De pagina's Wolfsberg, Wolfsberg/Wolfsberg Dorpszijde/Voormalig huis G852 worden nu weergegeven

Bewoningsgeschiedenis

Dit is een deel van de bewoningsgeschiedenis gemaakt op 28-05-2024 10:05:05
Voor de voor het laatst bijgewerkte versie surf je naar https://www.heemkundekringdevonder.nl/bewoningsgeschiedenis

Wolfsberg

De Wolfsberg is een oud gehucht ten zuiden van de dorpskern van Asten dat in de loop der tijd aan de dorpskern is vastgegroeid. Het wordt al in de 15e eeuw genoemd in archiefstukken, waarvan hieronder twee voorbeelden:

Asten Rechterlijk Archief folio 17 verso; 14-10-1464:
Lenart Jan Stoetboems heeft opgedragen aan Jan Wijnricszoon van der Kyevytsvlaessen twee lopens rog jaarlijckse erfpacht op Onze Lieve Vrouwedag te gelden. Deze pacht had Lenart voortijds gekocht van Jan Geldenszoon van Uden en welke men jaarlijcks geldt uit zijn huis, hofstad en hove in de Wolsberch, ene zijde Jan Pauwelszoon, die men heet Scaffelt, andere zijde de straat.

Asten Rechterlijk Archief folio 118 verso; 29-08-1471:
Jan Gheldenszoon van Uden heeft verkocht aan Meys Peterszoon van Weert 3 lopen rog erfpacht uit zijn huis, hofstad ende huef daarbij en aangelegen in de Wolsberch, ene zijde Willem van Pulle, andere zijde de straat. Vrij behalve de cijns en 2 lopen rog erfpacht.

Ook de Bergweg, de huidige verbindingsweg van de Wolfsberg met Voordeldonk is onderdeel van de Wolfsberg en ligt ook in beide buurtschappen. Voor 1900 had deze weg de naam Langhstraet (ook wel Langestraet of Langstraet genoemd) en komt als zodanig ook voor in oude archieven:

Asten Rechterlijk Archief 55 folio 4; 03-02-1473:
Henric Art Hannenzoon heeft opgedragen (6 jaar lang) aan Jan Henric Moelendickzoon was een stuk land aan gheen Langestraet, ene zijde Pouwel Verbeersdonck, andere zijde Heyn Kersmeker. Te weten om 4 peters die Jan voerschreven aan Henrick geleend had en om 8 lopens rog die Jan jaarlijks op Onze Lieve Vrouwedag betalen zal aan Henrick en om een voeder torfs tsiaers eens te leveren ende met vorwarden toe ghedaen soe wanneer dat Henric voerschreven coempt ten eynde van den ses jaren ende reyckt Jannen voerschreven weder en ut sijn vyer peters dan sal Henric wederom sijn hant slaen aen ende erfve ende nyet eer ende dat gheloeven dese voerschrevene malckander te hauden ende te volleysten ende te voldoen.

In de 17e eeuw woonden er families die later de naam Voermans, van de Loverbosch en van Weert aannamen. Daarnaast waren er twee hoeven in eigendom van de Heren van Asten, die door lokale boeren werden beheerd. De oudste hoeve met de naam 'Hulterman' of later hoeve 'de Wolfsberg' wordt al in vroege 17e-eeuwse documenten genoemd en de familie Slaats en diens nazaten boerden er van 1733 tot 1874. De andere hoeve met de naam 'de Polder' liggende op de grens met Heusden, wordt eind 17e eeuw in gebruik genomen en van 1716 tot 1902 heeft de familie Kerkers er gewoond.

Over de naam Wolfsberg, die op veel plaatsen in Nederland voorkomt, doen twee verklaringen de ronde. De ene verklaring heeft te maken met het dier wolf en is het een toponiem van een heuvel waar wolven voorkwamen. De andere verklaring heeft betrekking op het feit dat op die plaats een galg gestaan heeft en dat de wolf een onderdeel is van die galg. De verhalen worden het best toegelicht in twee krantenartikelen in de Provinciale Noordbrabantsche en 's Hertogenbossche courant van 18-11-1933 en van 04-02-1933:

01

02

In oudere akten uit de 15e tot de 17e eeuw zien we dat ook de naam Wolsberch of Wolsberg wordt gebruikt, zoals ook is te lezen uit onderstaande acte1:

03

Bossche Protocollen, 1536, folio 157:
Eerwaerde Heere ende Meester Everardt van Ravensteijn presbytere, Licentiaet in den rechten, Officiael des bisdoms, ende Canonick Graduaet der Cathedrale kercke deser stadt sHertogenbossche, eenen jaerlicke erffelicken chijns van sess gulden, carolus gulden gemeijnlick genoempt, twintich penningen en stuvers gemeijnlick genoempt, off de werde daer voor in anderen goeden gelde ten tijde der betalinge binnen der stadt sHertogenbossche gemeijnlick cours ende loop hebbende, elcken gulden gerekent, ende thien gelijcke stuvers. Te betalen alle jaers erffelick in den hoochtijde van Drije Coningen dach, ende binnen der voorschreven stadt vrij van alle beden ons heeren des hertogs, exactien, subventien, thiende twintichste, honderste, mindere ende meerdere penningen, commeren ende lasten gewoonlijcke, ongewoonlijcke ingestelt, ende alnoch naemaels ingestelt te worddene, egeene lasten uijtgescheijden te leveren ende te vergelden, van ende uijt een stuck ackerlants drije lopensaten Lants off daerontrent begrijpende, gelegen in de parochie van Asten, ter plaetssche genoempt Wolsberch, off Loverbosch, tussen erffenisse der erffgenamen Claes van Heze, aen d'een zijden ende tusschen erffenisse der erffgenamen Diercx van de Hoichten aen d'ander zijden, alnoch van ende uit een stuck ackerlants, twaelff lopensaten lants oft daerontrent begrijpende gelegen inde parochie voorschreven ter plaetsse genoempt aen de dijck, tussen erffenisse Willems van Bussel aen beijde zijden, welcken voorschreven chijns Peeter Geerarts Janss van Woenssel, als man ende momboir van Marijken zijnen huijsvrouwe dochtere wijlen Diercx Schenck, als zijnde dezelve Marijken eenige erffgename van wijlen Peeterken haere eenige sustere, erffelick opgedragen hadde den voorschreven heeren ende meesteren Everarden van Ravensteijn presbitere, licentiaet inde rechten ende canonick graduaet van Sint Jans Evangelisten kercke deser stadt, prout in litteris, wesende vander date den acht ende twintichsten dach der maendt aprilis, int jaer ons heeren duijsent zesshondert ende zesthien, heeft hij wittelick ende erffelick opgedragen ende overgegeven mits desen, Jannen sone wijlen Jans Vrients Artss simul cum dictis litteris, aliis, et jure, ende mit drije jaeren achterstellen van desen chijns verschenen ende onbetaelt staende, ut dicebat et effestucando, gelovende de voorschreven heere opdragere super omnia et habenda ratum servare omnes obligationem et impetitionem ex parte sui deponere testes Absloons ende Doijenbraeck, datum den naestlesten decembris anno xvi-c ende xxiiii-tich.

