logo

Index


Stegen 76

Andries Reynders bezat verschillende huizen in Ommel, Asten, Someren en Mierlo waaronder een huis in de Stegen, een op Voordeldonk en geheel onder een huis te Someren:

Asten Rechterlijk Archief 67 folio 4 verso; 12-02-1609:
Thomas Willems en Jan Dirck Willems getrouwd met Anneken, dochter Willem voorschreven verkopen aan Andries Reynen hun deel van huis, land en groes in de Stegen. Hun aangestorven van Jacob Janssen Verrijt en Anna, zijn vrouw hun ouders. Alnog één deel dat hun nagelaten is door Jacob Willems voorschreven hennen broeder.

Asten Rechterlijk Archief 67 folio 162; 09-01-1612:
Peter Lenart Huyberts, getrouwd met Jenneken, dochter Jan Dries en Margriet, zijn vrouw verkoopt aan Henrick Peter Bakermans huis, hof, hofstad en land aan Voerdeldonck en nog alle land en groes zoals dat hem ten deel gevallen is met Andries Reynders en met deze te delen. Er is nog een achterstaande pacht aan Willem Janssen van Beeck. Koopsom  200,-.

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 17-11-1626:
Andries Reynders te Asten heeft zijn hoeve te Someren, voor de tijd van vier jaar verhuurd aan Isebout Janssen van Brij te Someren. Na twee jaar heeft deze de hoeve verlaten en geabandonneert zonder opzegging te doen. Hij is over deze twee jaar nog schuldig 5 gulden, 16 stuiver, 8 vijmen schueffen, 64 pond boter en 6 mauwer eieren. Tot nog toe heeft hij dit in de minne niet verkregen. Wordt te Asten op de rol geplaatst.

Andries Reynders van Ruth is geboren rond 1580 en rond 1607 getrouwd met Merike en hieronder hun gezin:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Elisabeth Asten ±1608 Asten ±1630
Johannes Anthonis Canters
Asten ±1636 zie Voormalig huis C1171
2 Petrus Asten ±1610 Asten ±1637
Margaretha Joosten
Asten ±1660
3 Franciscus Asten ±1612 Asten ±1630
Theodora
Asten ±1660
4 Johannes Asten ±1614 Asten 28-02-1645
Johanna Petri van Rest
Asten 09-01-1673 zie Voormalig huis G647 en G648
5 Christina Asten ±1618 Asten ±1630
Lenaert Dryessen
Asten ±1640
6 Johanna Asten ±1620 Asten ±1640
Peter Hanrick Bollen
Someren 13-03-1666
7 Maria Asten ±1622

Andries Reynders van Ruth is rond 1640 overleden en daarna wordt de erfenis verdeeld:

Asten Rechterlijk Archief 75 folio 108 verso; 12-12-1640:
Peter, Frans en Jan, zonen van wijlen Andryes Reynders van Rudth, Jan Canters gehuwd geweest met Lijsken, dogter voorschreven voor de vier kinderen, Lenart Dryessen als mede momboir van de vier onmondige kinderen verwekt bij Christina, dogter voorschrevene. Peter Hanrick Bollen man van Anneken, dogter Andryes Reynders voorschreven Hanrick Gevers en ik secretaris, dit geschreven hebbende als momboiren van Merike, onmondige dogter van wijlen Anthonis Andryes Reynders voor-schreven. Allen erven van Andryes en wijlen Meriken, zijn vrouw. Zij verdelen de nagelaten goederen:
1e lot krijgt Peter Henricx Bollen een seecker goet gestaen ende gelegen binnen den dorpe van Someren zijnde leen van Brabant.
2e lot krijgt de onmondige Merike een geheel goet aan de Keyserstraet te Someren. Verder is overeengekomen dat het 1⁄18e deel in de goederen te Asten en verstorven waren op de crediteuren van wijlen Anthonis van Rudth; hetwelk door Merike alleen moest worden gedragen en het goet aan de Keyserstraet te Someren slechter is dan de andere delen. Zo geloven de overige delers dat zij dit 1⁄18e deel voor hun rekening nemen.
3e lot krijgt Peter Andries van Rudth een huis, hof, schuur, land en groes in de Stegen. Belast met 4½ vat en 1½ can rogge jaarlijks aan het Casteel te Mierloo, 1 mud rogge per jaar aan de Heer Servaes op het Sloot te Helmont.
4e lot krijgt Frans Andries van Rudth een rente van ƒ 1000,- à 5% - ten laste van de gemeente. Omdat dit loth is te seer slecht krijgt hij van de andere erfgenamen nog ƒ 1500,-.
5e lot krijgt Lenart Dryessen het gehele goet te Mierlo aan het Broeck.
6e lot krijgen Jan Andries Reynders en Jan Anthonis Canters alle goederen 2 huizen, schoppen, 2 schuren 36 lopense land en 45 lopense groes te Ommel en Bosch. Een rente van ƒ 2,- per jaar te Lierop, 10 stuiver per jaar te Lierop, 30 stuiver per jaar op den Diesdonck. Meester Wolphart Ideleth, secretaris, te Someren, gaat namens de crediteuren akkoord.

Volgens de verpondingen van 1662 is Petrus Andries van Ruth eigenaar van het huis en uit eerdere archiefverslagen blijkt dat hij al in 1634 huis en land op de Stegen had:

Verpondingen 1662 XIV-68 folio 47:
Peeter van Ruth, huijs.

Asten Rechterlijk Archief 73 folio 19; 28-03-1634:
Peter Andries Reynders van Ruth verkoopt aan Hanrick Peters, pastoor te Leveroy een cijns van ƒ 200,- à 6%. Onderpand huis en hof met de plack daaraan in de Stegen opte Boesschot 2½ lopense, ene zijde Michiel Peters, andere zijde en einde de straat, ene einde Dryes Reynders; land in de Boesschotse ackers, ene zijde erfgenamen Ruelen Dircx, andere zijde Anthonis Vreynssen, ene einde Roeff Joosten, andere einde de weduwe Hanrick Bernarts ende voorts grolijck op hebbende en vercrijgende ende die vercoper heeft helmelinge vertegen. Marge 17-04-1639 Dirck Peters van de Molendijck, broeder van Hanrick Peters en als mede-erfgenaam stemt toe in cassatie.

Zoon Petrus Andries van Ruth is geboren te Asten rond 1610 en rond 1637 getrouwd met Margaretha Joosten, geboren rond 1610 en weduwe van Nicolaas Thijssen. Hieronder de gezinnen van Margaretha Joosten met Nicolaas Thijssen en met Petrus Andrae van Ruth:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1* Elisabeth Asten ±1635 Asten 04-02-1659
Philip Franssen
Asten 19-12-1687 zie Voormalig huis C1323
2 Johannes Asten 29-04-1638 Asten 27-06-1662
Jenneken Cornelis
Asten 24-09-1704 zie Stegen 80 en ook Berken 7
3 Nicolaas Asten 29-10-1642 Asten 30-01-1678
Helena Aerts Tielen
Asten 28-02-1680
Maria Jansen Verrijt
Asten 12-10-1708 zie ook Voormalig huis B706
4 Andreas Asten 03-02-1646 Asten ±1668
Jenneke
Asten 19-01-1674
5 Catharina Asten 28-03-1650 Asten 04-12-1672
Reynier Adriaen Cranenbroeck
>1712 wonend in Mierlo en Netersel
genoemd in 1712 in Bergeijk

*  kind uit het eerste huwelijk van Margaretha Joosten

Petrus Andries van Ruth heeft een schuld:

Asten Rechterlijk Archief 74 folio 63 verso; 19-12-1635:
Peter Andryes Reynders van Ruth is schuldig aan Anthonis Thonis Lomans ƒ 446,-. Marge 05-05-1641 Daendel en Mathijs, zonen Tonis Lomans zijn voldaan van hun deel in deze gelofte op 10-07-1658. Peter en Jan, zonen Anthonis Tonis Lomans zijn voor hun deel ook voldaan. Zij stemmen toe in cassatie. 

Petrus Andries van Ruth draagt een rente over:

Asten Rechterlijk Archief 74 folio 74; 05-02-1636:
Peter Dryes Reynders van Ruth heeft overgedragen aan Meester Geraert van Brey, priester een rente van ƒ 50,- à 6%. Onderpand een beemd 3 1⁄2 lopense naast de weduwe Henrick Bernaerts; land 2 1⁄2 lopense naast Reynder van Ruth. Alles tot behoef van het beneficie voor Sint Andries, Peter en Pauwels en Sint Jan Baptista.

Petrus Andries van Ruth betaalt een rente:

Asten Rechterlijk Archief 75 folio 212; 09-04-1643:
Peter Dryessen van Ruth zal een rente van ƒ 14,- per jaar aan Peter Boudewijns van Santvoort te 's Hertogenbosch de dato 15-11-1624, 's Hertogenbosch betalen zodanig dat de erven van Jan Hanrick Stricken en de erven van Jan Joost Stouten hiervan ontlast zullen blijven. 

Petrus Andries van Ruth koopt een stuk land:

Asten Rechterlijk Archief 77 folio 103 verso; 12-02-1652:
Goort Joost Goris en Goort Jan Blockmaeckers als momboiren van het onmondige kind van wijlen Joost Thijs Franssen getrouwd geweest met Margriet Jan Lenaerts. Zij verkopen aan Peeter Andries van Ruth land de vlaes bij weiveld de Paeppendonck op de Loop 1 1⁄2 lkopense 1 copse naast Jan Michiels.

De vrouw van Petrus Andries van Ruth wordt belaagd door Jacob en Mathijs Henrick Bernarts (zie Voormalig huis G92):

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 03-07-1652:
Dirick van den Hoevel, schout, aanlegger contra Jacob en Mathijs Henrick Bernarts, gedaagden. Nog gedaagd zijn Thomas Willems, Fyken, zijn vrouw en Thomas Aerts.
Gedaagden hebben de vrouw van Peter Andries van Ruth, welke met de schapen onderweg was naar de beemden gewelt aengedaen. Diverse personen, in de akkers werkende, hebben dit gezien en gehoord, jae, oock het slaen met houten ofte clippelen ende het grooten gerucht ende getier. Zij kenden echter noch de vrouw van Peter van Ruth, noch Peter van Ruth zelf. Peter van Ruth en zijn vrouw, begrepen hebbende dat de voorschreven Thomas Willems en Thomas Aerts het gewelt gezien en gehoord hebbende zijn hen gaan aensprecken ende aensoecken om in deze rechtveerdiche saecke een goede eerlijke getuigenis te geven van hetgene zij gezien en gehoord hebben. Niet om qualijck, falselijcken ende bedriegelijcken te getuigen maar om expresselijcken ende vrijmoedelijcken de waarheid te bekennen. Zij ontkennen dat zij zich hieraan te buiten hebben gegaan en de getuigen om een broot oft twee tot een valse getuigenis hebben aangezet. Ende voorts belangende den getuygenisse van Thomas Aerts, dient gedenoteert ende geweeten dat de voorschreven Thomas te voorens tegen de voorschreven Peter Andriessen van Ruth geseght heeft, te hebben gesien, dat de voorschreven gedaaghden mette macht ende slaende Margriet, de vrouw van Peter. Hij zou daarvan getuigenis doen. 

