Convent van Ommel ten bate van het Convent een cijns van 13 gulden 10 stuiver per jaar, in kapitaal ƒ 250,- à 5,4%.

Asten Rechterlijk Archief 71 folio 23; 19-01-1630:
Anthonis Peeters van den Eynde verkoopt aan Heer en Meester Jacop van den Boomen, pater des Convents van Ommel, ten zijnen behoeve een cijns van ƒ 11,- per jaar, in kapitaal ƒ 200,- à 5½%.

Asten Rechterlijk Archief 71 folio 39; 27-02-1630:
Frans Mathijssen verkoopt aan Heer en Meester Jacobus van den Boomen, pater des Convents van Ommel, ten behoeve van dit Convent een cijns van ƒ 11,- per jaar, in kapitaal ƒ 200,- à 5½%.

Asten Rechterlijk Archief folio 95; 15-07-1630:
Marcelis Franssen verkoopt aan Heer en Meester Jacop Symons van den Boomen, pater des Convents van Ommel, en ten zijnen behoeven een cijns van ƒ 3,- per jaar, in kapitaal ƒ 50,- à 6%.

Bij een andere overdracht wordt nog een andere zuster, Catharina Marcelis Peter Jacops, binnen het convent genoemd:

Asten Rechterlijk Archief 73 folio 79; 16-09-1632:
Marcelis Peter Jacops, schepen en Willem, zijn zoon, transporteren aan Heeren Meester Jacop van den Bomen, pater des Convents van Marienschoot tot Omel en Soeur Catharina van Aelst, materse van dit Convent en ten behoeve daarvan een rentebrief van 4 gulden 17 stuiver 2 oirt per jaar ten laste van Michiel Franssen van 11-02-1613; een rentebrief van 3 gulden 10 stuiver per jaar ten laste van Elisabeth weduwe Willem Aert Willems van 07-12-1632;  een rentebrief van 7 gulden 10 stuiver per jaar ten laste van Aert Peters van Mierlo van 03-07-1626; een erfbrief van een stuck beempts gelegen in de Haeseldonck ten laste van Hanrick Jan Selen van 04-02-1631 te lossen met ƒ 125,-. Naschrift: Het voorschreven transport is gedaan ten behoeve van Catharina, dochter Marcelis Peter Jacops, religieuse binnen het convent, wezende de filiale portie van patrimoniale goederen soo bij haeren vaeder, alnoch in leven wesende, te versterven. Alsoyck bij doot haerder moeder zaliger op haer gedementeert en verstorven.  De overdracht is gedaan met instemming van de overige kinderen. 

De moeder overste van het convent, Catharina van Aelst, wordt ook nog genoemd met betrekking tot een schuld aan haar:

Asten Rechterlijk Archief 75 folio 56; 07-12-1639:
Mathijs van den Hove, schout, is schuldig aan zuster Catharina van Aelst, moeder van het Convent van Marienschoot te Ommel ƒ 100,- ten respecte ende vanwege de erfgenamen Frans Verlynden. Hiermee wordt gecasseert een gelofte van Mathijs aan wijlen Frans Verlinden met Cathalijn, zijn dochter van 15-09-1616 en gepasseert geweest in bovengenoemd klooster.

De vrouwe van Asten verkoopt ook een cijns aan Jacobus van den Boomen:

Asten Rechterlijk Archief 76 folio 32; 16-09-1644:
Agnes van Merode, Vrouwe van Asten, verkoopt aan Heer en Meester Jacop van den Bomen, pater des Convents van Marienschoot, te Ommel ten eigen behoeve een cijns van ƒ 1000,- à 5%. Onderpand haar hoeve in de Wolsberch in de Schiltmeer. Specificatie: 220 rijcxdaelders à ƒ 2,50 per stuk is ƒ 675-0-0; 6 1⁄2 pistoletten à ƒ 9,50 per stuk is 61-16-0; payment ƒ 3-5-0; 10 souveranen à ƒ 15,- per stuk ƒ 150-0-0; 11 dobbel ducaten à ƒ 10,- per stuk ƒ 110-0-0. Marge: 14-05-1659 gelost. 

 

Asten Rechterlijk Archief 76 folio 56 verso; 10-05-1645:
Meester Wolphart Ideleth, stadhouder en secretaris, te Someren, met procuratie de dato 27-03-1645 schepenen Someren verkoopt aan Floris de Merode namens Jan Marcelis, zoon wijlen Hanricx Verbaerssit en Margriet en naast hem Heer Jacobus van den Bomen, pater te Ommel, namens twee religieuse dochters in het Klooster te Ommel, van Hanricx en Margriet voorschreven voor het laatste 1⁄3e deel. 