Voor de naam Wolsberg is tot dusverre geen verklaring te geven en dus worden de bovengenoemde beschrijvingen aangehouden. In de 17e eeuw staan er ongeveer 38 huizen in de Wolfsberg voornamelijk liggend aan de doorgaande weg van Asten naar de Peel, die destijds dichtbij de Wolfsberg lag. De naar schatting 200 bewoners bleven vaak de buurt getrouw en ook de meeste huwelijken vonden tussen de bewoners uit het gehucht plaats. Meestal hadden ze grote gezinnen, waarvan altijd wel enkele kinderen op jonge leeftijd overleden.

Vrijwel iedere bewoner was in die tijd landbouwer en had zijn akker en weiland rondom de Wolfsberg en worden toponiemen genoemd als Loverbosch, den Dungen en Heesakkers. Om het grondgebied uit te breiden werd in die tijd op kleine schaal de Peel ontgonnen en werden de stuifzanden bij de Wolfsberg, 'de Bergen' genaamd, bebost. De hoeven, 'de Hulterman' en 'de Polder', die door de kasteelheren in pacht werden gegeven, hebben daarbij een belangrijke rol gespeeld.

In de loop der tijd onderscheiden we rond 1830 vijf buurten binnen het gehucht Wolfsberg:

  • Kleine Loverbosch, gelegen op de noordoostelijke grens met het gehucht Voordeldonk.
  • Wolfsberg Dorpszijde, gelegen in het Noorden en grenzend aan het dorp Asten inclusief de Wolfsbergsche Beemdstraat en de zijde van de Wolfsbergsche Kerkstraat.
  • Wolfsberg, het deel gelegen in het zuiden en door de kleine Aa begrensd met Heusden inclusief de Wolfsbergsche Kerkstraat.
  • Wolfsbergsche Hoek, gelegen in het oostelijke deel en grenzend aan het gehucht Voordeldonk
  • Wolfsbergsche Heide, gelegen in het zuidoostelijke deel en grenzend aan het gehucht Voordeldonk en Heusden en bevat delen van de Bergweg en Polderweg.

Dit wordt het best weergegeven op de kadasterkaart van 1832 waar de verschillende buurten in het gehucht Wolfsberg zijn weergegeven:

04

Op basis van deze vijf buurten van de Wolfsberg is de bewoningsgeschiedenis ingedeeld en het betreft dan ruim 50 huizen, waarvan de ligging aan de hand van het onderzoek van Theo Meulendijks is vastgesteld. Hieronder is de kaart te zien waarin met zwart de huisnummers voor 1800 vergeleken en aangevuld zijn met de kadasternummers van 1832 in blauw:

05

De gekleurde huizen (groen staat voor cijnsplichtig aan de heer van Asten) betreffen huizen van voor 1800. De witte huizen zijn de nieuwe huizen en omdat huizen minder voor landbouw werden gebruikt, zijn er ook huizen opgedeeld of stallen tot woning omgebouwd. In de registers komen we dan ook steeds meer beroepen als herbergier, wever en timmerman tegen.

De hieronder weergegeven topografische kaarten van de Wolfsberg van 1850, 1900, 1940 en 2010, geven de ontwikkelingen van de Wolfsberg in die periode weer:

06 07
08 09

Uit de kaarten blijkt dat de Wolfsberg altijd een druk bevolkte buurt is geweest, in 1875 is er sprake van meer dan 300 inwoners en tot 1940 zijn de veranderingen nog klein. Pas na de Tweede Wereldoorlog, waarin veel huizen in de Wolfsberg door bombardementen zijn getroffen, zijn de veranderingen groot. Aan de noordzijde is het aan het dorp Asten vastgegroeid en de aanleg van de Heesakkerweg (N609) heeft het gehucht Wolfsberg aan de zuidzijde begrensd.

Die druk bevolkte buurt had ook gevolgen en in de tot in het begin van de 20e eeuw rietgedekte lemen huizen waren vatbaar voor vlammen. Sinds 1858 ligt het gehucht Wolfsberg aan de verbindingsweg van Heeze door de Peel naar Limburg en is er, mede in verband met de ontginningen, sprake van druk verkeer. In de Noord-Brabanter van 15-07-1858 wordt hierover bericht:

10

Toentertijd was bijna de helft van de huizen herberg en er braken door overmatig drankgebruik geregeld gevechten uit. Ook zijn er de nodige tafelpartijen, meestal om een beëindigde liefde, die nog tot in de 20e eeuw hebben plaatsgevonden en waarbij de marechaussee nog regelmatig aan te pas moest komen. De Peel- en Kempenbode van 19-12-1894 bericht over een gevecht en het Eindhovensch Dagblad van 22-10-1918 over een tafelpartij:

11 12

Door de aanleg van de weg veranderden ook de beroepen van de bewoners en we zien dan ook dat smederijen, timmerwerkplaatsen, weverijen, bakkerijen en slagerijen hun plek in de Wolfsberg vinden en ook dat beroepen als klompenmaker, schoenmaker, koopman, voerman en dakdekker hun ingang vinden.