Het bovenstaande voorval wordt tot in 's-Gravenhage afgehandeld:

Asten Rechterlijk Archief 78 folio 4 verso; 26-07-1653:
Alsoo questie en verschil was geresen tusschen Dirck van den Heuvel, schout, en uit klachten aan hem gedaan door Peeter Andries Reynders tegen Jacob en Matijs Hendrick Bernarts, als beklaagden, hetwelk zover was gegaan dat zij, beklaagden, bij vonnis van 07-07-1653 waren veroordeeld tot betaling der kosten gemaakt tijdens de afhandeling te 's Gravenhage. Om de zaak niet verder te laten escaleren is een absoluut akkoord gemaakt waarin onder meer is overeengekomen dat beklaagden zullen betalen ƒ 280,- aan de schout, zoals hem bij vonnis ten reguarde was toegezegd, ƒ 50,- aan de secretaris, ƒ 50,- aan den oude schout, ƒ 125,- nog aan den oude schout en aan de oude secretaris Volders hetgeen hij is pretenderende. Peeter Andries Reynders zal ontvangen een blaecxken erffve de Schutkoye 4 roede. Dit zal moeten worden getransporteert aan de voorschreven Peeter van Ruth. De kosten, heden en gisteren, gemaakt zullen half / half worden verdeeld. Daarmee zijn alle verschillen doot ende te niet. 

De goederen van de zus van Petrus Andries van Ruth worden verkocht aan broer Jan:

Asten Rechterlijk Archief 78 folio 25; 12-10-1654:
Peeter Andries Reynders van Ruth en Frans, zijn broeder, verkopen aan Jan, hun broeder, de op hen verstorven goederen van Elsken, hun zuster getrouwd geweest met Joost Anthonis Canters, offwel van het kynt van de voorschreven twee beddegenooten, lest gestorven en achterlatende Andries Reynders, grootvader van moederszijde en Anthonis Canters, grootvader van vaderszijde. Ook nog een obligatie van ƒ 112,- ten laste van de erven Thomas Philips van Heugten. 

Petrus Andries van Ruth is rond 1660 te Asten overleden en Margaretha Joosten leent een hooiland:

Asten Rechterlijk Archief 78 folio 180 verso; 16-08-1662:
Hans Walravens, vorster, heeft in belening overgedragen aan Margarieten weduwe Peeter van Ruth hooiwas in de Stegen 5 copse naast Matijs van den Hove. Te lossen met ƒ 46,- binnen 4 jaar. Verder is overeen gekomen dat Margriet, het eerste jaar, het gehele hooi zal genieten en de andere drie jaar de helft. Hans zal dan de andere helft ontvangen en de geheele nawey. 

Margaretha Joosten regelt de erfenis voor haar dochter uit haar eerste huwelijk:

Asten Rechterlijk Archief 78 folio 193; 27-03-1663:
Margriet weduwe Peeter Andriessen van Ruth, haar laatste man geassisteerd met Jan Andriessen van Ruth en Jan Joosten momboiren van haar en haar nakinderen verwekt bij de voorschreven Peeter ter eenre en Philips Fransen getrouwd met Lijsken voordochter van Margriet verwekt bij Claes Tijssen, wijlen haar eerste man ter andere zijde. Zij verdelen minnelijck de erfmeubelen die in het sterfhuis zijn geweest bij de doot van Claes Tijssen hiervan is geen staet ende inventaris gemaakt. Margriet zal betalen aan Philips Fransen ƒ 332,50, hij ziet dan verder af van elke pretentie. Margriet mag volkomen vrij over de goederen beschikken. Er is een reserve gemaakt ten opzichte van de goederen, gelegen te Vlierden, en die Margriet van haar ouders zijn aangekomen.

Margaretha Joosten maakt haar testament op:

Asten Rechterlijk Archief 53; 12-12-1677:
Margriet weduwe Peeter Andriessen van Ruth, in de Steegen, testeert. De erfgenamen zullen na haar dood een mud coorne laeten backen ten behoeve van de Armen van Asten. Al haar kleederen, soo wolle als linnen tgene tot haeren lijve is gemaeckt en gehoorende uit te reiken aan de Armen van Asten. Alleen een swarte laeckene rock, geboort met een koortie, ongevoedert sijnde geeft zij aan haar dochter Maria. Aan Nicolaes, haar zoon, wegens de veelvuldige en getrouwe diensten ƒ 100,- vooruyt. En daarenboven het geld dat Nicolaes heeft verdiend met karre en peert in het leger voor Maestricht, bij de overste Spaen. Nog de bijen en alles daarbijhorende. Zij wil verder dat Nicolaes en Andries, haar zonen, een uytsetsel zullen ontvangen als de andere gehad hebben. Als erven worden benoemd de vier kinderen van haar en Peter Andriessen van Ruth.

Margaretha Joosten is als Margriet Peeters van Ruth te Asten op 15-02-1679 overleden. Na haar overlijden wordt de erfenis verdeeld, waarbij Jan Peeters van Ruth het oude huis erft (zie Stegen 80) en Reynier Adriaen Cranenbroeck het nieuwe huis:

Asten Rechterlijk Archief 82 folio74; 23-04-1679:
Jan Peeters van Rut, Andries Peeters van Rut, Nicolaes Peeters van Rut, Reynier Adriaen Cranenbroeck man van Catalijn Peeter van Rut. Kinderen en erven van Peeter Andriessen van Rut man van Margriet Joosten. Zij verdelen de nagelaten goederen:
1e lot krijgt Jan Peeters van Rut, het oud huis, hof, hofstad en halve dries in de Steegen 2 lopense; land den Kreyestart 2 lopense; land in den Boesschot 1½ lopense; land in de achtersten Beyndert 3 lopense; land, de helft van de rechte Beyndert geheel 4 lopense; land, de helft van het voorste Grootvelt geheel 6 lopense; land het voorste Weyvelt 1½ lopense; land, de helft van het achterste Grootvelt geheel 4 lopense; groes den Meulenbempt 7 lopense; groes het Natveltien 4 lopense; groes ter plaatse voorschreven 5 lopense; groes ter plaatse voorschreven 2 lopense; groes in de Vordeldonckse beempden 1½ lopense; groes in de Papendonck 2 lopense; de helft van het Heytvelt geheel 3 lopense. Belast met de helft van alle pachten, renten, cijnsen die in dit goed bevonden worden te delen met Reynier Cranenbroeck; ƒ 50,- aan Margriet, weduwe Wouter Clijnens, te Vlierden; ƒ 200,- samen met Reynier Cranenbroeck en Andries Peeters van Ruth aan NN.
2e lot krijgt Andries Peeters van Ruth ƒ 1000,- ten laste van de gemeente Asten, ƒ 150,- te betalen door Reynier Cranenbroeck en Jan Peeter van Ruth.
3e lot krijgt Nicolaes Peeters van Ruth de goederen gelegen te Bergelen, in Vlierden door Margriet, weduwe Peeter Andriessen van Ruth, nagelaten. Met uitzondering van het 1⁄6e deel uit het vaste goed hetwelk Flips Fransen toekomt. Belast met ƒ 100,- aan Margriet, weduwe Wouter Clijnen, uit een meerdere rente van ƒ 200,- samen met Jan Peeters van Ruth en Andries Cranenbroeck te betalen.
4e lot krijgt Rijnier Cranenbroeck het nieuw huis, hof, hofstad, schuur 2 lopense; land in den Boeskamp 5 lopense; land de helft van de voorste Bijndert geheel 4 lopense; land de middelste Bijndert hierin 2 lopense; de helft van het voorste Grootvelt geheel 6 lopense; land het achterste Weyvelt 1½ lopense; de helft van het achterste Grootvelt geheel 4 lopense; groes D'engelbempt; het Natvelt 2 lopense; groes de achterste Eeuselen 7 lopense; het Vordeldonccx grootvelt 4 lopense; de helft van het Heytvelt geheel 3 lopense. Belast met ƒ 50,- aan Margriet, weduwe Wouter Clijnen, te Vlierden in een meerdere rente van ƒ 200,- samen met Jan en Andries, de helft van alle pachten, cijnsen en renten die bevonden mogen worden samen met Jan Peeters van Ruth.

Korte tijd later verkoopt Reynier Cranenbroeck zijn bezit in de Stegen aan zijn zwager Nicolaas Peters van Ruth:

Asten Rechterlijk Archief 8 folio 82; 10-06-1679:
Reynier Cranenbroeck man van Catalijn Peters van Ruth, te Mierlo, verkoopt aan, Claes Peters van Ruth, zijn zwager en Margrieta, dogter van Claes Peters en Heylke, dogter van Aert Jan Tielen, Aert is ook present, een huis, hof, land, groes in de Steegen, ene zijde Jan van Ruth, andere zijde Willem Jacobs. Koopsom ƒ 820,-. Naschrift: De koper moet vier jaar de intrest trekken van de dorpsrente, zijnde ƒ 45,-.

Volgens de verpondingen van 1680 is Nicolaas van Ruth eigenaar van het huis:

Verpondingen 1680 XIV-58 folio 20 verso:
Nicolaes van Rut, van Peeter Roefs.

Zoon Nicolaas Peters van Ruth is geboren te Asten op 29-10-1642 en op 30-01-1678 te Asten getrouwd met Helena Aerts Tielen, geboren te Asten op 21-06-1652 als dochter van Arnoldus Joannes Tielen en Elisabeth Jan Kemp. Na haar overlijden als Heylke Claessen van Ruth op 24-02-1679 te Asten is Nicolaas Peters van Ruth hertrouwd te Asten op 28-02-1680 met Maria Jansen Verrijt, geboren te Asten rond 1650 als dochter van Johannes Verryt:

Juncti sunt matrimonio Nicolaus Peters van Ruth et Helena Aert Tielens; testes Franciscus Jansen van Ruth et Wilhelma Jansens.

In huwelijks echt gebonden Nicolaus Peters van Ruth en Helena Aert Tielens; getuigen Franciscus Jansen van Ruth en Wilhelma Jansens.

02

De gezinnen van Nicolaas Peters van Ruth met Helena Aerts Tielen en met Maria Jansen Verrijt:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Margareta Asten 30-01-1679 Kind Asten ±1680

* voor zover bekend zijn er geen kinderen uit het tweede huwelijk geboren

Nicolaas Peters van Ruth koopt een stuk groes:

Asten Rechterlijk Archief 82 folio 52; 07-07-1678:
Aert Dielis verkoopt aan Claes Peeters van Ruth groes de Bleecken 5 copse naast Hendrick Jan Ceelen. Verponding ƒ 0-10-0 per jaar. Koopsom ƒ 99-07-08.

Nicolaas Peters van Ruth heeft een schuld, waarbij ook zijn dochter wordt genoemd:

Asten Rechterlijk Archief 82 folio 94; 14-12-1679:
Nicolaes Peters van Ruth is schuldig aan Jenneke weduwe Jan Andriesen van Ruth ƒ 225,- à 5%. Ende staet te weten dat Claes dese penningen heeft overnomen met sijne erfgoederen, alsoo dese penningen sijn opgenomen bij Margriedt sijne moedere, soodat Huybert Jan Tielen tselve in naem van sijnen broeder Joost Jan Tielen als momboir van het onmondige kint van Claes voorschreven die welcke consenteert int gene voorschreven staet. Alsoo kennelijck is dat Claes deselve niet ende heeft opgenomen. Marge: 23-01-1695 Frans van Rut is namens zijn moeder voldaan.