In 1664 wordt naast Jacobus van den Boomen nog een tweede pater genoemd, waarschijnlijk Henricus van der Cruijs (zie Voormalige schuurkerk G463):

Resoluties Raad van State over 1648-1672, inventarisnummer 205 folio 76; 09-02-1664:
Verbaal van de heren Swanenburch en van den Hoogen die in de zomer op visitatie zijn geweest op de fortificatiewerken te 's-Hertogenbosch, verklarende dat toen de conventualen van het klooster te Ommelen een verzoek hebben ingediend om naast Jacobus Van den Boomen die vanwege zijn hoge ouderdom onbekwaam is hen te dienen, tot pater mogen hebben Hendrick van der Cruijsschen. Men keurt een 2e pater goed.

 

 

 

Hugo Kennis, 1679-1714

De Postelse religieus Hugo Kennis wordt van 1679 tot en met 1714 als rector van het convent Mariaschoot genoemd9:

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 110; 05-11-1701:
Juffrouw Maria Diels, nu wonende te Asten weduwe van Paulus Kennis in zijn leven wonend te Antwerpen en aldaar overleden. Zij verklaart dat zij met wijlen haar man heeft getesteert, gepasseert te Antwerpen. Uit dit testament blijkt dat tot executeur is aangesteld Jacobus de Cort, te Antwerpen, in zijn leven wonend ten huize van Roelants, Meester Silversmit, aldaar. De Cort is nu overleden. Zij stelt nu aan in diens plaats, haar zoon, Hugo Kennis.

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 130 verso; 31-10-1702:
Aert Kennis mede namens Govert in de Straedt, Francis de Cost getrouwd met Maria Kennis, te Overpelt, Govert in de Straet getrouwd met Anna Kennis voor zichzelf en mede voor Joost Kennis, zijn zwager, de onmondige kinderen van Adriaen Kennis. Allen erven van wijlen Maria Dielis weduwe Paulus Kennis. Zij geven procuratie aan Peter Kennis, hun mede-erfgenaam alsmede aan Thomas Poirters, als vader van zijn onmondige kinderen ook mede-erfgenaam om namens hen te verkopen een huis enzovoorts te Middelborgh staande en zoals achtergelaten door Maria, weduwe Paulus Kennis, overleden 28 october 1702.

 

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 135; 15-01-1703:
Paspoort voor Hugo Kennis, pater van het Convent van Ommel om zich te begeven buiten Asten, met knecht, paard en koets, ter verrichting  van zijn affaires.

 

Joannes Haseldonck

 

Als opvolger van Jacobus van den Boomen wordt Joannes Haseldonck genoemd, zoals blijkt uit onderstaand archiefstuk:

Rijksarchief Maastricht, Memorieboek van het klooster Maria-Schoot te Nunhem, 1626-1827, bladzijde 71:
Naer desen is met de meeste stemmen gecosen tot bichtvader den 12 Augusti 1666 den Eerwaarde Heer Joes Haseldonck hebbende als mede hulper den boven schreven confesseur om de gemeijnte te dienen te voren geholpen ontrent een half jaer.

Joannes Haseldonck was daarvoor vanaf juli 1656 pastoor in Heeze en zat vanwege de reformatie ondergedoken in Sterksel bij een bevriende familie. Joannes Haseldonck is op 29-12-1672 overleden en hieronder zijn doodakte:

Decembris Anni 1672, 29 R. D. J. Haseldonck, Omel.

29 december 1672 pater J. Haseldonck te Ommel.

Zijn overlijden staat ook beschreven in het archief:

Rijksarchief Maastricht, Memorieboek van het klooster Maria-Schoot te Nunhem, 1626-1827, bladzijde 151:
Anno 1672 den 30 December is seer godtvruchtelijck ghewapent sijnde met de leste Sacramenten in den Heer overleden den seer eerwaarde pater confessarius Mijn Heer Heer Joannes Haeseldonck die met veel goede exempelen en stichtbaer leven de religieuse conventualen van Omel vanden derden regel Santo Francisci heeft gedient den tijt van seven jaeren. Eenighe iaeren voor sijn doodt oock aengenomen hebbende den derden regel van Santo Franciscus ende seer volcomenlijck beleeft requiescat in pace.

Uit datzelfde memorieboek kunnen we opmaken dat Egidius (Dielis) van der Voort daarna rector is geweest (zie verderop in deze beschrijving). Ook hij was pastoor in Heeze en bij de heemkundekring Heeze, Leende en Zesgehuchten lezen we over hem:

In 1686 huurde pastoor Aegidius van der Voort een huis in de nabijheid van de Sint Antonius Kapel in Heeze, welk huis in het zelfde jaar met vele oudheden en aantekeningen afbrandde. De pastorie was door den predikant geoccupeerd.