Het kon er ook stil zijn zoals onderstaand sfeerbeeld van Asten bij mist in de krant de Zuid-Willemsvaart van 29-11-1902:

13

'Cuppes meule' lag op de grens van het dorp met de Wolfsberg en 'Bet Saert' (Elisabeth van Schaijk) en 'Peer Boerkamps' (Peter Boerekamps) woonden destijds op de Wolfsbergsche Kerkstraat. Naast die Wolfsbergsche Kerkstraat hadden de straten in de Wolfsberg nog meer namen; de doorgaande weg van Asten naar Heusden heette de WolfsbergscheStraat, de weg tussen de Wolfsbergsche Kerkstraat en de Wolfsbergse Straat heette de Wolfsbergsche Beemdstraat, de weg naar de Logten de Wolfsbergsche Molenweg, de weg naar Voordeldonk had als naam de Langhstraet en de weg naar hoeve de Polder werd de Groote Peelweg genoemd.

In de Zuid-Willemsvaart van 05-07-1929 heeft de gemeenteraad van Asten besloten om deze straten van een nieuwe naam en adres te voorzien:

14

Met die huisnummers van 1929 is het nog één stap naar de huidige situatie en dat is de hernummering en die vond rond 1960 plaats. Elk adres in de Wolfsberg met bebouwing uit de 18e eeuw of ouder kent dus vijf nummergevingen:

  • huisnummer uit de tijd van het huizenquohier van 1736-1803
  • kadasternummer uit 1832 en een mogelijk vervolg daarop uit de kadastrale legger
  • huizingnummers uit het bevolkingsregister die elke 10 jaar wijzigden
  • adres bij de vaststelling van de nieuwe straatnamen in 1929
  • rond 1960 aangepast adres, dat veelal overeenkomt met het huidige adres

Op de onderstaande kaart uit 2018 is de huidige situatie weergegeven en zijn de huizen gebouwd tussen 1850 en 1900 groen omcirkeld en die tussen 1900 en 1940 oranje omcirkeld:

15

Wat is er nu nog overgebleven van die dichtbevolkte buurt met die rietgedekte huizen en soms veel rumoer en dan weer de stilte. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft de Wolfsberg flink geleden door zowel Duitse als geallieerde bombardementen. Hieronder een foto van Engelse militairen gelegerd in de buurt van de Wolfsberg in oktober 1944:

15a

Als we eerlijk zijn is er vooral in de laatste jaren veel verdwenen en opgeofferd aan de vooruitgang. Toch zijn er nog sporen te vinden van het oude Wolfsberg en met deze bewoningsgeschiedenis kunnen we dit terugvinden. De Wolfsberg kent nog ruim 30 vooroorlogse woningen, waarvan er 5 uit de 19e eeuw stammen. Een pentekening van Jacob Wilhelm van Helden, gemaakt rond 1910, laat de boerderijen op het Wolfsbergsche hoekje zien:

16

Hieronder een kaart uit het einde van de 19e eeuw van de Wolfsberg, waarvan de straat door de Wolfsberg de Wolfsbergsche Straat wordt genoemd, de weg naar de kerk toe heet de Wolfsbergsche Kerkstraat, de weg naar de Logten noemde men de Wolfsbergsche Molenstraat, de weg naar Voordeldonk de Langhstraet en de weg naar hoeve de Polder de Groote Peelweg:

17

Overzicht van de huizenquohiernummers, kadasternummers en huizingnummers per gehucht:

Gehucht Huizenquohiernummer Kadasternummer 1832 Huizingnummer Huidige adres 2023
Kleine Loverbosch Wolfsberg huis 12 3 cijfers, begint met G8 2 cijfers, begint met D1 of D2 Wolfsberg oneven kleiner dan 25
Wolfsberg Wolfsberg huis 21, 23 tot en met 32 4 cijfers, begint met E10 2 cijfers, begint met D2, D3 of D4 Wolfsberg even groter dan 50 en Kerkstraat even groter dan 66
Wolfsberg Dorpszijde Wolfsberg huis 13 tot en met 20, 22 3 cijfers, begint met G8 2 cijfers, begint met D1, D2 of D3 Wolfsberg even tussen 8 en 26, Houtstraat en Kerstraat 47
Wolfbergsche Heide Wolfsberg huis 7, 8, 9 en 33* 4 cijfers, begint met E10** 1 cijfer, begint met D, 2 cijfers met D1, D3 of D4 Polderweg en Bergweg 16
Wolfsbergsche Hoek Wolfsberg huis 5, 6, 10 en 11 4 cijfers, begint met C13 1 cijfer, begint met D, 2 cijfers met D1 Wolfsberg oneven groter dan 25

*  hoeve de Polder is Heusden huis 42
** hoeve de Hulterman en de Polder, 3 cijfers, begint met E8

Referenties
  1. ^ Bossche Protocollen (http://denboschpubliek.hosting.deventit.net)

Voormalig huis G852

Dit betreft een uit rond 1680 daterend huis in eigendom van Thomas Janssen Hoefnaegels, geboren te Someren op 03-12-1654 als zoon van Joannes Godefridus Wouter Hoefnaegels en Angela Joannes Thomas Baeckermans (zie Koningsplein 10). Hij is op 14-06-1676 te Someren getrouwd met Anna Pauwels Verschueren, geboren te Someren op 17-06-1656 als dochter van Paulus Aert Verschueren en Handerske Hendricx Verdonk.

Valid contraxerunt matrimonio Thomas Janssen et Anna Pouwels; testes Joanna Judoci et Petrus Jacobs.

Geldig huwelijkscontract tussen Thomas Janssen en Anna Pouwels; getuigen Joanna Judoci en Petrus Jacobs.