Het eerder gkochte groes wordt door Nicolaas Peters van Ruth weer verkocht:

Asten Rechterlijk Archief 81 folio 76; 06-11-1683:
Nicolaes Peeters van Ruth verkoopt aan Philips Dirck Philipsen groes in de Bleecken 1 1⁄2 lopense naast Hendrick Jan Canters.

Nicolaas Peters van Ruth pacht land van Catharina, de weduwe van Johannes antonis Paulus:

Asten Rechterlijk Archief 8 folio 322; 22-11-1684:
Marcellus Martens, aanlegger contra zekere onderpanden toebehorende aan Lijneke weduwe Jan Antonis Paulus, Frans Jacob Hendrick Bernaerts, Jan Peeters van Ruth en Nicolaes van Ruth gebruikers en gedaagden. Aanlegger heeft een constitutiebrief de dato 30-04-1641 van ƒ 7,50 per jaar en 10 jaar achterstand. Hij verzoekt de onderpanden te mogen pantsteecken.

Nicolaas Peters van Ruth is betrokken bij slechte afwatering in de Steegen:

Asten Rechterlijk Archief 108 folio 40; 11-02-1686:
Op 30-01-1686 zijn ten verzoeke van Hendrick Jan Canters cum suis, als borgemeesters, nog enig meubelen, die ten huize van Nicolaes van Ruth waren en toebehoorde aan Andries van Ruth, verkocht. Na afloop van de verkoping, zijn Nicolaes, Jan van Ruth, Thomas Jacobs en anderen, wonende in de Steegen, door ons, attestanten, verzocht om inspectie te doen dat de een en den anderen het waeter aldaer in de Steegen opstopten ende den eenen ander sijnen beempden daerdoor verdroncken. Er is gevraagd door wiens oorzaak het water zijn loop niet meer heeft. Aan ons is toen de naam van Goort Paulus genoemd. Gekomen zijnde ter plaatse van de opstopping, bij den Hoogenacker, die ten dele is van Antonis Lomans en Goort Paulus sprak deze laatste seer heevige woorden hij zou nooit ofte nimmer meer toestaan dat het water neffen den Hoogenacker zijn loop zou hebben. Ziende echter dat de graeff was opgeveeght ende de aerde die op den cant lagh wederom in den graeff gestooten te sijn. Ons is verklaart dat de medeburgers wel tevreden zijn dat het water sijnen cours zou gaan langs de voorschreven Hoogenacker. Er zijn dan hevige woorden gevallen tussen Jan Peeters van Ruth en Goort Paulus, waarbij de laatste de voornoemde Jan van Ruth heeft gestooten met sijn armen, dat dese Jan van Ruth, door het selve stooten is gevallen en wel soodanigh dat sijn lichaem tenemael nat was. Jan van Ruth heeft zijn beklag gedaan aan de ondervorster en deze heeft Goort Paulus becalangeert. Was getekend Peter van der Lith en Jan Somers.

Nicolaas Peters van Ruth koopt een ander stuk groes in de Stegen en verkoopt een stuk hooiland:

Asten Rechterlijk Archief 86 folio 62; 20-04-1688:
Thomas Jacobs verkoopt aan Nicolaes Peters van Rut voor ƒ 72,- groes de Vlaes 2 lopense naast Maria Jan Dielis.

Asten Rechterlijk Archief 107b folio 4; 09-05-1689:
Claas Peeters van Ruth verkoopt aan Aert Aert Tilen hooiland 5 lopense naast Bruysten Vreyns Joosten. Van deze 5 lopense zijn 2 lopense. geschonken. Schepenen Helmond. Geregistreerd Asten de dato 15-03-1717.

Nicolaas Peters van Ruth wordt tot borgemeester benoemd:

Asten Rechterlijk Archief 10 folio 81; 21-06-1692:
Jan Andriessen is aangesteld als ongeleerde borgemeester van Sint Jan 1692-1693. Jan Verdijsteldonck is aangesteld als ongeleerde setter. Op 25-06-1692 is Joost Roefs aangesteld tot setter en op 28-06-1692 is Nicolaes van Ruth aangesteld als borgemeester.

Asten Rechterlijk Archief 87 folio 44; 28-02-1693:
Nicolaes van Rut en Jan Andriessen, borgemeesters, zijn schuldig aan Matius van Hove, koopman, te Eyndhoven ƒ 350,- à ƒ 14-17-8 per jaar.

Nicolaas Peters van Ruth en zijn vrouw Maria Jansen Verrijt maken hun testament op:

Asten Rechterlijk Archief 109 folio 65; 22-05-1694:
Nicolaes Peters van Ruth getrouwd met Maria Jan Fransen van Ruth. Zij testeren.
Zij willen dat hun contract ante nupteael ofte houwelijcxe voorwaerden de dato 20-01-1680 schepenen Asten van nulle en van geender waerde zal zijn. De testateur wil, dat na zijn dood, al zijn goederen, roerend en onroerend, gaan naar zijn tegenwoordige vrouw omme daervan te genieten haer onderhout gelijckerwijs de selve tot noch toe gehadt ende genooten heeft met de vrijheid om enige goederen te mogen verkopen of anderszins, indien haar inkomen niet voldoende is. Na haar dood zullen de overblijvende goederen succederen op zijn, testateurs, naaste vrienden. Indien de testatrice voor haar man komt te overlijden dan zullen al haar goederen in vol eigendom overgaan naar haar man, dit met inbegrip van de goederen gekomen van haar zijde een en ander zonder dat de naaste vrienden van de testatrice enige pretentie kunnen laten gelden op deze goederen. 

Nicolaas Peters van Ruth is borg voor chirurgijn Graet:

Asten Rechterlijk Archief 10 folio 184; 01-09-1694
Nicolaes Peters van Ruth stelt zich borg voor Meester Gerard de Graedt, chirurgijn wonende ten huize van Nicolaes van der Linden. Een en ander omdat de chirugijn en zijn vrouw buiten Asten zijn geboren en hier hun domicilie graag zouden hebben. Mocht Gerard, zijn vrouw en kinderen tot armoe geraken dan zal hij aan de Armekas een bedrag tot ƒ 300,- voldoen.

Nicolaas Peters van Ruth was een imker:

Asten Rechterlijk Archief 109 folio 63 verso; 13-04-1694:
Peeter Dielis van Heughten heeft gekocht van Nicolaes van Ruth 68 bijenstocken welke voornoemde bijen hier te Asten sijn gevoeght, mitsgaders gevlogen hebben. Wij, schepenen van Asten, verklaren dat hij ook heeft gekocht van Peeter van Moorsel, te Zomeren 35 bijenstocken welke zijn gevoeght en gevlogen hebben te Zomeren.

Nog een stuk groes en hooiland wordt gekocht door Nicolaas Peters van Ruth:

Asten Rechterlijk Archief 89 folio 19 verso; 22-09-1700:
Jenneke weduwe Hendrick Jan Canters geassisteerd met Peter, haar zoon, verkopen aan Nicolaes Peters van Ruth groes in de Vloet 4 lopense naast Peter Roefs.

Asten Rechterlijk Archief 89 folio 40; 23-11-1701:
Jan Huyberts van Maris getrouwd met Anthoniske Jansen Verhindert verkoopt aan Nicolaes van Rut hooibeemt in de Bleecker 1⁄2 lopense naast Frans Cornelis. Verponding 10 stuiver per jaar. Koopsom ƒ 77,-.

Nicolaas Peters van Ruth spant een rechtszaak aan tegen Hendrick van den Bleeck inzake een betalingsachterstand:

Asten Rechterlijk Archief 33-52; 05-12-1701 en 15-03-1702:
Claes Peters van Rut, aanlegger contra Henrick van den Bleeck, gedaagde. Betreft voldoening van vier jaar hoypacht à 13,25 per jaar.
Gedaagde heeft van aanlegger in huur hooiland in de Swartbroeck 4 lopense of 1⁄2 bunder. Huurtermijn 4 jaar. Huurprijs: ƒ 13,25 per jaar, zijnde nu ƒ 53,- schuldig. Tot nu toe is, ondanks aanmaningen, van betaling niets gekomen. Mede omdat gedaagde zegt dat hij van aanlegger ook een en ander te goed heeft. Aanlegger zegt dat hij ook nog andere vorderingen op gedaagde heeft en dat daarom deze huurovereenkomst buiten die andere zaken moet blijven.

Voor zijn bijen heeft Nicolaas Peters van Ruth een paspoort nodig:

Asten Rechterlijk Archief 110 folio 124; 16-06-1702:
Paspoort voor: Nicolaes van Rut welcke sigh selven is generende met bijen. Welcke bijen de voornoemde Nicolaes van Rut laet brengen ende vervoeren ontrent de stadt van Nimweegen ofte elders aldaer om beeter vlucht te hebben voor de bijen en dan wederom laet brengen, alhier tot Asten.

Nicolaas Peters van Ruth koopt nog een huis in de Stegen (zie Voormalig huis B706):

Asten Rechterlijk Archief 89 folio 60; 04-06-1703:
Adriaen Willems en Goort Aert Dielis als geëde momboiren over de drie onmondige kinderen van wijlen Catalijn, dochter van Aert Dielis genaamd Willem, Catalijn en Dirck; Maria, Anneke, Jenneke en Goort kinderen van Aert Dielis en Heylke, zijn vrouw. Zij verkopen aan Nicolaes van Rut een huis, land en groes in de Steegen 25 lopense nagelaten door hun ouders, ene zijde Thomas van de Graeff, andere zijde de kinderen Hans Walravens. Belast met ƒ 0-10-4 jaarlijks aan de Heer van Asten. 5 duiten jaarlijks aan het boek van Kessel, nu de weduwe van Roefs, te Helmont. ƒ 0-6-4 jaarlijks, met meer andere, aan rentmeester Hurn, ƒ 0-3-6 jaarlijks aan het Convent van Ommel, ƒ 0-1-10 jaarlijks aan de Kerk van Asten. Koopsom ƒ 332,70.

Nicolaas Peters van Ruth is ziek en past het testament aan en de onroerende goederen gaan naar de kinderen van Jan Peeters van Ruth (zie Stegen 80) en naar de kinderen van Catharina Peeters van Ruth:

Asten Rechterlijk Archief 111 folio 81 verso; 03-02-1708:
Nicolaes van Ruth en Maria Janssen Verrijt, zijn vrouw, in de Steegen, testeren. Nicolaes ziek, Maria cloeck ende gesont. Alle voorgaande maeckselen vervallen. Zij prelateren, na overlijden van Nicolaes van Ruth, aan Hendrick Tho poel, schepen, alhier ƒ 300,- als een verering. Na hun beider overlijden aan Francyntien, dochter Philips Wouters de Groot ƒ 100,- wegens gedane diensten. Aan Marie Jan Fransen Verrijt ƒ 100,- om daarmee haar vrije wil te doen. De langstlevende van hen beide blijft in het bezit van alle goederen, huis als anderszins, om daaruit jaarlijks een inkomen te genieten. Na hun beider dood gaan alle goederen, huis, land, groes, hen toebehorende en van zijn ouders aangekomen of staande het huwelijk aangekocht naar de kinderen van Jan Peeters van Ruth voor de ene helft en voor de andere helft naar de kinderen van Catalijn Peeters van Ruth getrouwd met Reynier Tielens, te Nedersel, quartier van Kempenlandt. De doode handt met de levende te deylen. Zij worden zijn universele erfgenamen. Testatrice verklaart tot haar enige erfgenamen van haer gelden van haar zijde gekomen de kinderen van wijlen Jan Fransen Verrijt en Maria Roefs, in eerste huwelijk met name Jenneke, Jan en Francyntie.