 

Rijksarchief Maastricht, Memorieboek van het klooster Maria-Schoot te Nunhem, 1626-1827, bladzijde 75:
Naer de aflijvigheijt van den pater rector Dielis van der Voort, is in sijn plaets voor bicht vader, ende voor pater rector met versoeck ende met de gehele stemme van de hele gemijnte den eerwaarde Heer Mijn Heer Joannis Spierincx werlijcken prister en heeft posessie genomen den 24 junius 1739 met volle macht en wel believen van onsen eerwerdige oversten den groten vicarius van ons bisdom van Luijck.

 

Asten Rechterlijk Archief 7 folio 251; 26-01-1678:
Zuster Margereta van Tricht, materse van het Convent van Ommel en zuster Jenneke van Moorsel, procuratesse van het convent aanleggers contra Joris Willems van der Wynden, gedaagde.

Asten Rechterlijk Archief 8 folio 149; 06-10-1683:
Suster Jenneke van Moorsel, moeder des Convents van Ommel, namens dit convent, aanlegger contra Merike weduwe Marcelis Claessen Berckers, gedaagde.

 

Asten Rechterlijk Archief 112 folio 119; 18-07-1711:
Antony Josephs Verdeuseldonck en Jenneke Verrijt, zijn vrouw, aan den Ommelschen Bosch, testeren. Hij cloeck ende gesont, zij ziek. Onder andere:  Testateuren hebben, gedurende zestien jaar, jaarlijks 50 pond boter geleverd aan Heer Jan Verhaseldonck zonder daarvan een duyt genoten te hebben.

 

Joannis Spierincx

 

Reinerus van der Putten

 

Referenties
  1. ^Maria's heerlijkheid in Nederland, 1904 (https://www.delpher.nl/nl/boeken/view?identifier=MMKB18A:048923000:00353&query=%22kerk+van+ommel%22&coll=boeken&sortfield=date&rowid=1)
  2. ^Onze Lieve Vrouw, toevlucht in elke nood (https://www.meertens.knaw.nl/bedevaart/bol/afbeelding/574/3916)
  3. ^Resolutien van de representanten van het volk van Bataafsch Braband, genoomen in den jaare 1796, het tweede jaar der Bataafsche vryheid, 1796 (https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=Resolutien+van+de+representanten+van+het+volk+van+Bataafsch+Braband%2C+genoomen+in+den+jaare+1796&coll=boeken1&identifier=s5uw0HIk9Z8C)
  4. ^Voorloopige lijst der Nederlandsche monumenten van geschiedenis en kunst, 1933 (https://www.delpher.nl/nl/boeken/view?identifier=MMSFKB02:000035467:00018&coll=boeken&page=2&query=%22van+berckel%22+asten&rowid=1)
  5. ^Geschiedenis van het bisdom 's Hertogenbosch, 1872 (https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=%22jacobus+van+den+boomen%22&coll=boeken1&identifier=GsxeAAAAcAAJ)
  6. ^Bossche bijdragen; bouwstoffen voor de geschiedenis van het Bisdom 's-Hertogenbosch, 1937 (https://www.delpher.nl/nl/tijdschriften/view?identifier=MMKB26:000198001:00009&query=%22jacobus+van+den+boomen%22+asten&coll=dts&rowid=4&pres%5Bmaxperpage%5D=36&pres%5Bpage%5D=1&pres%5Bnobuffer%5D=bottom)
  7. ^Bedevaart en bedevaartplaatsen in Nederland (https://www.meertens.knaw.nl/bedevaart/bol/plaats/574)
  8. ^Korte beschrijving van de wonderen en mirakelen welke in vroeger jaren door de afsmeeking en voorspraak der Heilige Maagd en Moeder Gods Maria in de kapel van Ommel geschied zijn, 1843 (https://www.delpher.nl/nl/boeken1/gview?query=%22jacobus+van+den+boomen%22&page=1&coll=boeken1&identifier=3LFkAAAAcAAJ)
  9. ^Bossche bijdragen; bouwstoffen voor de geschiedenis van het Bisdom 's-Hertogenbosch, 1951 (https://www.delpher.nl/nl/tijdschriften/view?coll=dts&identifier=MMKB26:000203001:00364&objectsearch=%22hugo+kennis%22&query=%22hugo+kennis%22+ommel)

De meest gebruikte referenties staan in de introductie vermeld

Laatst bijgewerkt op 16 mei 2022, 12:43:20

XS
SM
MD
LG
XL
Heemhuis, Molenstraat 10, 5711 EW, Someren
Open voor bezoekers op dinsdag van 9 tot 12 uur
Het archeologiehuis is na afspraak open voor bezoekers
Bel hiervoor Peter van Bussel op (0493) 49 10 77 of (06) 38 06 71 63
Printen