01

Het gezin van Thomas Janssen Hoefnaegels en Anna Pauwels Verschueren:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Gerardus Asten 18-12-1679
2 Aldegondis Asten 19-03-1682 Asten 05-02-1713
Cornelis Lammers
Asten 28-12-1762 zie Voormalig huis C1319
3 Paulus Asten 18-06-1684 Asten 30-01-1708
Gertrudis Fransen Voermans
Asten 27-01-1722
Henrica Jansen van Heugten
Asten 28-11-1727 zie Voormalig huis G854
en Voormalig huis G857
4 Godefridus Asten 18-06-1687 Ongehuwd Asten 24-02-1706
5 Henricus Asten 03-03-1690 Deurne 08-02-1711
Petronella Jansen Peeters
Deurne ±1728 zie Voormalig huis E1039
6 Angela Asten 01-10-1692 Ongehuwd Asten 29-05-1731
7 Johannes Asten 02-10-1695 Asten 07-03-1734
Elisabeth Jan Plenders
Asten 06-01-1761
8 Gijsbertus Asten 08-09-1698
9 Franciscus Asten 19-02-1700 Ongehuwd Asten 15-11-1721

Bij de verpondingen van 1709 staat het huis op naam van Thomas Hoefnagels en bij die van 1713 wordt het onmondige kind van Paulus Hoefnagels (zie Voormalig huis G845) genoemd:

Verpondingen 1709 XII-4 folio21:
Thomas Hoefnagels, van sijn andere post.

Verpondingen 1713 XIV-60 folio 79:
Het onmondigh kint van Paulus Hoefnagels.

Thomas Hoefnagels had een herberg in de Wolfsberg en brouwde zijn eigen bier, waarvoor hij hier wordt bestraft wegens het niet aangeven:

Asten Rechterlijk Archief 113 folio 61; 03-02-1713:
Schepenen van Asten certificeren mits deze dat zij, op 19 januari 1713, met Peeter van der Lith, secretaris en Johan van Riet, vorster, namens het officie, zijn geweest ten huize van Thomas Hoefnagel, in de Wolfsbergh, en dat aan zijn vrouw gevraagd is ofte sij eenige bieren ofte drancken in hadden, vermits zij hadden laten brouwen. Deze heeft hierop geantwoord: "Dat leyt in de kelder". Waarop wij de kelder gevisiteerd hebben en bevonden, dat het waren twee tonnen bier en een halve hetgeen noch so jonck was dat de seste overgonck ende daerboven op lach. En omdat dit bier niet was aengebracht zoals de collecteur, Jan van Riet, ons verklaarde en gebleken is uit diens aantekeningen is Thomas Hoefnagel, door de vorster, wegens het onbehoorlijck inslaen van het voorschreven bier gecalangeert. Waarop de vrouw van Thomas Hoefnagel antwoordde: "Mijn out bier is afgelevert en dit jonge bier mij door een ander ingeleyt, mach ick mijn huys niet verhuyren"? Wij verklaren echter 't jonck bier gevonden te hebben zoals het in de kelder stond.
Vervolgens zijn wij geweest, met de ondervorster, naar Goort Paulus, in de Steegen, en diens kelder gevisiteerd en daar bevonden ingeslaegen te sijn 1½ tonne bier tgene, als voor, jonck gebrouwen was. Omdat collecteur, Jan van Riet, ons verklaarde dat er maer drie kinnekens bier aengebracht waeren, heeft hij, als vorster, mits de absentie van Goort Paulus, diens vrouw becalangeert.

Anna Pauwels Verschueren is op 24-03-1728 te Asten overleden en Thomas Hoefnagels is te Asten op 23-04-1731 overleden. Als dochter Angela Hoefnagels komt te overlijden wordt een taxatie van de nog onverdeelde goederen gemaakt:

Asten Rechterlijk Archief 162 verso; 04-07-1731:
Taxatie van de onroerende goederen van Engel Hoefnagels overleden 30-05-1731. Jan Tomas Hoefnagels legt de verklaring af omtrent de goederen, 1⁄5e deel in waarde:
het oude huis, hof en aangelag en het nieuwe huis en hofke in de Wolfsbergh 10 lopense, ene zijde en einde de straat, andere zijde Dries Peeters en de weduwe Jan Plenders, andere einde Peter Teunis en anderen ƒ 50,-
land Heesacker 5 lopense ƒ 15,-
land in de Rey 4½ lopense ƒ 15,-
land de Witteman 2 lopense ƒ 8,-
land de Sneyerskamp 2 lopense ƒ 8,-
groes het Hoyvelt 10 lopense ƒ 20,-
groes Jan Bosmansvelt 3½ lopense ƒ 8,-
groes het Venneke 1 lopense ƒ 4,-

Een half jaar later worden de goederen verdeeld en komt het huis in bezit van Johannes Thomas Hoefnagels:

Asten Rechterlijk Archief 116 folio 262; 21-11-1731:
Jan Tomas Hoefnaegels, Cornelis Lammers man van Gonda Hoefnaegels, Haaris Janssen van Heughten van weduwnaar Paulus Hoefnaegels geassisteerd met Peeter Voermans, wettige momboir van de onmondige kinderen, Peternel Jan Eymerts weduwe van Hendrik Hoefnaegels geassisteerd met Eymert Jan Goossens, wettige momboir over de onmondige kinderen, Arnoldus Aart Tielen Nomen Uxoris voor Antonet Hoefnaegels, voor dochter van Paulus Hoefnaegels. Zij maken een deling van de nagelaten goederen van wijlen Thomas Hoefnaegels en Anneken Verschuyren, hun ouders gelegen in de Wolfsberg.
1e blinde lot krijgt Jan Thomas Hoefnaegels het oud huis met den hert, de kamer en ¼e deel van de hofstad naast het huis, ene zijde weduwe Paulus Hoefnaegels; land in de Rey 5 lopense belast met
ƒ 1-12-0 per jaar cijns aan de Heer van Asten; de helft van een hooiveld belast met ƒ 4-10-12 per jaar in de ordinaire verponding en ƒ 1-03-04 per jaar in de beden.
2e blinde lot krijgt de weduwe Paulus Hoefnaegels en voor ¼e deel hierin Arnoldus Aart Tielen Nomen Uxoris den eren en de schuur van het oude huis en ¼e deel van de hofstad achter het huis, ene zijde Jan Hoefnaegels, andere zijde Cornelis Lammers, ene einde Jan Janssen van Dijck, andere einde de straat; land 4 lopense; het halve hooiveld 4 lopense. Verponding: ƒ 4-10-12 per jaar. Beden
ƒ 1-03-06 per jaar.
3e blinde lot krijgt de weduwe Hendrick Hoefnaegels den hert van het nieuwe huis met de kamer en ¼e deel van de hofstad, ene zijde de straat, andere zijde weduwe Paulus Hoefnaegels, ene einde Peeter Voermans, andere einde de straat; groes Jan Bosmansvelt 4 lopense; groes het Venneke 1 lopense. Belast met ƒ 75,- à 4% aan den Armen van Asten. Verponding ƒ 4-10-12 per jaar. Beden ƒ 1-03-04 per jaar.
4e blinde lot krijgt Cornelis Lammers de schuur en de schop in het nieuwe huis en ¼e deel van de hofstad, ene zijde en andere einde weduwe Hendrick Hoefnaegels, andere zijde Jan Hoefnaegels, ene einde de straat; land den Heesacker 3 lopense; land den Eyck 2 lopense; groes den Scheperskamp 2 lopense; een deel van een groesveld dit deel 3 lopense. Verponding ƒ 4-10-12 per jaar. Beden
ƒ 1-03-06 per jaar.