Nicolaas Peters van Ruth is op 12-10-1708 te Asten overleden en zijn goederen worden getaxeerd:

Asten Rechterlijk Archief 162; 09-11-1708:
Taxatie van de onroerende goederen van Nicolaes van Ruth overleden op 13-10-1708. Maria Janssen Verreyt is zijn weduwe.
Een huisje en aangelag in de Stegen 2 lopense, ene zijde Frans Huyberts, andere zijde Jan Walravens ƒ 75,-.
Huis, hof, en aangelag in de Steegen 1 lopense ƒ 150,-.
Land de Kreyenstart 1 1⁄2 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 8,-
Land en groes aen de Meulendijck 2 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 25,-.
De hei- land den Hoorickacker 1⁄2 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 6,-.
Land den voorste Bernaert 3 1⁄2 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 28,-.
Land den achterste Bernaert 4 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 20,-.
Land den Boescamp 3 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 18,-.
Land het Campken 5 copse naast Peter Canters ƒ 15,-.
Land de Creyenstart 1 1⁄2 lopense naast Frans Jansen ƒ 8,-.
Land de Vlaes 1 1⁄2 lopense naast Hendrick van Ruth ƒ 8,-
Land de Cruysecker 2 lopense naast de kinderen Thomas Jacobs ƒ 10,-
Henstje 1⁄2 naast de kinderen Thomas Jacobs ƒ 2,50.
Groes de Vloet 2 lopense naast de kinderen Antonis Leppers ƒ 3,-.
Groes het Swartbroeck 1 1⁄2 lopense naast Frans Hoefnagel ƒ 2,50.
Hei en wei de Engelbeemden 2 lopense naast Frans Jacobsƒ 12,-.
Heiveld 1 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 2,-
Groes het Natvelt 1 lopense naast de kinderen van Jan van Ruth ƒ 3,-.
Groes Heeckelershoeck 6 lopense naast Goort Paulus ƒ 21,-.
Groes het Weyvelt 3 lopense naast Goort Paulus ƒ 13,-.
Land het Hooghvelt 2 lopense naast Adriaen Willems ƒ 10,-.
Groes de Bleeck 1 lopense naast Willem Lomans ƒ 1,50.
Heiveld de Papendonck 1⁄2 lopense naast Hendrick van Ruth ƒ 1,-.
Totaal onroerende goederen: ƒ 442,50.
20e penning is ƒ 22,15.

Maria Jansen Verrijt heeft nog een schuld aan Hendrick Thopoel voortvloeiende uit hun laatste testament:

Asten Rechterlijk Archief 90 folio 91; 04-12-1709:
Maria Jan Fransen Verrijt weduwe Nicolaes van Ruth testament 03-02-1708 is schuldig aan Hendrick Tho poel ƒ 300,-, waarvan ƒ 100,- gelost. Rest ƒ 200,- à 4%. 

Om die schuld af te lossen verkoopt ze roerende goederen:

Asten Rechterlijk Archief 147; 14-12-1709:
Marie Jansen Verrijt weduwe Nicolaes Peters van Ruth verkoopt bestialen, hooy, strooy, huysraet en bouwgereetschap, onder ander vee ƒ 46,-, overig ƒ 58,-. Totaal ƒ 104,-. Na aftrek van alle kosten en lasten resteerde ƒ 2,-.

Bij de verpondingen van 1709 is Maria Jansen Verrijt eigenaar van het huis, maar verhuurt het aan Antonis Stevens:

Verpondingen 1709 XII-5 folio 33:
De weduwe Nicolaes van Ruth. Gebruiker Antonis Stevens.

Na het overlijden van Maria Jansen Verrijt als Maria Claes van Rut te Asten op 29-11-1719, zij heeft met Nicolaas van Ruth geen kinderen, worden de goederen beheerd door de kinderen van Jan Peeters van Ruth (Hendrick van Ruth, Willem Frans Kels, man van Margaretha van Ruth en Hendrick Jansen Gruythuyzen, man van Alegonda van Ruth). Ze worden of verkocht om vervolgens te worden geëxecuteerd en doorverkocht aan vorster Gerrit van Riet:

Asten Rechterlijk Archief 92 folio 193 verso; 04-08-1721:
Hendrik Jansse van Ruth verkoopt aan Antonis Stevens huis, hof en aangelag in de Stegen 5 lopense, ene zijde Frans Cornelis, andere zijde Jan Walravens, ene einde de straat, andere einde de goederen van Willem Franssen.

Asten Rechterlijk Archief 115 folio 168 verso; 01-04-1723:
Johan Verstegen, deurweerder, uit kracht van het executoriaal van Staten Generaal op 11-01-1723 en met procuratie van Johan de Jong, drost, te Heese en Leende als rentmeester van den Armen Appostelhuyse, te Mierlo op 30-03-1723 neemt in arrest de goederen van Willem Franssen en Hendrik Gruythuysen, gekomen van Claas Peters van Rut, huis, hof, aangelag, land en groes.

Asten Rechterlijk Archief 93 folio 12; 29-03-1724:
Johan Verstegen, deurwaarder, verkoopt, met authorisatie van Johan de Jong, drost te Heese en Leende, als rentmeester van het Apostelhuys, te Mierlo, tot profijt van de crediteuren. Hij verkoopt aan Gerit van Riet, vorster, de goederen van Willem Franssen en Hendrik Gruythuysen, een huis, hof en aangelag in de Stegen 1 lopense, ene zijde weduwe Kerckhof, andere zijde Hendrik van Rut en Joost Jansse; land, groes en hei 23 lopense. Belast met ƒ 0-11-4 per jaar aan de Heer van Asten. Koopsom ƒ 105,-. Lasten ƒ 14,06. 

Gerrit van Riet verkoopt huis en land door aan Willem Frans Kels voor diens zoon Francis:

Asten Rechterlijk Archief 94 folio 174; 27-12-1738:
Gerrit van Riet verkoopt aan Willem Frans Kels een huis, hof en aangelag 1 lopense, ene zijde Joost Hoebergen, andere zijde de weg; land de voorste Bendert 1 lopense, ene zijde Hendrik van Ruth, andere zijde Joost Jansen; land de Voorste acker 2 lopense, ene zijde Jacob Fransen, andere zijde Hendrik van Ruth; land de Grootenacker 3 lopense, ene zijde Hendrik van Ruth; land den agtersten Bendert 2 lopense, ene zijde Hendrik van Ruth, andere zijde erven Jacob Fransen; land den Dousdonck 1½ lopense, ene zijde Lambert Tijssen, andere zijde Jan Walravens; land den Campenberg 1½ lopense, ene zijde Hendrik van Ruth, andere zijde Joost Jansen; groes en land het Heyvelt 1½ lopense, ene zijde weduwe Aart Kerkhoff, andere zijde Hendrik van Ruth; groes het Natveltje 1 lopense, ene zijde Hendrik van Ruth, andere zijde Joost Jansen; twee groesvelden 3 lopense, ene zijde Lambert Tijssen, andere zijde Hendrik van Ruth; groesveld den Kickereshoeck 2½ lopense, ene zijde Paulus Driessen, andere zijde Jacob Fransen; hei / groes den Engelsbeemde 4 lopense, ene zijde Lambert Tijssen, andere zijde Jacob Fransen. Belast met ƒ 0-11-4 per jaar aan het Huis van Asten. Opbrengst ƒ 200,-. Willem Frans Kels is, als vader en momboir van Francis, zijn zoon, schuldig aan Gerrit van Riet ƒ 200,- à 4%.

Willem Francis Kels is geboren te Asten op 25-01-1688 als zoon van Franciscus Jansen en Ida (zie Voormalig huis B695). Hij is te Asten op 24-04-1712 getrouwd met Margareta Jansen Verryt, geboren op 04-07-1681 te Asten als dochter van Jan Peeter van Ruth en Jenneken Cornelis (zie Stegen 80):

Juncti sunt matrimonio Wilhelmus Francis et Margareta Janss van Rut; testes Wilhelmus Willems et Petrus Francis.

In huwelijkse echt gebonden Wilhelmus Francis en Margareta Janss van Rut; getuigen Wilhelmus Willems en Petrus Francis.

03

Het gezin van Willem Francis Kels en Margareta Jansen Verryt:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Johanna Asten 21-10-1712 Ongehuwd Asten 01-06-1796
2 Gertrudis Asten 26-01-1716 Asten 25-05-1749
Goort Peter Jan Aarts
>1763
3 Johannes Asten 05-10-1718 Kind Asten ±1718
4 Hendrina Asten 12-10-1721 Asten 12-02-1747
Jacobus van de Cruys
Asten 15-11-1777 zie Stegen 80
5 Francis Asten 27-12-1725 Ongehuwd Asten 22-01-1763
6 Anna Maria Asten 24-10-1729 Someren 17-06-1770
Dirk Jan Verdonschot
Asten 18-03-1820

Willem Francis Kels is borgemeester geweest en moet hier een verklaring van goed gedrag voor Gabriel Swanenberg afleggen:

Asten Rechterlijk Archief 118 folio 114 verso; 03-06-1739:
Antony Voermans, vierman, Joost Verberne, gemeynte of peelmeester, Jan Jansen van Dijck, borgemeester, Jan Goort Loomans, Willem Jan Loomans, Willem Frans Kels en Jan Willem Haasen, oud borgemeesters. Zij verklaren dat Gabriel Swanenbergh, kerkmeester, schoolmeester, koster en voorlezer, alhier, zich altijd eerlijk en ordentelijk heeft gedragen.

Willem Francis Kels wordt nog gedaagd voor een achterstand in de verponding van de oorspornkeluijke eigenaar van het huis, een oom van zijn vrouw:

Asten Rechterlijk Archief 15 folio 133; 22-10-1742:
Willem Jan Loomans en Aart Driessen, als erfgenamen van Jan Dirk Coolen, oudcollecteurs der verponding, 1723, aanleggers contra Willem Frans Kels, Lambert Tijssen, Maria weduwe Joost Hoebergen en Geertruy weduwe Hendrik van Ruth als erfgenamen van Claas en Jan van Ruth, gedaagden.

Er wordt beslag gelegd op de goederen van Willem Francis Kels en zijn zoon Francis Willem Kels:

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 66; 28-03-1744 en 01-12-1744:
Gerrit van Riet, vorster, legt, met machtiging van Marcelis Geven en Francis Coolen, borgemeesters, 1741-1742, beslag op de vaste goederen van Willem Frans Kels tot verhaal van ƒ 8-11-04 en van Francis Willem Kels tot verhaal van ƒ 12-17-14.

De hond van Willem Francis Kels zorgt voor een vechtpartij in de Stegen:

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 170; 04-08-1747:
Jan Aart Wilbers, woonende bij Jan Jacobs Verberne, out ontrent 17 jaaren en Francis Willem Kels, out ontrent 20 jaaren, getuygen ter instantie van Antoni La Forme, drossard, te Deurne.
Jan Aart Wilbers, dat hij, op sondag, 23 juli laatstleden in den middag, ontrent twee uuren, gesien heeft dat de vrouw van Nicolaas van Neerven is gekoomen ontrent het huys van Willem Frans Kels wiens hont haar na loopte en dat sij den selve hont wegjaagde en na loopte en dat sij verder den scheper van Willem Frans Kels, genaamt Antoni, naloopte en hem met de oore vatte en schudde en daarop verder na de huysinge van Jan Jacob Verberne bij hem, deponent, koomende met een hout op sijn rug sloeg, sonder dat hij wederom sloeg, blijvende ontrent het huys staan, dat de vrouw van Jan Jacobs Verberne tegens voornoemde vrouw van Claas Neerven seyde: "Schaamde U niet dat gij tegens de jongens wat doet" dat de vader van de vrouw van Jan Jacobs Verberne, genaamt Hendrik Cornelis, woonende te Lieszel, tegens de voornoemde vrouw van Claas Neerven seyde: "Bruyt heen en daarop gesien heeft dat deselve met houte na malkanderen sloege en voornoemde vrouw tweemaal ter aarde sien leggen.
Francis Willem Kels verklaart dat hij op dag en uur als boven gesien en gehoort heeft dat Antoni den Scheper, scheper van Willem Frans Kels sijn hont kiste op Maria van Maarheese, dat sij daarop den scheper met de oore vatte en getrocke heeft. Dat hij, comparant, tegen haar seyde: "Vat hem maar bij de oore, hij mag niet hitsen". Waarop sij doen uyt de schop van Jan Jacobs Verberne twee dikke houte haalde, waarmede sij gegaan is tot het huys van Jan Jacobs Verberne en den knegt van deselve daarmede op de rugge sloeg, die de stock doen van haar vasthoude ende die losgelaaten hebbende, wanneer Neele Heyntje, woonende te Lieszel, wiens dogter alhier getrout is met Jan Jacobs Verberne en gesien heeft heeft dat deselve Neele Heyntje met een dick groot hout Maria van Maarhees naliep en malkanderen met houte sloegen en sij tweemaal ter aarde nederviel en daarop gesien heeft dat sij aanstonts seer aan haar hooft bloeyde. 

De tweede vrouw van Nicolaas van Neerven is Maria Wilberts van Maarhees (zie Voormalig huis C1173). De vrouw van Jan Jacobs Verberne is de uit Liessel afkomstige Jenneke Hendricks Hikspoors (zie Stegen 82) en haar vader Hendrick Cornelis Hikspoors. Knecht Antoni is vooralsnog onbekend en de knecht van Jan Jacobs Verberne is Jan Aart Wilbers (zie Keizersdijk 8).

Gezinsleden van de familie Kels worden verhoord met betrekking tot een brand bij Jan Jacobs Verberne:

Asten Rechterlijk Archief 30 folio 44 verso; 22-02-1749:
Verhoor van onder meer Willem Frans Kels, 60 jaar, Magriet Janse van Rut getrouwd met Willem Frans Kels, in de 60 jaar, Francis Willem Kels, 22 jaar en Jenneke Willem Kels, 30 jaar.
Of zij weten dat op maandagmorgen, 13 januari 1749, de schuur van Jan Jacobs Verberne, in de Steegen is afgebrand. Dat ook de schapen verbrand zijn. Dat op zondag, 9 februari jongstleden, om 5 uur in de middag, het huis van Jan Jacobs Verberne, staande naast de afgebrande schuur, is afgebrand?
Magriet Janse van Rut en Jenneke Willem Kels antwoorden bevestigend.
Of zij weten, hetzij van horen zeggen of zien, op welke wijze de schuur en huis in brand geraakt zijn?
Willem Frans Kels heeft gehoord dat de brand aangestoken zou zijn. Hij weet echter niet van wie hij dat gehoord heeft. De anderen weten niets.
Of zij weten dat het huis door een lont is komen af te branden en of een gedeelte van dat lont niet gevonden is in een bedstede, liggende op een plaay van het Camerke, welk stuk lont aan de deponenten vertoond wordt en gevraagd of zij daarvan het blauwe doek of touw kennen, of ooit gezien hebben, maken dragen, leggen?
Geen der deponenten heeft de lont voordien gezien of er iets van gehoord.

Jan Jacobs Verberne heeft turf gestoken op het veld van Willem Francis Kels en wordt gedaagd:

Asten Rechterlijk Archief 24 folio 10 verso; 14-09-1750:
Willem Frans Kels, aanlegger contra Jan Jacob Verberne, gedaagde. Aanlegger zegt dat hij een veld turf, liggende in de Peel, en altijd behoord hebbende tot zijn huis, aan de Hemelsebaan, heeft. Dat dit veld in 1749 door aanlegger nog is beturfd. In dit jaar is het drie dagen door gedaagde gebruikt die daartoe niet bevoegd is. Hij heeft gedaagde laten dagvaarden en het veld door de peelmeesters laten visiteren. Hij verzoekt nu om gedaagde op te leggen het veld niet meer te beturven en dat de weggehaalde turf aan hem zal worden toegewezen.

Een bijzonder voorval in de Stegen te Asten, dat een goed inzicht geeft in de bewoners van dit deel van de Stegen:

Asten Rechterlijk Archief 30 folio 86 verso; 18-02-1757 verhoor van:
1. Willem Frans Kels, 69 jaar, in de Steege
2. Francis Willem Kels, 28 jaar
3. Leendert Lamberts, 36 jaar
4. Jenneke Joosten, getrouwd met Leendert Lamberts, 32 jaar
5. Jacobus van de Cruys, 34 jaar
6. Jenneke Frans Stevens, getrouwd met Dirk Hoebergen, 60 jaar
7. Willem Dirk Hoebergen, 22 jaar.
Of zij weten dat, op maandagavond, 17 januari laatstleden, rond 9 uur, in de koorntas (het opgestapelde koren in de schuur) aan de turfschop van Willem Franse een koolvuur is gevonden?
1. Verklaart dat Joost Peter Hendriks, knecht van Jacobus van de Cruys, bij hem met een koolviers is binnen gekomen waarvan hij zei dat hij dit bij hem, deponent, onder de koorntas had uitgehaald. Deponent is daarop met eenig water naar den tas gegaan en heeft dit over de plaats waar het vuur gelegen had uitgegooid.
2-7. Weten of niets of niet meer dan hiervoor vermeld.
Of zij weten waarvan het vuur vandaan is gekomen en wie het daar gelegd heeft?
1. Verklaart dat niet te weten. Wel dat den volgende dag Gerrit Antoni Vreyns Everts tegen hem zei: "Ik weet niet hoe dat ik wel ben, 't is of ick geck was" en zegt dat hij het vuur aan den tas gelegd had.
2. Heeft horen zeggen van Jan Jacobs Verberne dat Gerrit Antoni Vreyns Everts op de hei bij de schapen een vuur bij zich had.
3-7. Weten niets.
Aan Leen Lamberts en zijn vrouw wordt gevraagd of bij hen, 's avonds den 17 januari niet een kolenvuur is gehaald?
3. Leendert weet niets, want hij was die dag niet thuis.
4. Jenneke weet, dat, op 17 januari, rond een uur, bij haar in huis is geweest Gerrit Antoni Vreyns Everts, wonende als schaapsherder bij Willem Frans Kels, Jan, zoon Jacobs Verberne, en haar zoon, samen hebben zij een koolvuur mede genomen naar het Bottelsheytvelt waar zij de schapen hoedden.
Wordt speciaal, aan Willem Frans Kels, zijn zoon en dochter gevraagd of aan hen, of aan iemand van de hare door de brenger of legger van het vuur, of door een ander voor hem, om vergiffenis is verzocht?
1-2. Weten hier niet van. Een en ander wordt onder eede bevestigd.

Jacobus Losecaat, drossard, remonstreert dat, op 17 januari laatstleden, 's avonds, rond 9 uur, aan of op den koorntas van Willem Franse Kels, in de Steegen, door Joost Peter Hendriks, wonende als knecht bij Jacobus van de Cruys een koolvuur is gevonden, die hetselve daar af genomen heeft en ten huyse van de voornoemde Willem Frans Kels gebragt. Die daarna, waar vuur gelegen heeft, dit heeft uitgegoten. De volgende dag, zijnde de 18e, is de plaats, door remonstrant en eenige van U Eerwaarden, na nauwkeurige visitatie gesien en bevonden dat eventaant stroo van de koorntas gesien kon worden dat er vuur gelegen soude hebben, alsoo eenige strospieren versengt waren. Willem Frans Kels, zijn gezin en de buren, ondervraagd zijnde, hebben aan remonstrant en schepenen geen verklaring kunnen geven hoe, of door wie dat vuur daar gekomen zou kunnen zijn. Remonstrant en schepenen hebben aangenomen dat het vuur door den een of andere quaatdoender, met quaat opset mogte geleyt wesen zodat niet alleen het huis van de voornoemde Willem Frans Kels maar ook van de naburen door het vuur te verteere kon worden. Dit zou ook aan andere in het Dorp kunnen overkomen. Om deze reden is een premie van 50 gulden uitgezet om de legger van het vuur te achterhalen.

Resolutie 24 januari 1757; hieruit is gevolgd dat Gerrit sone Antoni Vreyns Evers, 15 jaar, wonende als schaapsherder bij Willem Frans Kels zelf heeft toegegeven dat het vuur door hem, aldaar, gebragt en geleyt soude sijn en dat hij was als geck en waarvan door de dochter van Willem Frans Kels aan de moeder is kennis gegeven en deze haar zoon uit de dienst is thuis gehaald. Remonstrant keert zich tot U Eerwaarden, verzoekende om de voornoemde Gerrit Antoni Vreyns Evers een decreet van apprehensie en in cas van fugitieffschap met de clausule van edict offwel sodanige provisie van justitie. Als U Eerwaarden in goede justitie zullen oordelen.
Asten Rechterlijk Archief 30 folio 89 verso 19-02-1757; verhoor van:
1. Johanna Kels, 38 jaar
2. Jan Jacobs Verberne, 41 jaar
3. Joost Peter Hendriks, 16 jaar
Of zij weten dat, op maandag, 17 januari laatstleden, rond 9 uur in den avond, een koolvuur is gevonden in den koorntas aan de turfschop van Willem Frans Kels, in de Steege?
1. Ja, het vuur is binnengebracht door Joost Peter Hendriks.
2. Ja, hij is als nabuur geroepen om te komen kijken naar het vuur. Hij heeft de plaats, waar het vuur gelegen heeft, nog gezien.
3. Heeft van het Laerbroeck komende, door de straat gaande aan de schop van Willem Franse, welke open zijnde, daarin enige ligtigheyt zag. Menende dat het vuur of ligthout was, daar naar toe gegaan en zag dat er een koolvuur op den koorntas lag. Dit vuur heeft hij op een turf gelegd en in het huis gebracht. Er was nog geen vlam ontstaan.
Of zij verder nog iets weten?
1. Verklaart dat Gerrit Antoni Vreyns Everts, als scheper, bij hen is wonende, de volgende dag aan haar heeft bekent dat hij een kooltje vuur op de koorntas heeft gelegd, zeggende: "Ik ben geweest of ik gek was". Deponente heeft dit aan haar moeder verteld die hem daarop uit zijn dienst heeft gehaald.
2-3. Weten niets. De eerste twee bevestigen onder eede.