Er is onenigheid over de verdeling van de betaling van een jaarlijkse betaling van grootvader Johannes Hoefnagels:

Asten Rechterlijk Archief 117 folio 122 verso; 12-08-1735:
Geef Paulus, 80 jaar en Toenis Peters, 80 jaar verklaren ter instantie van Jan Tomas Hoefnaegels, Willem Jan Loomans getrouwd geweest met Engel Wouter Hoefnaegels, weduwe Paulus Tomas Hoefnaegels en Peternella Hendrick Tomas Hoefnaegels dat zij weten dat Jan Hoefnaegels jaarlijks 1⁄3e deel van 22 kannen rogge betaalde aan het Geestelijke comptoir van Hendrick de Kempenaar. Na het overlijden van Jan Hoefnaegels is de rente betaald geworden door Goort Jan Hoefnaegels, zijn zoon. Deze heeft betaald tot zijn overlijden, nu 28 of 29 jaar geleden nalatende zijn vrouw, Catarina Coninx, die hertrouwd is met Cornelis Manders, molder, die de goederen, waaruit 1⁄3e deel van de 22 kannen rogge betaald wordt, tot op heden in zijn bezit heeft. Allegeerende redenen van welwetentheyt dat meedegelders binnen dagh den tweede comparant alleenigh is betaelende ende dat Jan Hoefnaegels aen hem, tweede comparant, geseydt dat het voornoemde part bij hem soude komen afhaelen en naer dood van den voornoemde Jan desselfs soon Goort daerinne gecontinueert. Oock hadde den voornoemde Manders aen hem geseydt dat het geene soude geven wat in de voornoemde 22 kannen te goede hadde. Sonder oyt iets te gelden ofte betaelen.

Asten Rechterlijk Archief 117 folio 123; 15-08-1735:
Alzo questie en verschil was ontstaan tussen Cornelis Manders als weduwnaar van Catarina Coninx weduwe Goort Janssen Hoefnaegels en alzo bezitter van de erfelijke goederen van Goort Jan Hoefnaegels ter eenre en Willem Jan Loomans getrouwd geweest met Engel Wouter Hoefnaegels, Cornelis Lammers getrouwd met Gonda Tomas Hoefnaegels, Jan Tomas Hoefnaegels als momboir over de onmondige kinderen van Paulus Thomas Hoefnaegels, Joost Hoefnaegels zij mede voor de verdere erfgenamen van Jan en Wouter Hoefnaegels, allen representanten van Jan Goort Hoefnaegels den ouden ter andere zijde.
Over en terzake van de betaling van 1⁄3e deel van 22 kannen rogge per jaar uit een meerdere pacht van 11 vat rogge per jaar te betalen aan Hendrik de Kempenaar, rentmeester, te 's Hertogenbosch waarover de tweede comparanten aangesproken zijn.
Er wordt nu een accoord gemaakt. De eerste comparant zal gehouden zijn, zoals hij verplicht is geweest, uit de goederen van Goort Jansen Hoefnaegels, hem aangekomen bij scheiding en deling der goederen met de kinderen van Goort Jan Hoefnaegels de dato 03-03-1724 het voorschreven 1⁄3e deel van 22 kannen rogge per jaar te betalen. Dit zal zodanig moeten gebeuren dat de tweede comparanten daarvan kost- en schadeloos blijven. Hij zal ook de gemaakte kosten van deurwaarder Hoogelinder, schepenen, secretaris en drossard betalen.
De tweede comparanten zullen ter verlichting van de voorschreven kosten aan de eerste comparant betalen ƒ 13,-. Deze zijn meteen betaald.

Van zowel Johannes Thomas Hoefnagels als zijn echtgenote Elisabeth Jan Plenders komen goederen en ook haar afkomst wordt hier verder onderzocht.

De goederen van Johannes Baens Plenders zijn afkomstig van zijn schoonouders Franciscus Marcelis Berckers, geboren te Asten rond 1636 als zoon van Marcelis Claes Berckers en Maria Jansen Vervoordeldonck (zie Voordeldonk 73). Hij is op 02-02-1664 te Asten getrouwd met Engelberta Fransen Philipsen, geboren te Asten op 24-10-1643 als dochter van Franciscus Philipsen en Elisabeth Joosten (zie Voormalig huis G854):

Anno 1664, 2 Februarij, Frans Marcelis et Engel Fransen, testes Frans Peters et Meester Wilbert drossaerd.

2 februari, Frans Marcelis en Engel Fransen, getuigen Frans Peters en Meester Wilbert drossaerd.