Den drossard, aanlegger contra Gerrit, zoon Antoni Vreyns Evers, 15 jaar. De zaak wordt gesloten gedaagde moet zich beschikbaar houden. Jacobus Losecaat, aanlegger contra Gerrit, zoon Antoni Weyns Evers, gedaagde, namens deze, de toegevoegde curator. Gedaagde zou, op maandag, 17 januari 1757, een koolvuurs in de koorentas aan de turfschop van Willem Franse hebben gelegd. Uit de stukken van Tucht en Aanspraak blijkt dit niet. Zodat gedaagde niet kan worden aangemerkt als een dader van brandstichting. Gedaagde was wanneer het feit gepleegd werd nog geen vijftien jaar oud, zodat, als hij plichtig zou zijn, onder correctie gepardonneerd zou behoren te worden. Gedaagde heeft zig altoos stil en zedig gedragen en waarvan niet als eer en deugt gesproken kan worden. Men zou dus kunnen constateren dat eenige malitie of quade intentie daarvan de oorzaak was. Doch eerder een onoplettentheyt, petulantie of dertelheyt der kinderen. De curatoren vinden de eysch en conclusie van aanlegger onterecht.
Willem Joosten en Jan Janse Coolen, oud borgemeesters, naaste buren van Antoni Vreyns Evers verklaren ter instantie van Antoni voornoemd dat zij Gerrit, de zoon van voornoemde Antoni, altijd gekend hebben en nog kennen als een stille, zedige jongeman, die zich altijd gedragen heeft als men van een kind of jongeling zou wensen. Zij weten er, zo lang hij bij zijn ouders heeft gewoond, niets dan eer en deugd van te zeggen.

Aanlegger zegt dat gedaagde het fait bekend heeft. Het stil en zedig gedrag van gedaagde kan aanlegger niet avoueren. Gedaagde is tot die jaren gekomen dat hij naar rechten voor "doli capax" (in staat tot boos opzet) gehouden moet worden.

Korte deductie: Gedaagde heeft, op 17-01-1757, een koolvyers gehaald en dit aan zijn slipperpin gestoken. Er zijn nog verhoren van Willem Frans Kels en Johanna Kels, waaruit blijkt dat gedaagde aan hen heeft bekend dat hij het vuur ter plaatse had gelegd. Gedaagde wendt maar voor op die niet wel bij sijn sinnen, off gek geweest te sijn, of dat hij het zich niet meer herinneren kan. Dat hij zich in zijn verantwoording en confrontatie met onwaarheden heeft getracht te behelpen. Is nog een verwijzing naar hun Hooge Mogendheden Placaat van 4 juni 1657 betreffende de minderjarigheid. Aanlegger blijft er bij dat de strafbare feiten voldoende bewezen zijn.

Memorie namens de curatoren onder andere hieruit blijkt dat er nog verklaringen zijn van Leendert Lambers, Jacobus van de Cruys, Jenneke Tonis Stevens getrouwd met Dirk Hoebergen en Willem Dirk Hoebergen en welke verklaringen overeen zouden komen met die van Willem Frans Kels en Francis Willem Kels dat Joost, zoon Peter Hendriks een koolvuur bij hun deponenten in huis heeft gebracht. Gedaagde kan zich van geen kwaad bewust geweest zijn. Hij zou anders toch niet, in het huis waar de brand te verwachten was, naar bed gegaan zijn. Zij verwachten dat de rechtbank geen bezwaar zal maken om den eis en conclusie van aanlegger af te slaan. De gedaagde te absolveren en eiser te condemneren in de kosten van deze zaak.

De bewoningslijst over de periode 1736-1756 laat de overgang van het huis van Gerit van Riet naar Francis Willem Kels zien, waarbij zijn vader Willem Frans Kels de bewoner is:

Jaar Eigenaar nummer 19 Steegen Bewoners nummer 19 Steegen
1736 Gerit van Riet Hendrick Janssen
1741 Francis Willem Kels Willem Kels
1746 Francis Willem Kels Willem Kels
1751 Francis Willem Kels Willem Kels
1756 Francis Willem Kels Willem Kels

Margareta Jansen Verryt is op 25-10-1759 te Asten overleden en Willem Kels is op 11-01-1760 te Asten overleden en daarna wordt hun erfenis verdeeld:

Asten Rechterlijk Archief 121 folio 166; 27-06-1761:
Jenneke, dochter Willem Kels, meerderjarig, Geertruy, dochter Willem Kels, weduwe Goort Peter Jan Aarts, Hendrien, dochter Willem Kels, weduwe Jacob van de Cruys, Francis Willem Kels en Anna Maria, dochter Willem Kels allen wonende in de Steegen. Kinderen en erven van Willem Frans Kels en Magriet Janse van Ruth, beiden overleden. Zij verdelen de nagelaten goederen:
1e lot krijgt Geertruy, weduwe Goort Peter Jan Aarts de helft van schuur en aangelag 1 lopense, ene zijde en einde Hendrik Walraven, andere zijde weduwe Jacobus van de Cruys, andere einde de gemeente.
2e lot krijgt Hendrien Kels, weduwe Jacob van de Cruys huis en aangelag met de helft van de schuur tot de schuurheert samen 1 lopense, ene zijde Peter Verreyt, andere zijde het 1e lot, ene einde de gemeente.
3e lot krijgen Jenneke Willem Kels, Francis Willem Kels en Anna Maria Willem Kels land het Keske 1 lopense, ene zijde Aart Driessen, andere zijde Jan Walraven; groes het Eyntje 3 copse, ene zijde Aart Driessen, andere zijde Mattijs van Bussel. Verponding ƒ 0-13-0 per jaar; bede ƒ 0-05-0 per jaar. En omdat der condividenten vader in 1738 heeft gekocht een huis land en groes waarop hun ouders het laatst gewoond hebben en waar nu de ontvangers van dit lot nog in wonen. Al deze goederen zijn toen aangevest en getransporteert aan Francis Willem Kels, de dato 27-12-1738. Deze goederen zouden anders aan alle condividenten gekomen zijn. Francis Willem Kels zegt toe in deze, zijn twee zusters, Jenneke en Anna Maria, daarvoor te zullen laten instaan of wel te dezer zake voldoen en tevreden stellen, zoals hij zijn twee zusters, Hendrien en Geertruy met deze scheiding en deling ook gedaan heeft. Zij gaan dan ook zonder nog verdere rechten te hebben uit de boedel.

In de verpondingen van 1737 staat het huis al op naam van Francis als zoon van Willem Frans Kels:

Verpondingen 1737 XIV-61 folio 199 verso:
Gerrit van Riet. Aan Francis soene Willem Frans Kels.
Huijs, hoff en aangelagh in de Stegen 1 lopense.

Zoon Francis Willem Kels maakt als jongeman nog een voorval mee, waarvan hier nog een meer gedetailleerde beschrijving:

Asten Rechterlijk Archief 119 folio 169; 04-08-1747:
Maria Wilbert van Maarhees, getrouwd met Nicolaas Neerven verklaart ter instantie van Antoni La Forme, drossard te Deurne. Dat zij, comparante, op sondagmiddag, ontrent tusschen een en twee uuren, sijnde geweest de 23e juli laatstleden, is gegaan van haar huysinge, alwaar is woonende, de straat door, genaamt de Steege, en vervolgens in deselve straat gekoomen sijnde tegenover bij de huysinge en erve van Jan Jacobs Verberne, woonende aan het eynde van de Steege, dat alsdoen den hont van voornoemde Jan Jacobs Verberne en de hont van Willem Frans Kels haar, deponente, seer aanviele en naloopte en den jonge van Jan Jacobs Verberne en andere jongens de voorschreven honde hitste en aansette, waarover sij, comparante, in woorden raakte met de jongens voornoemd en koomende bij de knegt van Jan Jacobs Verberne, genaamt Jan Aart Wilbers, seggende waarom hitse en hij seyde: "Ik hitse niet", waarop deponente den voornoemde Jan Aart Wilbers met een hout sloeg op sijn rug en denselve haar met sijn hant wederom sloeg aan haar hooft en soo van hem scheyde en dat vervolgens Hendrik Cornelis, woonende te Lieszel, die alhier een dogter getrouwt heeft met Jan Jacobs Verberne voornoemd tegens de comparante seyde: "Maakt U hier vandaan met U hoeregat", seggende sij, comparante: "Ik ben soo min een hoer als gij en het is goet dat gij geen hoere hebt". Waarop hij, Hendrik Cornelis een swaar eent hout opnam en haar, deponente, daarmede op den regterarm sloeg en voor den tweede maal op haar hooft dat ter aarde nederviel en seer bloeyde en daardoor een gat tersijde het hooft aan de regterkant bequaam en op de aarde alsoo leggende, heeft sij, deponente, alnog een slag op haare rug van de voornoemde Hendrik Cornelis bekoome sonder eenige off meerdere woorden off verschil met hem gehadt te hebben. Hebbende sij, comparante, alsdoen opgestaan en gegaan na den chirurgijn Souve die na de quetsuure agt daage lang heeft koome sien, alsoo van die quetsuure niet uyt kon gaan en aan haar huys koome verbinden en waarvan nog niet van geneesen is.

Francis Willem Kels koopt land op van zijn zuster Henrica:

Asten Rechterlijk Archief 98 folio 17 verso; 12-01-1761:
Hendrien Kels weduwe Jacob van de Cruys en haar vier onmondige kinderen, Agnees, Elisabet, Jan en Jennemie verkoopt, om de schulden ten laste van die verkochte goederen te betalen, aan Francis Kels land het Eeusel 3 lopense naast Dirk Hoebergen. Belast met ƒ 0-11-4 per jaar aan het Huis van Asten. Verponding ƒ 1-5-0 per jaar. Koopsom ƒ 18,-.

Francis Willem Kels is ongehuwd op 22-01-1763 te Asten overleden en daarna verdelen zijn vier zusters de erfenis:

Asten Rechterlijk Archief 164 folio 29; 26-02-1763:
Taxatie van de onroerende goederen van Francis Kels, overleden 22-01-1763. Anna Maria Willem Kels is mede-erfgenaam. Waarde:
Huis, hof en aangelag 1 lopense, ene zijde Dirk Hoebergen andere zijde en einde Jan Jacob Verberne, ene einde de straat, ƒ 150,00.
Land, groes en hei, ƒ 379,00.
Totale waarde onroerende goederen ƒ 529-00-00.
De goederen zijn belast met ƒ 1-02-8 per jaar cijns aan de Heren van Asten, in kapitaal ƒ 27-16-04.
Resterend ƒ 501-03-12.
20e penning bedraagt ƒ 25-1-4.

Asten Rechterlijk Archief 155; 19-12-1763:
Hendrien Kels, weduwe Jacobus van de Kruys, Geertruy Kels, weduwe Goort Jan Aarts, Annemie Kels en Catarina Kels allen wonende in de Steegen, zusters en erven van Francis Willem Kels. Zij verkopen enige gereede goederen, een paard ƒ 37,- ,vier koeien ƒ 53,-, 37 schapen ƒ 58,-, drie karren ƒ 19,-, stro ƒ 1-02-0 per vijm, ƒ 23,- hooi ƒ 0-10-0 per 100 pond ƒ 16,-. Totale opbrengst ƒ 295,-.