02

Het gezin van Franciscus Marcelis Berckers en Engelberta Fransen Philipsen:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Aleke Asten 12-03-1665 Asten 01-06-1698
Johannes Baens Plenders
Asten 31-01-1740
2 Lysbeth Asten 20-11-1667 Asten 23-10-1712
Laurentius Meusen
Asten 08-04-1733 **
zie Voormalig huis C1315
3 Maria Asten 26-09-1670 Asten 12-02-1708
Wouter Peters Driessen
Asten ±1710 zie Voormalig huis C1318*
4 Heylke Asten 15-06-1674 Asten 06-10-1709
Andreas Peters
Asten 11-11-1711 zie Voormalig huis C1315
5 Marcelis Asten 09-09-1678 Asten 04-02-1714
Heylken Martens
Asten 04-04-1737 **

* zij hadden een zoon Johannes Wouters, geboren te Asten op 09-12-1708
** uit onderstaand archiefstuk kunnen we opmaken dat Lysbeth Frans Berckers spinster was en haar broer Marcelis Frans Berckers knecht was bij Francis van de Loverbosch:

Asten Rechterlijk Archief 150; 05-07-1734:
Rekening, bewijs en reliqua van Pieter de Cort, drost en Pieter van de Vorst, schepen, als aangestelde curatoren, namens de gemeente Asten, over de geabandonneerde boedel van wijlen Ida weduwe Francis Jan van de Loverbosch over de periode 17-10-1729 tot 05-07-1734. Als crediteuren hebben zich gemeld: Lijske Frans Berckers, spinster ƒ 2-09-08; Marcelis Berckers, knecht voor 3 jaar ƒ 48-00-00.

Als Engelberta Fransen Philipsen ziek wordt maken zij op de Wolfsberg hun testament op:

Asten Rechterlijk Archief 112 folio 107; 02-05-1711:
Frans Marcelis Berckers en Engeltie Frans Philipsen, zijn vrouw, in de Wolfsbergh, testeren. Hij cloeck ende gesont, zij ziek. Alle voorgaande maeckselen vervallen. Zij prelegateren aan Marcelis Frans Berckers, hun zoon het peert met de karre met het getuygh tot het peert ende karre gehoorende met dien verstande dat Marcelis dan bij zijn vader moet blijven wonen. Hij zal een en ander pas genieten als zijn ouders zijn overleden. Huis, land en groes en verder al hun overige goederen gaan naar de langstlevende van hen beide om daarmee te handelen naar vrije keuze. Na overlijden van de langstlevende gaan de dan overblijvende goederen naar hun vijf kinderen met name Aleke, Elisabet, Maria, Heylke, en Marcelis onder conditie dat het kindsdeel van Maria, getrouwd met Wouter Peters gaat naar de kinderen van Wouter Peters en Maria Frans Marcelis Berckers.

Franciscus Marcelis Berckers is op 16-01-1713 te Asten overleden en er wordt een proces gevoerd tegen zoon Marcelis Fransse Berkers over geld dat hij in het leger zou hebben geleend:

Asten Rechterlijk Archief 13 folio 41; 08-01-1714:
Gerit Jansse Hoefnagels en Willem Geven van Weert, namens Hendrina Clemans, zijn vrouw, aanleggers contra weduwe Engel Fransse Berker, namens Marcelis Fransse Berkers, haar zoon, gedaagde. Aanleggers willen voldoening van ƒ 10,- wegens de in 1710 int leger aen gedaaghden in sijnen noot geavanceert ende ter goeder trouwe geleent.

Engelberta Fransen Philipsen is op 19-10-1715 te Asten overleden. Hieronder de overlijdensakte van Franciscus Marcelis Berckers:

03

Dochter Aldegonda Francis Berckers is geboren te Asten op 12-03-1665 en te Asten op 01-06-1698 getrouwd met Johannes Baens Plenders, geboren te Coesfeld (D) rond 1668 als zoon van Splenter.

04

Het gezin van Johannes Plenders en Aldegonda Francis Berkers:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Franciscus Asten 26-11-1699 Asten 27-02-1729
Johanna Francisci Kels
Asten 02-08-1750
Catharina Tyssen van Hoof
Asten 02-02-1762 zie Voormalig huis G845 en Voormalig huis G853
2 Maria Asten ±1702 Ongehuwd Asten 07-12-1763
3 Elisabeth Asten 18-04-1705 Asten 26-11-1724
Petrus Fransen
Asten 07-03-1734
Johannes Thomas Hoefnagels
Asten 23-10-1756

Johannes Plenders erft een deel van een huis op de Wolfsberg van zijn schoonouders:

Asten Rechterlijk Archief 114 folio 137 verso; 11-01-1716:
Marcelis Frans Berkers, Jan Plenders getrouwd met Alegonde Frans Berkers, Elisabet Frans Berkers, Peeter Driesse als grootvader en geëde momboir van het onmondige kind van Wouter Peeters en wijlen Mary Frans Berkers, Andries Peeters getrouwd geweest Hijlke Frans Berkers als vaderlijk voogd en Marcelis Marcelis Berkers als geëde momboir over de twee onmondige kinderen van Hijlke voorschreven en kindskinderen van Frans Berkers en Engeltje Franssen. Zij verdelen de nagelaten goederen, door het trekken van blinde loten.
5e lot krijgt Jan Plenders het agterste van het huis, zijnde den eren met stal en de achterste halve schop en de voorste helft van de hofstad 6 roede, ene zijde en einde weduwe Teunis Franssen, andere zijde Marcelis Berkers; de helft van den Heilige Geestacker 1 lopense; land de Loverbosch 7 copse; groes de achterste helft van den Bienderen de helft is 7 copse. Belast met de helft van ƒ 2-11-12 per jaar en de helft van 15 stuiver per jaar aan rentmeester des Tombes.

Johannes Baens Plenders is op 02-01-1722 te Asten overleden en Aldegonda Francis Berkers wordt eigenaar van het huis:

Asten Rechterlijk Archief 94 folio 1 verso; 07-04-1733:
Lijske Frans Berckers, geassisteerd met Marcelis Berckers, haar broeder, verkoopt aan Aleke weduwe van Jan Plenders, haar zuster de helft van huis, schop en hof in de Wolfsberg 1 copse. Zoals in bewoning bij de koopster; land de Groenacker 1 lopense; land den Dungen 1 lopense; land den Koolacker 1 copse; land de Heilige Geestacker 1 lopense; land de Loverbosch 1 copse; groes Thijs Botters 1 lopense; groes de Bunder 1 lopense. Belast met ƒ 0-6-8 per jaar in een meerdere rente aan de Kempenaer. Koopsom ƒ 50,-. Lasten ƒ 9,37½.