Asten Rechterlijk Archief 122 folio 49 verso; 31-12-1763:
Hendrien Kels, weduwe Jacobus van de Cruys, Geertruy Kels, weduwe Goort Jan Aarts, Jenneke Kels alsmede Anna Maria Kels. Gezusters en erfgenamen van wijlen Francis Willem Kels, wonende in de Steegen. Hen is aangekomen 1⁄3e deel van de nabeschreven goederen die hun broeder bij zijn overlijden heeft nagelaten. De overige 2⁄3e delen zijn aan Jenneke en Anna Maria Kels toebehorende deling de dato 27-06-1761. Zij verdelen de van Francis Willem Kels aangekomen goederen:
1e lot krijgt Hendrien ene helft van akker en groesveld, geheel 9 lopense.
2e lot krijgt Geertruy andere helft van akker en groesveld, geheel 9 lopense.
3e lot krijgen Jenneke en Annemie de twee overige delen in de goederen van hun broeder en met hun 2⁄3e delen in dezelfde goederen komt hen nu voor het geheel in eigendom een huis, schuur, stal, hof en aangelag 1 lopense, ene zijde Dirk Hobergen, andere zijde Jan Jacobs Verberne.

In de bewoningslijst is te zien dat het huis na het overlijden van Francis Willem Kels in handen komt van zijn zussen Johanna en Anna Maria, die het tot 1772 aan derden verhuren:

Jaar Eigenaar nummer 19 Steegen Bewoners nummer 19 Steegen
1761 Francis Willem Kels Francis Willem Kels
1766 Jenneke en Anna Maria Kels Antoni Amijs
1771 Jenneke en Anna Maria Kels Francis Verreijt
1776 Jenneke en Anna Maria Kels Dirk Verdonschot en Jan van Kessel
1781 Jenneke en Anna Maria Kels Dirk Verdonschot en Jan van Kessel

Voor die tijd woonden zij waarschijnlijk in Someren en vergaten wel eens de verponding te betalen:

Asten Rechterlijk Archief 123 folio 19; 27-05-1769:
Gerrit van Riet, vorster, neemt, namens Philip de Rooy, collecteur der bede, 17-09-1766 tot 16-09-1767, en van de ordinaire landsverponding, 1767, in arrest de vaste goederen van Jenneke en Anna Maria Kels tot verhaal van een somme van ƒ 10-06-06 wegens onbetaalde verponding.

Anna Maria Kels is geboren te Asten op 24-10-1729 en op 17-06-1770 te Someren getrouwd met Theodorus (Dirk) Jan Verdonschot, geboren te Someren op 13-12-1724 als zoon van Joannes Theodorus Verdonschot en Maria Lammers Verheijen.

04

Het gezin van Anna Maria Kels en Theodorus (Dirk) Jan Verdonschot:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Johanna Maria Someren 06-07-1771 Ongehuwd Asten 07-05-1807
2 Wilhelmus Asten 25-09-1774 Asten 27-01-1799
Hendrina Hendrik Timmermans
Asten 29-07-1850 zie Emmastraat 8

Uit de boedel van Jenneke en Anna Maria Kels wordt land verkocht en een schuld genoemd:

Asten Rechterlijk Archief 99 folio 206 verso; 30-05-1772:
Dirk Jan Verdonschot getrouwd met Anna Maria Kels, in de Steegen en Jenneke Kels. Zij verkopen aan Jan Aart Zeegers land Keskesacker 1 lopense naast Aart Driessen.

Asten Rechterlijk Archief 25 folio 35; 05-06-1780:
Den drost, aanlegger contra Dirk Verdonschot getrouwd met Maria Kels en Jenneke Kels gedaagden. Nog te betalen aan oude lasten ƒ 6-15-00. 

Asten Rechterlijk Archief 101 folio 94 verso; 06-11-1784:
Dirk Verdonschot getrouwd met Anna Maria Kels en Jenneke Kels. Zij verkopen aan Adriaan Keyzers de achterste helft in een groesveld de Kievitshoek geheel 2 1⁄2 lopense naast Gerrit Verberne. Koopsom ƒ 15,-.

Johanna Kels draagt haar deel in het huis over aan Anna Maria Kels met als borg de zorg voor haar gedurende de rest van haar leven:

Asten Rechterlijk Archief 165 folio 95 verso; 02-03-1791:
Taxatie van de onroerende goederen van Jenneke en Anna Maria Kels welke heden, bij donatie worden overgedragen aan Leendert van Riet, president. Waarde hei en groes de Engelen beemt in de Steegen ƒ 5,-. Breed, 20 voet lang tot aan het groesveld den Engelenbeemt van Leendert van Riet.

Dirk Verdonschot, getrouwd met Annemie Kels en Jenneke Kels. Zij transporteren bij donatie aan Leendert van Riet, president schepen heide en groes den Engelsen Beemt in de Steegen breed 20 voet. lang tot aan het groesveld van de verkrijger, ter langst over de Horst. Recht van overpad blijft.

Jenneke Kels verkoopt aan haar zuster, Annamaria Kels de onverdeelde helft in huis, hof en aangelag in de Stegen geheel 1 lopense; land de voorste Bundert 1 lopense; land de voorste Akker 2 lopense; land de grooten Akker 3 lopense; land den agtersten Bundert 2 lopense; land Campenberg 1½ lopense; groes en land in een Heytvelt 1½ lopense; groes Natveltje 1 lopense; groes twee percelen 3 lopense; hooiveld en groes in de Engelse Beemden 6 lopense; groes de Kievitshoek ½ lopense; groes den Hoek 3 lopense. Alles tussen de bekende reengenoten. Anna Maria Kels bezit reeds de andere helft. Belast met ƒ 0-1-4 per jaar aan de Kerk van Asten, ƒ 0-5-8 per jaar aan het Huis van Asten. Koopsom ƒ 100,-.

Dirk Verdonschot, getrouwd met Anna Maria Kels neemt aan en op zich om Jenneke Kels, zijn vrouws zuster, bij hem inwonende, gedurende haar verdere leven te onderhouden in kost, drank, kleding en reeding, ziekte en gezondheid en na haar dood een begrafenis naar haar staat te bezorgen. Dit in voldoening van de, op heden, aan zijn vrouw overgedragen goederen. Indien echter, hij comparant, zijn vrouw of hun kinderen met voornoemde niet overeen kunnen komen en het Jenneke niet geluste daar langer te blijven dan zal het aan haar vrijstaan te vertrekken en een andere woning of kosthuis te zoeken. In dat geval zal hij, comparant, aan zijn schoonzuster voldoen ƒ 20,- per jaar gedurende haar verdere leven.

Johanna Kels is op 01-06-1796 te Asten overleden en in de bewoningslijst staat Dirk Verdonschot dan als eigenaar en bewoner:

Jaar Eigenaar nummer 19 Steegen Bewoners nummer 19 Steegen
1798 Dirk Verdonschot Dirk Verdonschot
1803 Dirck Verdonschot Dirck Verdonschot

Theodorus Janssen Verdonschot is op 19-11-1806 te Asten overleden en in de verpondingen van 1810 staat Anna Maria Kels als eigenaar van het huis genoemd:

Verpondingen 1810 XIVd-67 Steegen folio 86 verso:
Weduwe Dirk Verdonschot en 2 kinderen bij versterf 1806. Anna Maria Kels bij transport 02-03-1791. Jenneke en Anna Maria Kels.
Nummer 19 huijs, hof en aangelag 1 lopense.

Anna Maria Kels is op 18-03-1820 te Asten overleden en was daarmee de laatste bewoner met de naam Kels in Noord Brabant. Hieronder de overlijdensakte van Anna Maria Kels, waarbij haar zoon Willem en buurman Piet Brunas (zie Stegen 80) aangifte doen:

05

Zoon Willem Dirk Verdonschot is geboren te Asten op 25-09-1774 en op 12-01-1799 te Asten getrouwd met Hendrina Hendrik Timmermans, geboren te Asten op 15-07-1773 als dochter van Henricus Dirk Timmermans en Maria Lammers Verheijen (zie Laarbroek 4). Zij hadden voor zover bekend samen geen kinderen en Willem Dirk Verdonschot verkoopt na het overlijden van zijn moeder het huis door aan Jan Pieter van Dijk:

Notarieel Archief Asten 43-97; 14-12-1820:
Willem Dirk Verdonschot verkoopt aan Jan Pieter Martens van Dijk een huis en aangelag in de Steegen, groot 1 lopen 48 roede, ene zijde Jan Brunas.

Willem Dirk Verdonschot en Hendrina Hendrik Timmermans verhuizen naar het dorp (zie Emmastraat 8). Bij het kadaster over de periode 1811-1832 staat Johannes Pieter van Dijk als eigenaar bekend:

Kadaster 1811-1832; C348:
Huis en erf, groot 06 roede 20 el, noordoostelijke Stegen, klassen 8.
Eigenaar: Johannis Piet van Dijk.

Hieronder der kadasterkaart van Asten van 1832 met in de blauwe cirkel het betreffende huis en daaronder de bijbehorende kadastrale gegevens:

06

07

Johannes Petrus van Dijck is geboren te Asten op 11-09-1771 als zoon van Peter Martens van Dijck en Elisabeth Aart Slegers (zie Dijkstraat 54). Hij is op 03-02-1805 te Asten getrouwd met Johanna Maria Judoci Koppens, geboren te Asten op 04-03-1775 als dochter van Judocus Peter Kuppens en Johanna Maria Dries Peters (zie Dijkstraat 52):

08

Het gezin van Johannes Petrus van Dijck en Johanna Maria Judoci Koppens:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Johanna Maria Asten 07-01-1807 Asten 20-02-1829
Laurens van Dijk
Asten 26-03-1836

Johannes Petrus van Dijck is op 11-07-1830 te Asten overleden en Johanna Maria Judoci Koppens is op 26-07-1830 te Asten overleden.

Dochter Joanna Maria van Dijck is geboren te Asten op 07-01-1807 is op 20-02-1829 te Asten getrouwd met Laurens van Dijk, geboren te Asten op 22-01-1796 als zoon van Johannes van Dijk en Catharina Jelissen. Na het overlijden van Joanna Maria van Dijck op 26-03-1836 te Asten is Laurens van Dijk op 16-02-1838 te Asten hertrouwd met Francisca Kolen, geboren op 19-05-1801 te Asten als dochter van Joost Peter Kolen en Joanna Berkers.