Bij de verpondingen van 1737 en in het huizenquohier over de periode 1736-1741 is Aldegonda Francis Berkers als weduwe van Johannes Plenders eigenaar en bewoner van het huis:

Verpondingen 1737 XIV-61 folio 172:
Weduwe Jan Plenders.
Huijs, hoff en aangelagh 1 lopense. In de bede ƒ 2-1-4.

Jaar Eigenaar nummer 18 Wolfsberg Bewoners nummer 18 Wolfsberg
1736 weduwe Jan Plenders weduwe Jan Plenders
1741 kinderen Jan Plenders Francis Plenders

Aldegonda Francis Berkers is op 31-01-1740 te Asten overleden en het huis komt op naam van de kinderen. In 1742 wordt de erfenis verdeeld en krijgt Johannes Thomas Hoefnagels als man van Elisabeth Jan Plenders een deel van het huis:

Asten Rechterlijk Archief 118 folio 302; 12-10-1742:
Francis Jan Plenders, Maria Jan Plenders, Jan Tomas Hoefnagels man van Elisabet Jan Plenders. Kinderen en erven van wijlen Jan Plenders en Aalke Frans Berkers gewoond hebbende aan de Wolfsberg. Zij verdelen de nagelaten goederen.
1e lot krijgt Jan Hoefnagels den heert of voorste gedeelte van het huis met de grond, tot aan de neere grenzend aan de schuur van Maria Jan Plenders. Groes het Tijs Bootersgroes 7 copse; 1⁄3e deel van een stuk groes en land den Berg; de helft van de Heilige Geestacker geheel 2 lopense; land in de Loverbosch 3 copse; 1⁄3e deel van den hoff nevens het huys; land den Coolacker ½ lopense. Belast met ƒ 0-15-0 per jaar aan rentmeester de Kempenaar van het Gemene Land. Verponding ƒ 1-14-14 per jaar. Bede ƒ 0-13-12 per jaar.

Dochter Elisabeth Jan Plenders is geboren te Asten op 18-04-1705 en op 26-11-1724 te Asten getrouwd met Petrus Francen Werckmans, geboren te Nederweert op 18-01-1701 als zoon van Franciscus Werckmans en Helena Beijers. Na zijn overlijden te Asten op 25-03-1727 is Elisabeth Jan Plenders op 07-03-1734 te Asten hertrouwd met Johannes Thomas Hoefnagels, geboren te Asten op 02-10-1695:

05

De gezinnen van Elisabeth Jan Plenders met Petrus Francen Werckmans en met Johannes Thomas Hoefnagels:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Johanna Maria Asten 15-06-1726 Asten 27-06-1745
Philips Joost van Heugten
Asten 18-10-1747 **

*  het tweede huwelijk kende voor zover bekend geen kinderen
** zoon Joost, geboren te Asten op 02-03-1746, wordt snel wees als ook zijn vader te Asten op 01-11-1747 aan dysenterie komt te overlijden.

Voor haar tweede huwelijk moet Elisabeth Jan Plenders een staat en inventaris opmaken, echter zij woont nog in bij haar moeder en heeft geen bezittingen:

Asten Rechterlijk Archief 117 folio 70; 05-03-1734:
Elske Jan Plenders, weduwe Peter Fransen verklaart dat zij bij het overlijden van haar man bij haar moeder woonde en nog woont en alzo geen eigen goederen bezit. Zij kan derhalve geen staat en inventaris maken voor haar onmondige kind. Zij wil hertrouwen met Jan Thomas Hoefnagels.

In het huizenquohier over de periode 1746-1756 is Johannes Thomas Hoefnagels eigenaar en deels bewoner van het huis, terwijl hij het meestentijds verhuurt:

Jaar Eigenaar nummer 18 Wolfsberg Bewoners nummer 18 Wolfsberg
1746 Jan Tomas Hoefnagels Jan Tomas Hoefnagels
1751 Jan Tomas Hoefnagels Leendert de Louw
1756 Jan Tomas Hoefnagels Paulus Verkuijlen

Het gezin van bewoner Paulus Gerrit Vercuijlen is elders beschreven (zie Voormalig huis G845). Paulus Gerrit Vercuijlen spant een proces aan vanwege een onbetaalde rekening:

Asten Rechterlijk Archief 24 folio 13a; 20-12-1751:
Paulus Verkuylen, aanlegger contra de weduwe Jan Antonis de Smit, gedaagde. Aanlegger heeft een rekening van ƒ 8-9-0 ten laste van gedaagde wegens arbeidsloon en smitswerk. Specificatie is bijgevoegd. Gedaagde zal bewijzen dat zij niets schuldig is. Op 14-03-1752 komt gedaagde met getuigen bewijzen dat zij betaald heeft. 

Paulus Gerrit Vercuijlen is op 26-08-1767 te Asten overleden en zijn vrouw Anna Jansen de Zeeger is als Anna Pauli Verkuylen op 19-01-1777 te Asten overleden. Hieronder hun doodakten:

Eigenaar Jan Thomas Hoefnagels wordt vrijgesteld van het betalen van de rente op een schuld, omdat hij zijn stiefkleinzoon heeft onderhouden:

Asten Rechterlijk Archief 97 folio 94 verso; 13-03-1756:
Jan Tomas Hoefnagels is schuldig aan Joost Philipse van Hugten, sinds circa tien jaar ƒ 145,- à 4½% met dien verstande dat met de momboiren, Jan Jelis van Hugten en Francis Plenders is afgesproken dat Jan Tomas Hoefnagels de voornoemde Joost enige jaren heeft opgevoed en het nodige bezorgd, zijnde zijn vrouw, de grootmoeder van Joost en deze verder zal onderhouden in kost, kleren, ziekte en gezondheid, alsmede laten leren zoals hij tot nu toe heeft gedaan en zo lang dat zal duren om die redenen geen intrest betaald hoeft te worden.