De gezinnen van Laurens van Dijk met Joanna Maria van Dijk en met Francisca Kolen:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Johannes Asten 27-01-1830 Vlierden 06-02-1863
Hendrica van Gogh
Asten 18-02-1867
Antonia Verheijen
Asten 10-04-1888
2 Joannes Asten 19-10-1832 Ongehuwd Deurne 05-03-1908 Liefdehuis
3 Jacobus Asten 08-12-1834 Asten 09-02-1871
Elisabeth van Asten
Asten 21-10-1911 zie Voormalig huis C436
4 Laurens* Asten 09-08-1839 Deurne 29-01-1875
Allegonda Maria Manders
Deurne 23-06-1894 Haageind
5 Joseph* Asten 03-04-1841 Kind Asten 06-04-1841

* kinderen uit het tweede huwelijk

Laurens van Dijk is op 30-12-1859 te Asten overleden en hieronder zijn overlijdensakte:

In het bevolkingsregister van Asten over de periode 1859-1879 komen we Francisca Koolen met haar kinderen nog tegen als woonachtig op huizingnummer C35:

09

Na het overlijden van Francisca Koolen op 16-09-1864 te Asten, woont vanaf 1867 zoon en eigenaar Johannes van Dijk, geboren te Asten op 27-01-1830, in het huis met dan huizingnummer C37. Hij is op 06-02-1863 te Vlierden getrouwd met Hendrica van Gogh, geboren te Asten op 02-03-1825 als dochter van Jan van Gogh en Elisabeth Jacobs. Na haar overlijden op 12-04-1865 te Asten is hij op 18-02-1867 te Asten hertrouwd met Antonia Verheijen, geboren te Asten op 17-04-1830 als dochter van Antonie Verheijen en Anna Maria Welten (zie Oostappensedijk 66). Volgens het bevolkingsregister van Asten over de periode 1879-1890 vertrekken Johannes van Dijk en zijn gezin in 1882 naar Someren en later woont Antonia Verheijen in het dorp (zie Driehoekstraat 14). In de Provinciale Noordbrabantsche en 's Hertogenbossche courant van 26-11-1881 verkoopt Jan van Dijk zijn vee, goederen en inboedel:

10

Het huis met huizingnummer C37 wordt daarna vanuit de Leensel (zie Leensel 5) gekocht en bewoond door Francis van de Vorst, geboren te Lierop op 27-06-1833 als zoon van Joannes van de Vorst en Petronella van Rijt. Hij is op 06-02-1863 te Asten getrouwd met Hendrina Vlemminx, geboren te Asten op 04-10-1827 als dochter van Peter Vlemmix en Joanna van de Goor (zie Voormalig huis B700):

11

Ook over de periodes 1890-1900 en 1900-1910 wonen Francis van de Vorst en Hendrina Vlemminx nog met hun gezin in het huis met huizingnummer C33. Francis van de Vorst is op 26-08-1901 te Asten overleden en Hendrina Vlemminx is op 15-07-1902 te Asten overleden.

 

Rechts staat in de Volksstem van 22-10-1902 de mededeling dat het huis van de kinderen van Francis van de Vorst is afgebrand.

 

Zij verkopen in de krant de Zuid-Willemsvaart van 04-10-1902 en de Limburger Koerier van 13-02-1906 vee en vertrekken in 1906 uit het huis:

12

13

Het huis is onder hetzelfde kadasternummer herbouwd door Petrus Johannes Hamilton (zie Koningsplein 8) en rond 1907 verkocht aan Jacobus Mutsers (zie Stegen 72) door beiden verhuurd aan derden. Dochter van de vorige eigenaar Johanna van de Vorst, geboren te Asten op 09-01-1864, is op 03-05-1905 te Asten getrouwd met Johannes Meeuws en zonder nageslacht op 09-11-1918 te Someren overleden.

Zoon Piet van de Vorst, geboren te Asten op 16-08-1869, woont eerst in bij zijn zus in Someren en vertrekt in 1908 naar Aarle Rixtel. In 1915 keert hij weer terug in Someren om in 1921 als meesterknecht in Oirschot te gaan werken. Daar krijgt hij nog een bekeuring van 5 gulden aan zijn broek die hij zonder succes aanvecht, zoals linksonder te zien is. Van daaruit vertrekt hij in 1925 naar het Sint Joseph klooster in Spekholzerheide. Uiteindelijk is hij in Venray terecht gekomen en is ongehuwd op 15-08-1942 aldaar overleden. Rechtsonder in de krant de Zuid-Willemsvaart van 22-10-1943 een herhaalde oproep aan zijn erfgenamen om de erfenis te komen innen.

Daarna wordt het huis verhuurd aan Henricus van de Berkmortel, geboren te Deurne op 15-07-1877 als zoon van Jan Mattijs van den Berkmortel en Johanna Maria Joosten. Hij is op 18-02-1905 te Deurne getrouwd met Johanna Kuijpers, geboren te Deurne op 09-10-1880 als dochter van Pieter Kuijpers en Francina van den Berkmortel. Zij verhuizen rond 1912 naar C26 (zie Stegen 64) en het huis met dan volgens het bevolkingsregister van Asten over de periode 1910-1920 het huizingnummer C29 wordt dan bewoond door Johannes Zegers. Johannes Zegers is geboren te Asten op 30-01-1860 als zoon van Hendrikus Zegers en Antonia Bukkems (zie Voormalig huis G1462). Hij is op 19-02-1892 te Asten getrouwd met Francisca Hurkmans, geboren te Someren op 15-01-1867 als dochter van Joannes Hurkmans en Antonetta Wijnen:

14

Johannes Zegers en Francisca Hurkmans verhuizen rond 1923 naar het dorp en het huis wordt daarna bewoond door Joannes Hubertus van Horne, geboren te Roggel op 14-02-1873 als zoon van Andries van Horne en Anna Maria Houben. Hij is op 08-04-1904 te Roggel getrouwd met Elisabeth Meusen, geboren te Roggel op 20-02-1873 als dochter van Jan Meusen en Lucia Peeters. In het bevolkingsregister van Asten over de periode 1920-1930 wonen zij op huizingnummer C15, ook wel bekend staand als Stegen 24:

15

De familie van Horne verhuist in 1931 naar Someren en op basis van de geboorteregisters in de krant de Zuid-Willemsvaart van 10-12-1938 en van 01-05-1941 van dochters Maria en Josepha, maken we op dat dit de familie Mutsers-Hikspoors is:

16 17

Volgens de kadastrale legger is het huis inderdaad overgegaan naar Johannes Mutsers, geboren te Asten op 07-08-1900 als zoon van de vorige eigenaar Jacobus Mutsers en Maria Josepha Mennen (zie Stegen 72). Hij is op 28-04-1931 te Someren getrouwd met Maria Elisabeth Hikspoors, geboren te Someren op 21-08-1901 als dochter van Joannes Antonius Hikspoors en Petronella de Haan. Over de periode 1930-1938 wonen Johannes Mutsers en Maria Elisabeth Hikspoors met hun gezin op Stegen 24:

18

Maria Elisabeth Hikspoors is op 22-01-1970 te Asten overleden en Johannes Mutsers is te Asten op 12-03-1982 overleden. Hieronder de bidprentjes bij hun overlijden:

19 20

De monumentenbeschrijving van heemkundekring De Vonder geeft nog andere bewoners aan:

Object: Stegen 76, tot 15-01-1964 Stegen 24
Bouwhistorie: Particuliere bouw van boerderij, bouwjaar circa 1860, verbouwing 1976
Gebruikshistorie: Boerderij van circa 1860 tot 1976
Eigenaren/bewoners: Familie van Lierop, Vermeer, Verrijt
Soort woning: Langgevelboerderij

Hieronder een streetview van de boerderij aan de Stegen 76, waarvan de oorspronkelijke boerderij dateert uit 1700:

21

Overzicht bewoners

Hoeve op de Steegen
Jaar Eigenaar Geboorte Hoofdbewoner Geboorte
1610 Andries Reynders van Ruth Asten ±1580 Andries Reynders van Ruth Asten ±1580
1640 Peeter van Ruth Asten ±1610 Peeter van Ruth Asten ±1610
1679 Nicolaas van Ruth Asten 29-10-1643 Nicolaas van Ruth Asten 29-10-1643
1724 Gerit van Riet Asten 02-11-1697
Steegen huis 19
Jaar Eigenaar Geboorte Hoofdbewoner Geboorte
1736 Gerit van Riet Asten 02-11-1697 Hendrick Janssen
1741 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725 Willem Kels Asten 25-01-1688
1746 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725 Willem Kels Asten 25-01-1688
1751 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725 Willem Kels Asten 25-01-1688
1756 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725 Willem Kels Asten 25-01-1688
1761 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725 Francis Willem Kels Asten 27-12-1725
1766 Jenneke en Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 Antoni Amijs Vlierden 10-09-1735
1771 Jenneke en Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 Francis Verreijt Asten 09-09-1723
1776 Jenneke en Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 Dirk Verdonschot en Jan van Kessel Someren 13-12-1724
1781 Jenneke en Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 Dirk Verdonschot en Jan van Kessel Someren 13-12-1724
1798 Dirk Verdonschot Someren 13-12-1724 Dirk Verdonschot Someren 13-12-1724
1803 Dirck Verdonschot Someren 13-12-1724 Dirck Verdonschot Someren 13-12-1724
Kadasternummer C348
# Periode Naam eigenaar Geboorte Opmerking Verandering
C348 1832-1871 Johannes Petrus van Dijk Asten 11-09-1771
C348 1871-1881 Johannes van Dijk Asten 27-01-1830
C348 1881-1903 Francis van de Vorst Lierop 27-06-1833
C348 1903-1907 Peter Jan Joseph Hamilton Brussel (B) 14-02-1876
C348 1907-1927 Jacobus Mutsers Asten 10-05-1851
C348 1928-1938 Johannes Mutsers Asten 07-08-1900
Stegen 24
# Periode Naam hoofdbewoner Geboorte Tweede persoon Geboorte Vertrek
1803-1806 Dirck Verdonschot Someren 13-12-1724 Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 19-11-1806
1806-1820 Anna Maria Kels Asten 24-10-1729 weduwe Verdonschot 18-03-1820
1820-1830 Jan Piet van Dijk Asten 11-09-1771 Johanna Maria Koppens Asten 04-03-1775 11-07-1830
1830-1836 Laurens van Dijk Asten 20-01-1796 Johanna Maria van Dijk Asten 07-01-1807 26-03-1836
1836-1859 Laurens van Dijk Asten 20-01-1796 Francijn Kolen Asten 19-05-1801 30-12-1859
C35 1859-1865 Francijn Kolen Asten 19-05-1801 weduwe van Dijk 16-09-1864
C35 1865-1869 Johannes van Dijk Asten 27-01-1830 Antonia Verheijen Asten 17-04-1830
C37 1869-1879 Johannes van Dijk Asten 27-01-1830 Antonia Verheijen Asten 17-04-1830 naar Someren
C37 1879-1890 Francis van de Vorst Lierop 27-06-1833 Hendrina Vlemmix Asten 04-10-1827
C33 1890-1900 Francis van de Vorst Lierop 27-06-1833 Hendrina Vlemmix Asten 04-10-1827
C33 1900-1906 Hendrina Vlemmix Asten 04-10-1827 weduwe van de Vorst naar Asten
C33 1906-1910 Henricus van de Berkmortel Deurne 15-07-1877 Johanna Kuijpers Deurne 19-10-1880 naar C6
C29 1910-1912 Henricus van de Berkmortel Deurne 15-07-1877 Johanna Kuijpers Deurne 19-10-1880
C29 1912-1920 Johannes Zegers Asten 30-01-1860 Francisca Hurkmans Someren 15-01-1867
C15 1920-1928 Johannes Zegers Asten 30-01-1860 Francisca Hurkmans Someren 15-01-1867 naar Asten
C15 1928-1930 Joannes van Horne Roggel 14-02-1873 Elisabeth Meusen Roggel 20-02-1873
24 1930-1931 Joannes van Horne Roggel 14-02-1873 Elisabeth Meusen Roggel 20-02-1873 naar Someren
24 1931-1938 Johannes Mutsers Asten 07-08-1900 Maria Elisabeth Hikspoors Someren 21-08-1901
 

De meest gebruikte referenties staan in de introductie vermeld

Laatst bijgewerkt op 25 november 2022, 19:34:31

XS
SM
MD
LG
XL
Heemhuis, Molenstraat 10, 5711 EW, Someren
Open voor bezoekers op dinsdag van 9 tot 12 uur en op donderdag van 19 tot 21 uur
(0493) 472 423 hkkdevonder@xs4all.nl
Het archeologiehuis is na afspraak open voor bezoekers
Bel hiervoor Jacques van Ooijen op 06-36 14 12 02 of mail gewoonjacques@gmail.com
Printen