Kleinzoon Joost Philipse van Heugten van Elisabeth Jan Plenders erft dit huis:

Asten Rechterlijk Archief 121 folio 2; 17-02-1757:
Jan Tomas Hoefnagels weduwnaar en voor de helft erfgenaam van Elske Jan Plenders en Jan Jelis van Hugten en Francis Plenders als momboiren over Joost, onmondige zoon van Philips Jooste van Hugten, zijnde de voornoemd. Elske Jan Plenders, grootmoeder van Joost Philipse van Hugten, omdat de moeder van de onmondige een dochter was van Elske Jan Plenders en Joost dus ook voor de helft mede-erfgenaam is van zijn grootmoeder. Zij maken een scheiding en deling van de onroerende goederen die Jan Tomas en zijn overleden vrouw bezeten hebben.
2e blinde lot Joost Philipse van Hugten een huis, tot de neere zoals in bewoning bij Paulus Verkuylen en de grootmoeder is aangekomen bij deling de dato 12-10-1742; den hoff agter het huis 1 roede; de achterste helft van de Reyenacker deze helft is 2 lopense; de achterste helft van den Heesacker deze helft is 1½ lopense; een klein akkertje in de Reyen 3 copse; land de Loverbosch 3 copse; de helft van een groesveld en land den Berg 1 copse; de voorste helft voor het Hoyvelt de helft is 2 lopense; de voorste helft van Tijs Bottersvelt de helft is 1 lopense; de achterste helft van het Vrouwkesvelt de helft is 1 lopense; de schuur aan het huis van Jan Thomas Hoefnagels met de grond tot aan de neere met de weg in het rond en de helft van het aangelag deze helft is 1 copse. Belast met ƒ 0-15-0 per jaar aan rentmeester de Kempenaar van het Gemene Land; de helft van 13 duyten per jaar aan de Heren van Asten cijnsboek folio 176. Verponding ƒ 4-11-4 per jaar. Bede ƒ 1-06-0 per jaar. Nog te ontvangen van het 1e lot van Jan Thomas Hoefnagels ƒ 120,-.

De cijnzenlijst over 1709-1761 geeft een goede samenvatting van de bewoningsgeschiedenis:

Asten Cijnzen 1709-1761 bladzijde 176 folio 34 verso:
Joost Flipse van Hugte bij koop 1761 de helft en de helft bij deijling. Dus voor heele chijns.
Jan Tomas Hoefnagels voor de helft en Joost onmondig kint van Joost Philipse de wederhelft bij deijling Asten 17 Februarij 1757.
Jan Tomas Hoefnagels bij deijlinge tot Asten gepasseert 1732.
Jan en Allegonde Tomas Hoefnagels en de 7 kinderen van Hendrick Hoefnagels en 3 kinderen van Paulus Hoefnagels bij versterff 1732.
Tomas Hoeffnagels uyt huijs, hoff ende aengelegen erffve, groot ontrent acht lopenen onder Asten ter plaetse de Wolfsbergen gelegen, ene zijde Mevrouwe van Asten, andere zijde de weduwe Geerit Janssen, ene einde de gemeene straete, andere einde Lambert Franssen. II ½ d.
Den selven uyt de selve panden. quarta pars pul.

Johannes Thomas Hoefnagels is te Asten op 06-01-1761 overleden.

Stiefdochter Johanna Maria Fransen is geboren te Asten op 15-06-1726 en op 27-06-1745 te Asten getrouwd met Philips Joost van Heugten, geboren te Asten op 19-09-1722 als zoon van Judocus Philipsen van Heugten en Petronella Gerardi Berckers (zie Rinkveld 5):

06

Het gezin van Johanna Maria Fransen en Philips Joost van Heugten:

# Voornaam Geboorte Huwelijk Overlijden Referentie
1 Judocus Asten 02-03-1746 Asten 20-11-1768
Maria Joannis Verberne
Asten 30-07-1832 zie ook Voormalig huis G857

Johanna Maria Fransen is op 18-10-1747 te Asten overleden en Philips Joost van Heugten is te Asten op 01-11-1747 overleden. In het huizenquohier over de periode 1761-1766 is Joost van Heugten eigenaar van het huis en zijn neef Francis Plenders is bewoner. In 1766 is het huis afgebroken:

Jaar Eigenaar nummer 18 Wolfsberg Bewoners nummer 18 Wolfsberg
1761 Joost van Hugten Francis Plenders, de jonge
1766 is afgebrooke

Maria Jan Plenders is op 07-12-1763 te Asten overleden en haar kleinzoon Joost van Heugten erft alles:

Asten Rechterlijk Archief 122 folio 46 verso; 07-12-1763:
Maria Jan Plenders, in de Wolfsberg, ziek, testeert. Alle voorgaande makingen vervallen. Haar enige erfgenaam wordt, Joost soone Philips Joosten van Hugten, haar neef.

Bij het kadaster van Asten over de periode 1811-1832 staat het bouwland op naam van Joost van Heugten:

Kadaster 1811-1832; G852:
Bouwland, groot 01 roede 68 el, dorps Wolfsberg.
Eigenaar: Joost van Heugten.

07

08

Het bouwland moet hebben gelegen tussen de huidige adressen Wolfsberg 42 en Wolfsberg 44.

Overzicht bewoners

Hoeve op Wolfsberg
Jaar Eigenaar Geboorte Hoofdbewoner Geboorte
1680 Thomas Janssen Hoefnaegels Someren 03-12-1654 Thomas Janssen Hoefnaegels Someren 03-12-1654
1731 Johannes Baens Plenders Coesfeld ±1668 Johannes Baens Plenders Coesfeld ±1668
Wolfsberg huis 18
Jaar Eigenaar Geboorte Hoofdbewoner Geboorte
1736 weduwe Jan Plenders Asten 12-03-1665 weduwe Jan Plenders Asten 12-03-1665
1741 kinderen Jan Plenders Asten 26-11-1699 Francis Plenders Asten 26-11-1699
1746 Jan Tomas Hoefnagels Asten 02-10-1695 Jan Tomas Hoefnagels Asten 02-10-1695
1751 Jan Tomas Hoefnagels Asten 02-10-1695 Leendert de Louw
1756 Jan Tomas Hoefnagels Asten 02-10-1695 Paulus Verkuijlen Asten ±1713
1761 Joost van Hugten Asten 02-03-1746 Francis Plenders, de jonge Asten 24-12-1734
1766 is afgebrooke